De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Rondblik buiten de Grenzen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Rondblik buiten de Grenzen

5 minuten leestijd

Zoo oogenschijnlijk gaat er in de diplomatieke nering niet veel meer om. Toen de klanten in den Geneefschen winkel hoogloopende ruzie kregen en zelfs dreigden, den boel stuk te slaan, hebben de kooplustigen een tijdlang getracht ergens anders tot zaken te komen. Men dacht blijkbaar, dat het vooral de op zichzelf toch zeer smaakvolle) omgeving was, die sommige menschen in den Volkenbondswinkel zoo tegenstond. Maar toen men daarna elders, o.a. in Lyon en Brussel, aan 't onderhandelen ging, bleken daar de zaken al niets beter te vlotten. De kwestie was, dat de winkelvoorraad uit Geneve meegenomen moest worden. En daar bevinden zich bepaalde „restanten" onder, die nu eenmaal niet in trek zijn. Men kan het althans niet eens worden over den prijs.
Daar is allereerst het Spaansche goed, waarover, zelfs in deze dagen voor Sinterklaas, de meeningen nogal uiteenloopen. Voorts vormt de afdeeling Koloniale waren een ernstig punt van geschil; Duitschland denkt hier koopjes te kunnen halen, terwijl de eigenaars (of zetbazen) van geen verkoopen weten willen. En dan is er nog de ernstige concurrentie van Japan, die met zijn bokserstaociek allen reëelen handel in de war stuurt.
Er is nog wel meer op te sommen. Maar dit alles zou op zichzelf reeds voldoende zijn om de stilte in de diplomatieke nering te kunnen verklaren. Toch zit men niet bij de pakken neer. "t Kon zelfs wel eens zijn, dat er de laatste weken betere zaken worden gedaan dan een maand, of wat geleden. Nu de winkel gesloten is, gaan de marskramers er op uit. Dat loopt minder in de gaten en heeft het groote voordeel, dat lastige klanten, die elkaar niet uit kunnen staan, niet tegelijkertijd behoeven te worden bediend.
De stemming blijft desondanks gedrukt. De grootste moeilijkheid is op 't oogenblik, dat de menschen erg neringziek zijn ; men kan van elkaar niet zien dat er goede zaken gedaan worden.
Nadat Lord Halifax van zijn veelbesproken bezoek aan Duitschland was teruggekeerd, heeft de Engelsche regeering den Franschen minister-president Chautemps en den minister van buitenlandsche zaken, Delbos, uitgenoodigd om te Londen besprekingen te komen houden. Engeland had ook de Amerikaansche minister, Norman Davis, daar gaarne bij gehad, doch deze kreeg vanuit Washington een wenk om deze uitnoodiging maar liever „om particuliere reden" van de hand te wijzen. Het resultaat van de Brusselsche conferentie, waar ook Norman Davis de Vereenigde Staten vertegenwoordigde, animeert Roosevelt niet om zich opnieuw met de internationale politiek in te laten. Dus zijn nu alleen de Fransche en Engelsche staatslieden aan 't onderhandelen gegaan over de restanten (zie boven) uit de voorloopig afgesloten Volkenbondsperiode. Als we de uitingen in de Fransche pers als maatstaf mogen gebruiken, is Frankrijk nog even weinig als vroeger van zins om ten aanzien van de koloniale eischen van Duitschland een soepele houding aan te nemen. Italië, Duitschland en Japan, hebben er de voorkeur aan gegeven op eigen houtje zaken te doen. En dat leidt er als vanzelf toe dat ook de andere concurrenten steeds meer samenwerking zoeken.
Er Is nu geen Volkenbondswinkel meer, waar men elkaar de waarheid kan zeggen. Maar uit 't bovenstaande blijkt wel, dat de verhoudingen er desondanks niet beter op worden. Het feit, dat Frankrijk nauwer aansluiting bij Engeland zoekt, is op zichzelf al voldoende dat Duitschland en Italië zich teweer stellen. Onder deze omstandigheden wordt elke aanleiding om elkaar dwars te zitten, gretig aangegrepen. De Fransche minister van marine schijnt eind October, aan boord van „Bonaparte" een rede te hebben gehouden, welke een heftigen aanval op Italië inhield. Hoewel de Fransche regeering ontkent dat deze rede gehouden is, is er wel reden om het tegendeel aan te nemen. De Fransche minister zou wat veel „spraakwater" genuttigd hebben en zoo zijn mond voorbij gesproken hebben. Deswege wordt hij door de Italiaansche bladen uitgescholden voor „een ploert", die Italië gaarne bereid is „de hersens in te slaan". Men bedenke, dat de Italiaansche pers onder preventieve controle der regeering staat!
Heeft zijn goede zijde gehad, dat we vorige week maar even nadere berichten over de onrustbarende wapenvondsten in Frankrijk hebben afgewacht. We kunnen namelijk niet aan den indruk ontkomen, dat de eerste publicaties over een dreigenden staatsgreep in Frankrijk een tikje overdreven zijn geweest. De politie zal natuurlijk wel een staatsgevaarlijke royalistische actie op het spoor zijn gekomen, maar of deze zulk een omvang heeft aangenomen, dat „de republikeinsche instemmingen", alleen dank zij het krachtig optreden van de regeering-Chautemps, aan een wissen dood zijn ontsnapt, heusch, het is bijna fantastisch. Het zou in ieder geval niet voor de voortdurende waakzaamheid der Fransche regeering pleiten, indien zulk een actie inderdaad kans had gehad om zich op zoo'n uitgebreide schaal te organiseeren. Dat zal dan ook nog wel nader moeten blijken. Want een dergelijke „verschrikkelijk ernstige'", en goed-bewapende organisatie is niet met één slag opzij te zetten. Maar de Fransche Kamer schijnt van het door de regeering bezworen gevaar nogal onder den indruk te zijn gekomen, en nam met 389 tegen 160 stemmen een motie van vertrouwen aan. Dat heeft de regeering-Chautemps althans aan de gevaarlijke royalisten te danken.
Terwijl de Brusselsche conferentie geopend en gesloten kon worden zonder. Teel beroering te hebben gewekt, is het buitenland plotseling hevig geïnteresseerd bij het optreden van Japan in China. Er komen direct-financieele belangen in het spel. Nu Japan Sjanghai bezet heeft, incasseert het ook de douane-gelden ; althans : China moet die inkomsten derven. Maar die Chineesche douane-inkomsten (in 1936 beliepen ze 117 millioen dollar), moesten dienen als zekerheid voor de door de groote mogendheden, (Engeland, Amerika en Frankrijk) aan China verstrekte leeningen. De geldschieters protesteeren natuurlijk. Maar Japan kan wel tegen een protestje! Men went overal aan.
Memoreeren we tenslotte nog, dat dr. Schacht nu dan toch eindelijk als minister van economische zaken is afgetreden. Hij is nu minister zonder portefeuille. De geruchten dienaangaande werden reeds zoó herhaaldelijk geuit en toegelicht, dat we ons nu wel van commentaar kunnen onthouden.
 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 december 1937

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

Rondblik buiten de Grenzen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 december 1937

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's