De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Rondblik buiten de Grenzen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Rondblik buiten de Grenzen

6 minuten leestijd

Het onderhoud tusschen Hitler en Schuschnigg is wat anders verloopen dan we vorige week, op grond van de toen bekende gegevens, veronderstelden. „Er verandert niets", meldden de Oostenrijksche bladen, maar de Oostenrijksche Bondskanselier was nauwelijks uit Berchtesgaden teruggekeerd, of de gevreesde veranderingen voltrokken zich in snel tempo. In het Oostenrijksche kabinet werden twee vrienden van het nationaal-socialisme opgenomen. Eén voor „Binnenlandsche Zaken" en één als minister zonder portefetiille. De nationaal-socialisten, die het de regeering reeds herhaaldelijk erg lastig hadden gemaakt met hun sympathie voor het Derde Rijk, hadden den laatsten tijd niet veel meer te vertellen. Ze werden als vijanden van Oostenrijks onafhankelijkheid beschouwd en waren van de regeering uitgesloten. We laten nu daar of dat nu de juiste manier was om de nat.-socialistische oppositie klein te krijgen, (feitelijk was ook het regiem-Schuschnigg dictatoriaal), maar het gold in ieder geval een binnenlandsche aangelegenheid, waarover de Duitsche Führer geen zeggenschap had. En Adolf Hitler was dunkt ons ook wel de laatst-aangewezene om zich over de achteruitstelling van minderheden te beklagen. Op de achteruitstelling en onderdrukking van alles wat niet denkt als hij, is immers het geheele nat.-socialistische regiem opgebouwd.
Maar terzake. Schuschnigg heeft voor Hitler gecapituleerd. Een van de „vriendjes", waarop we in ons vorig overzicht doelden, was niet thuis toen Oostenrijk hulp noodig had. Meneer Mussolini was juist uit skiën, zoodat er voor Sohuschnigg niets overbleef, dan den veel-eischenden dictator zijn zin te geven. Hitler rammelde met de sabel en in zulke momenten worden redelijke argumenten vrijwel waardeloos geacht. En nu Duitschland eenmaal ondervonden heeft, dat Mussolini zijn beschermende handen van Oostenrijk heeft afgetrokken, en ook de overige invloedrijke staten het bij een boos gezicht laten, zal het zeker verder gaan op den ingeslagen weg. Waar twee nationaal-socialistische ministers den weg naar het Weensche regeeringskasteel konden bereiken, is het spoor voor eventueele volgende gebaand.
Natuurlijk rees direct na Hitlers succesvolle Oostenrijksche operatie, de vraag : hoe heeft hij dat met den Italiaanschen as-genoot klaar gespeeld ? De Italiaansche bladen namen het geval nogal rustig op, en hadden zelfs nog eenige vriendelijike woorden aan het adres van den Duitschen dictator. Toch heeft Italië het, om begrijpelijke reden, altijd als een punt van groot belang beschouwd dat Oostenrijk onafhankelijk bleef. Voelde Mussolini zich onmachtig om weerstand te bieden tegen den druk uit Berlijn ? Of kocht hij, door op het kritieke moment uit skiën te gaan, een concessie van Duitschland op ander gebied ? Deze vragen verkregen ook nu, ruim een week na het befaamde onderhoud, nog geen bevredigend antwoord.

Ook de Rijksdagrede van Adolf Hitler heeft de verwachte verklaring niet gebracht. Het moest, zeide de Führer in zijn rede, die drie uren duurde, voor de vrienden van Versailles een oorzaak van vreugde zijn, dat ook het nationaal-socialistische volksdeel van Oostenrijk gelijke rechten met het overige volk kreeg. Ach ja, zoo zijn de menschen meestal het liefst handhavers van het recht in het huis van hun buurman. En dan meent hij ook nog een daad te doen waar de heele wereld hem dankbaar voor moet zijn. Als men in Hitler's radio-rede hoorde hoeveel „bijdragen tot den vrede" het nieuwe Duitschland reeds geleverd heeft (de Anschluss van Oostenrijk behoorde daar ook toe) dan vraagt men zich af: wat voor „vrede" wordt toch bedoeld ? Ook een Napoleon was van oordeel, dat hij den vrede diende. Als hij al oorlogvoerende de wereldheerschappij in handen had kón er immers slechts vrede zijn ? Een soortgelijk vredes-ideaal schijnt ook Adolf Hitler voor oogen te zweven ; en dan is het nog best mogelijk, dat de Führer, eenmaal in eigen machtswaan gevangen, zelfs oprecht is in zijn „vredesverklaringen". Maar desondanks valt het te verstaan, dat een Fransch blad schrijft: „De kans op oorlog is nooit grooter geweest dan na deze vredesverklaring". Het Duitsche volk is echter nog weer eens temeer gewaarschuwd om, die leugenachtige buitenlandsche bladen toch vooral te wantrouwen. Slechts het woord van den Führer is geloofwaardig. De buitenlandsche journalisten zijn „met hun valsche ophitsingsberichten de eigenlijke vergiftigers van de openbare meening en de apostelen van een nieuwen oorlog".
En de Volkenbond, die er immers ook een andere manier op nahoudt om: den Europeeschen vrede te bevorderen, was in Hitler's oogen „een instituut ter verdediging van het geweld-onrecht van Versailles".
Er is inderdaad reden voor critiek én op een bepaald soort berichtgeving én op een onjuist „conservatisme" van Volkenbondskringen. Maar, gelijk we reeds eerder opmerkten, Duitschland is noch aan 't een noch aan 't ander geheel onschuldig. Men kan er van op aan, dat Hitler alles wat nog niet gelijkgeschakeld werd, immer blijft verfoeien. En onder luid applaus der rijksdagleden heeft Hitler dan ook verzekerd, dat Duitschland nooit in den Volkenbond zal terugkeeren.
Als aardige illustratie hoe Hitler over het hoog geroemde „zelfbeschikkingsrecht" der volkeren denkt, vermelden we nog, dat Mandsjoekwo door Duitschland wordt erkend, dat Duitschland niet zal dulden, dat in Spanje een bolsjewistische Sovjet-sectie ontstaat, en dat Hitler niet zal rusten voor de 10 millioen Duitschers die ten Zuiden van de Duitsche grenzen leven, (Tsjecho-Slowakije) gelijk nu in Oostenrijk, recht gedaan wordt.
Overigens bleek Hitler nogal tevreden over de eerste vijf jaar van het nazi-bewind. Alle Duitsche bedrijven gingen vooruit, en door de jongste reorganisatie van de weermacht werd de binnenlandsche toestand van het Derde Rijk opnieuw versterkt.

De jongste gebeurtenissen hebben inderdaad wel bewezen, dat Hitler zich stérk voelt. Hij durft wat te risqueeren en slaagt. Voor zoover we dat thans beoordeelen kunnen, heeft tot nog toe geen enkele diplomatieke zet van Hitler zooveel indruk op het buitenland gemaakt, dan die welke t.a.z. van Oostenrijk werd ondernomen. De dictators moeten zoo langzamerhand wel den indruk krijgen, dat zij alles kunnen. Wat is er den laatsten tijd al niet gepasseerd aan dictatoriale krachtstukjes. Het verdrag van Versailles werd verscheurd. Abessinië, Spanje en China werden en worden door niet-Volkenbondsleden gepijnigd en geknecht, maar de machtige democratische staten keken en kijken toe. Kunnen zij niets, durven zij niets of willen zij niets ? Telkens en telkens weer dacht men, dat Engeland toch eindelijk wel eens genoeg zou krijgen van dictatoriale machtspolitiek, maar het bleef even zoovele malen bij een boos gezicht. En Eden, de man die het dorst te bestaan Mussolini een draai om z'n ooren te geven (sancties) en voor eenige maanden zelfs, ten aanhoore van Japan, Duitschland en Italië, waarschuwde dat Engelands geduld ten einde was, deze man is deze week uit het Engelsche ministerie getreden. Waarschijnlijk is men in Londen onder den indruk gekomen van de onvriendelijke woorden welke Hitler aan Eden wijdde. Openlijk heeft de Engelsche minister van buitenlandsche zaken in het Lagerhuis verklaard, dat er t.a.z. van de buitenlandsche politiek verschil van meening bestond tusschen hem en de overige ministers. Eden voelde er niets voor om, na alles wat er gebeurd was, alles te doen om toch maar weer goede vriendjes met Rome en Berlijn te worden. Minister-president Chamberlain heeft Eden laten gaan

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 februari 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

Rondblik buiten de Grenzen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 februari 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's