De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FINANCIËN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FINANCIËN

7 minuten leestijd

Wat dunkt u, voor welken Vorst zou het hoogste standbeeld worden opgericht ? Wiens naam zou het wijdst worden uitgedragen en wiens roem het breedst uitgemeten ?
Wat dunkt u ?
Wij zullen de tegenstelling u zoo scherp mogelijk teekenen. Hier staan twee machtigen voor u. De een heeft zijn volk voortgeleid langs bestendige wegen van vrede, hij heeft nooit het zwaard met een tegenstander gekruist — de ander heeft zijn volk gevoerd van overwinning tot overwinning ; in zijn hand had het zwaard schier geen rust.
Aan wien van deze twee zoudt ge de voorkeur willen geven ?
'k Geloof dat er tijden zijn geweest, waarin 'het antwoord, zoo niet schoorvoetend, toch pas na eenige aarzeling kon worden verstrekt. Men weifelde. Zou hierin ook wijziging zijn aangebracht ? Wie in een tijd leeft als de onze, waarin het gruwelijke van den huldigen krijg en het twijfelachtige van een overwinning zoo duidelijk aan het licht wordt gesteld, aarzelt dunkt me, schier niemand meer.
Weet ge, wat onze ooren opvingen in de landen, waar de krijg heeft gewoed ? Deze woorden : „laat het mijne oogen nooit meer aanschouwen, dat de kransen werden gevlochten rond de slapen van de terugkeerende krijgers, en laten mijn ooren het nimmermeer beluisteren het trompetgeschal der overwinnende troepen, want die kransen waren roodgekleurd en de fanfares werden daarom zoo hoog ingezet, om de zuchtingen allerwege niet te hooren".
Wat zijn de dagen van vrede en rust dan dragers van onschatbare zegeningen !
Wat is in de gebrokenheid onzer samenleving een samenwonen in eendrachtigen zin een hoogst begeerlijk goed.
Wij kunnen het zoo heel goed verstaan dat in onze rustelooze dagen het voor zich gaarne leent tot klanken als vrede op aarde, in menschen een welbehagen.
Vreemd voor alles wat de Godssprake uitdroeg, geheel onbekend gebleven met den inhoud van de blijde boodschap : God is mensch geworden ; het Woord is vleesch geworden. God heeft Zijn volk bezocht", heeft ieder, die spreekt van vrede op aarde, een gewillig gehoor. Naar vrede hunkert een menschenkind, edoch, den waren vrede leert hij niet kennen dan van de lippen van den gezondene des hemels. Wie de sprake van de lippen van den prediker des heils mag opvangen, gelijk de herders in het veld van Efratha, voor die mag het gelden : „Gij zult het Kindeke vinden, in doeken gewonden, nederliggende in de kribbe"
Voor den Koning in de kribbe neder te knielen. Hem te aanbidden, in Hem vindende alle heil — zou daaruit niet voortspruiten een vrede, die alle verstand te boven gaat ?
Dit geve de Heere ons in| de dagen, die vlak voor ons liggen.
Wij willen u hiermede het overzicht voorleggen van wat in deze dagen bij ons werd afgedragen.
1. Het begin werd dezen keer gemaakt door een onzer vrienden uit D. Hij zond mij 'n postwisseltje van ƒ 4.50. Het abonnementsgeld voor De Waarheidsvriend voor een heel jaar, met een toegift van 50 cent. Uit deze toegift las ik een vriendelijke toevoeging af : „ga door met uw arbeid. Gods zegen ruste rijkelijk hierop" ƒ 4.50
Wij zeggen u zeer vriendelijk dank. 2. Uit onze naaste omgeving krijgen wij voortdurend blijken van waardeering en medeleven.
Uit den collectezak van de Wilhelminakerk alhier kwam weer voor onze fondsen in 10 gld., met 't ons bekende handschrift — al is de gever nog altijd onbekend — voor het Studiefonds „10.—
3. Is dit de eerste gift vanuit eigen gemeente, nog twee volgden de eerste op den voet, n.l. van mej. N. N. van 1O gulden kwam bij ons binnen, waarvan de helft bestemd was voor onze fondsen „ 5.-—
4. Bij deze beide giften van 10 gld. zou het dezen keer nog niet blijven. Een derde kwam zich melden. Ten mijnent werd overgelangd nog eens 10 gld., n.l. van mej. de R. Hiervan was ƒ 2.50 bestemd voor onze fondsen „ 2.50
Voor alle drie ben ik even dankbaar. Gé weet niet, hoe dat ons werk bemoedigt en verlicht.
Gode in de eerste plaats onzen dank.
5. De Penningmeester van de Afd. Zeist zond mij behalve de collecte, gehouden op 28 Oct., waarbij ds. Van Dop van Alkmaar voorging, de contributie voor het afgeloopen jaar.
Wij zeggen hem zeer vriendelijk dank voor de moeite, welke hij zich ook nu weer hiervoor heeft willen getroosten, 't Is in onzen tijd een heele toer om de gelden bijeen te krijgen.
De collecte bracht op na aftrek van de noodzakelijk gemaakte onkosten ƒ 20.69, terwijl de contributie bedroeg ƒ 77.12. Alzoo tezamen „97.81
6. Vanuit Amersfoort werden mij eveneens de contributie-gelden toegezonden. De heer Wisgerhof is jaren achtereen zoo goed geweest deze zaken te verzorgen. Hoe het straks gaan zal, als hij in de Schelluinensche pastorie is gezeten, moet worden afgewacht. Wij zeggen hem intusschen vriendelijk dank voor de zorg, die hij op zich heeft willen nemen gedurende al dezen tijd. De contributie bedroeg „ 46.—
7. Door ds. Pott te Kralingen kreeg ik van de fam. de W. een rijksdaalder voor den Geref. Bond „ 2.50
Onze hartelijke dank hiervoor. 8. Met zeer veel dank maak ik melding van de gift van den heer W. G. te B. voor het lezen van De Waarheidsvriend, zijnde „ 3.50
9. Thans volgen een drietal gehouden collectes. De eerste werd gehouden te Huizen, waarbij als spreker voorging ds. V. d. Boogert van Ridderkerk-Slikkerveer. Deze bracht op „42.74
10. Hierop volgde een collecte te Hoogeveen, waar als spreker optrad voor de Afdeeling ds. Talsma, van Kamperveen. Door allerlei omstandigheden, voornamelijk 't minder gunstige weer, was de opkomst gering en alzoo de collecte niet zooals anders.
Deze bedroeg , 6.91
11. Gelukkig kwam er nog een collecte achteraan. Deze werd gehouden te Harderwijk. Hierbij trad op als spreker ds. Timmer, van Érmelo. De collecte alhier was van dien aard, dat toen deze kwam, de gedachte bij ons rees : deze, met de eerstgenoemde, strijkt de zaken weer vlak. De eene iets meer, de andere iets minder, zoo komt alles weer in orde 41.
Intusschen zeggen wij allen hartelijk dank
12. De Penningmeester van de Evangelisatie „Rehoboth" te Den Hulst zond ons 5 gld., waarvoor ik de vrienden zeer harelijk dank zeg „ 5.—
13. Een tweetal Meisjesvereenigingen zonden ons een bijdrage voor onze fondsen. Eerst kwam vanuit Gorinchem een gift van 5 gld, n.l. van de Meisjesver. „Spreuken 3 : 6" aldaar, waarvoor wij onze groote erkentelijkheid betuigen „ 5.
14. Hierop volgde met dezelfde post vanuit IJsselmuiden een bijdrage van de groote en kleine Meisjesvereeniging aldaar, van ƒ 21.50 voor onze fondsen „21.50
't Is niet de eerste keer, dat wij op deze wijze verrast werden door bovengenoemde Vereenigingen. Wij verblijden ons hier dubbel in, en wel niet het minst hierom, dat de jeugd met ons werk meeleeft.
De Heere zegene ons gezamenlijk werk.
15. De heer J. Bot, te Feijenoord, is blijde, wanneer hij iets aan den Penningmeester mag overmaken. Dit blijkt mij iedere keer. Zoo zond hij mij een gift van de fam. de Z. van 100 halve centen plus de contributie over 1937 van den heer D. O., zijnde ƒ 1.25.
Tezamen is dit „ I.75 ik voor onzen Bond van N.N , 1.— deze mij telkens verleende steun.
16. Door ds. Alers te Dordrecht kreeg ik voor onzen Bond van N.N , 1.—
'k Zeg beiden, gever èn zender, vriendelijk dank.
17. Nog twee posten heb ik deze keer te vermelden, 'k Heb ergens een vriend wonen, die het laatste blaadje van zijn giro mij geregeld toezendt, 'k Lees daar op ditmaal „v. S. H. 10 gld. voor het Studiefonds" „ 10.—
'k Wou gaarne, dat dit voorbeeld navolging mocht vinden.
Intusschen mijn grooten dank.
18. De allerlaatste post heeft voor mij meer dan dubbele waarde, 'k Zal u zeggen waarom. Een onzer oud-alumni zond mij 100 gulden. Dit stemt mij altijd bizonder dankbaar , 100.—
Wat vaker het voorkomt, dat deze post in mijn boeken wordt genoteerd, wat liever het mij is. In 't jaar, dat achter ons ligt, is deze post wel iets achtergebleven bij voorgaande jaren. Vandaar dat ik gaarne deze gelegenheid benut om onze zaken zeer hartelijk aan te bevelen.
Tezamen geteld, kom ik tot een bedrag van
ƒ 406.71
Utrecht.
 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 december 1937

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

FINANCIËN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 december 1937

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's