De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

UIT DE HISTORIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

UIT DE HISTORIE

ALEXANDER COMRIE

5 minuten leestijd

Een Calvinist in een niet- Calvinistische eeuw.
I.

Over het algemeen kan gezegd worden, dat het laatste gedeelte van de 16e en het begin van de 17e eeuw zich kenmerken door een krachtig gereformeerd leven. Niet ten onrechte noemt men dezen tijd „de bloeitijd van het Gereformeerd Protestantisme". Verschillende bekwame theologen hebben in die jaren een principieelen strijd gevoerd voor de handhaving der zuiver Schriftuurlijke beginselen. Met groote kennis van zaken hebben zij allerlei dwalingen en ketterijen bestreden, die het ware leven des geloofs dreigden te verstikken. Wie de worsteling van de geesten dier dagen onbevooroordeeld gadeslaat, zal onder den indruk komen van de kracht, die de kern des volks toen heeft ontplooid ! De Calvinistische levens-en wereldbeschouwing verdrong die van Pausgezinden en Libertijnen. In den grond van de zaak ging het in de periode, die wij op het oog hebben, om het hart van de christelijke religie. Niet om zekere theologische benepenheden werd de strijd ingezet, maar om de souvereiniteit Gods over de wereld in het algemeen, en den mensch in het bijzonder ! Maar het moet — helaas ! — gezegd worden, dat vele zonen ook in dien tijd niet dachten als hun vaders, wat tot gevolg had, dat de heldere stroom van het kerkelijk leven door allerlei vuil al spoedig troebel werd. Allengs verbleekte het kerkelijk bewustzijn. Een geest van individualisme kwam op. En een proces van nivelleering trad in, waardoor vele beginselen, die zich met elkaar niet verdroegen, „gelijkgeschakeld" werden.
Niet zoo heel lang na de Dordtsche Synode van 1618/19 raakte het kerkelijk leven in verval, terwijl ook de beoefening der godzaligheid veel te wenschen ging overlaten. Wel werden er stemmen vernomen van mannen, die tegen de opkomende vervlakking en het insluipend bederf protesteerden, maar zij konden den stroom van den rationalistischen geest niet keeren. Wij noemen hier de namen van Wilh. d Brakel (geb. 1635) en Smijtegelt (geb. 1665).
Onder degenen, die in de theologisch niet gunstig aangeschreven 18de eeuw op de bres hebben gestaan voor de verdediging van de reformatorische principes, moet met eere de man worden genoemd, wiens naam boven dit artikel staat, en over wien wij in deze rubriek enkele schetsen willen geven. Waren a Brakel en Smijtegelt zonder twijfel vrome mannen, — Comrie paarde aan oprechte vroomheid een echt wetenschappelijken zin. Is het eene veel, — het andere is meer !
Alexander Comrie is in Perth, in Schotland, geboren op 16 December 1706. Er doet zich hier het eigenaardig geval voor, dat wij Comrie's geboortedag beter weten dan hij zelf, want zelf verhaalt hij, „in 't jaar 1708 den 16 December O. Stijl" geboren te zijn, wat inderdaad, naar het oordeel van Comrie's levensbeschrijver, op een vergissing van hem zal berusten. 1)
Comrie's vader was oorspronkelijk schrijver, doch daarna Schotsch procureur. Hij was niet bemiddeld en behoorde waarschijnlijk tot de „Evangelische partij". Over Alexander's jeugd weten wij weinig. Wel is bekend, dat hij in godsdienstig opzicht reeds vroeg zeer belangstellend geweest is. Herhaaldelijk heeft hij verkeerd onder de prediking van de gebroeders Erskine, en deelgenomen aan het Heilig Avondmaal. Onder degenen, die tot zijn vorming hebben bijgedragen behoort ook Thomas Boston.
Om onbekende redenen toog Comrie naar Nederland. In 1727 woonde hij in Rotterdam, waar hij vermoedelijk werkzaam geweest is op het kantoor van een groot koopman.
Door enkele mannen, die Comrie's aanleg en vroomheidszin ontdekten, daartoe in staat gesteld, liet hij zich op 8 September 1729 als student inschrijven aan de Universiteit van Groningen. In 1733 ging hij naar Leiden, waar hij op 5 October van het volgend jaar promoveerde tot doctor in de philosophie, waaruit geenszins behoeft te worden opgemaakt, dat de wijsbegeerte bij hem ging boven de theologie.
De eerste en laatste gemeente, die Comrie als predikant gediend heeft, is Woubrugge, waar/ hij op 1 Mei 1735 intree preekte over Zacharia 6 : 15. Een zevental beroepen, dat hij hier ontving, wees hij van de hand. Wegens ziekte werd Comrie genoodzaakt, in 1773 zijn ambt neer te leggen. Niet langen tijd daarna stierf hij te Gouda (10 December 1774).
Evenals Gomarus is Comrie driemaal gehuwd geweest. Eerst met Johanna van der Heyde, met wie hij slechts twee jaar in den echt verbonden was. Kort na de voorspoedige geboorte van een dochter overleed zij, haar man in diepe droefheid achterlatend. Eenige maanden later schreef hij over den dood zijner vrouw : „Als ik er aan gedenke, myn harte wordt overstelpt, ik moet myn aangesicht met Hiskias dikwerf naar den wandt keeren, en myn bitter bedroefdt harte in traanen loosen, terwyl myne ziele wegdruipt van treurigheit, en myne-smerte in geene schaale kan gewogen worden Veele smerten hebbe ik ondervonden, maar deese gaat boven alle ; se krenkt het harte, en doet my doorgaans piepen als eene swaluwe en kirren als eene duive". Toch heeft de iHeere hem getroost, om in de „bitterheit niet al te veel te versinken".
Twee en een half jaar na den dood van zijn eerste vrouw hertrouwde Comrie met Maria van der Pijl, met wie hij bijna 23 jaar gehuwd geweest is. Na drie jaren trad hij voor de derde maal in het huwelijk met Catharina de Reus, die hem geruimen tijd heeft overleefd.
Zooals wij reeds opmerkten, is Comrie te Gouda gestorven, welke stad hij na zijn emeritaat als woonplaats uitgekozen had.
De avond zijns levens werd verdonkerd door het overlijden van zijn eenige dochter, eenige maanden voor zijn dood.
Comrie is in de Janskerk te Gouda begraven. De juiste plaats is niet bekend.

(Wordt vervolgd).
D.
d. Z.


1) Literatuur in het slotartikel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 februari 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

UIT DE HISTORIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 februari 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's