Rondblik buiten de Grenzen
We zijn over 't algemeen huiverig om in dit overzicht melding te maken van bepaalde wapenfeiten aan het Spaansche front. Een overwlnningsbericht van de eene partij werd doorgaans zoo snel en beslist door de andere partij tegengesproken, dat het voor een weekblad niet om bij te houden was. Maar het schijnt nu dan toch wel vast te staan dat Franco met zijn nieuw offensief groot succes heeft. Het geheele front vanaf de Fransche grens tot Teruel is in beweging, en de opmarsch verloopt buitengewoon snel. Er wordt een wig in het regeeringsgebied gedreven, waardoor belangrijke verbindingswegen ernstig worden bedreigd. (De oorlog is nu reeds naar Catalonië verplaatst, en het zal niet lang meer duren of Franco's leger bereikt de kust.
Hoewel beweerd wordt, dat Franco dit succes slechts aan eigen krachten te danken zou hebben, denken we van deze snelle vooruitgang het onze. Maanden verstreken, voor het leger van Franco weer noemenswaardige vordering kon maken. En nu blijkt het leger van de Barcelonaregeering plotseling zoo gedemoraliseerd en „down", dat de nationalisten de steden als het ware maar voor het nemen hebben.
De Spaansche minister-president Negrin, heeft op zijn wijze een verklaring gegeven voor den snellen opmarsch der rechtschen. Hij betoogde, dat de hevigheid van den aanval een gevolg is van de baast, die de totalitaire staten hebben om de kaart van Europa te wijzigen. Hoewel Negrin uiteraard moeilijk een objectief voorlichter kan worden genoemd, is het in ieder geval opvallend dat Franco's opzienbarende successen direct op de Oostenrijksche gebeurtenissen volgden. Dank zij de passieve houding van Italië, kon Duitschland zoo maar Oostenrijk binnen zijn gebied trekken. Maar „totalitaire staten" doen (of laten !) niets voor niets. En daarom lijkt ons de veronderstelling niet gewaagd, dat nu Mussolini op zijn beurt de hulp van Hitler krijgt om, spoediger dan tot nog toe, vasten voet te krijgen op Spaanschen bodem.
Het valt te verstaan, dat men met name in Frankrijk de gang van zaken in Spanje met zorg gadeslaat. Zoowel de politieke ligging van de Fransche regeering als de geografische ligging van haar land, zijn oorzaak dat men in Parijs ernstig ongerust is over de vernietiging van de Spaansche Volksfrontregeering. Bij het nu tot oorlogsveld herschapen Catalonië is Frankrijk al zeer nauw betrokken. Van het begin der Spaansche woelingen af, hebben de communisten gepoogd om de Fransche regeering tot interventie te bewegen. Men wilde de kameraden in het geestverwante Spanje niet zonder hulp aan den fascistischen vijand overleveren. Maar deze politieke overwegingen hebben de regeering nooit doen vergeten dat Frankrijk zich, door de Barcelona-regeering metterdaad te steunen, in een wespennest zou begeven. Haar streven was er dan ook op gericht om den oorlog tot binnen de Spaansche grenzen te beperken. Juist in Parijs kwam het idee der non-interventie op, aanstonds en met kracht door Londen gesteund. Maar nu steeds duidelijker wordt, dat Italië en Duitschland zich door die non-interventie-besprekingen niet laten weerhouden om Franco van de noodige wapens en mannetjes te voorzien, roeren de communisten zich opnieuw. De arbeidersorganisaties eischtén nu „daden".
Volgens bet Parijsche blad „Le Jour" had de regeering reeds besloten om aan dezen hernieuwden drang gehoor te geven en twee divisies naar Catalonië te zenden. Maar Engeland stak daar een stokje voor. Als Frankrijk zou ingrijpen, verspeelde het daarmede de sympathie en den steun van Engeland. Daarop gaf Blum zijn voornemen op. Wie zich maar even de tegenwoordige situatie in Europa indenkt, zal begrijpen, dat Parijs het niet aandorst om zonder, laat staan : tegen Londen's wensch aan den Spaanschen oorlog deel te nemen. Parijs moet zuinig zijn op z'n vrienden. En het standpunt der Engelsche regeering is al evenzeer te verklaren. Zij heeft de laatste weken duidelijk getoond dat ze zich niet dan in uitersten nood tot interventie laat bewegen. Zelfs ten aanzien van Oostenrijk was h.i. die uiterste nood nog niet aanwezig. Bovendien zal Engeland er zeker nu niets voor gevoelen om zich met de wapens partij te stellen in het Spaansche conflict. Zulks had een jaar geleden waarschijnlijk met meer succes kunnen geschieden. Vandaag zouden de onderhandelingen tusschen Rome en Londen er slechts door in de war gestuurd kunnen worden. En die onderhandelingen zijn, naar Chamberlain in het Lagerhuis mededeelde, reeds aanzienlijk gevorderd en geven kans op bemoedigende resultaten. De Britsche regeering vertrouwt, aldus de Britsche premier, dat de Italiaansche regeering haar verzekeringen ten aanzien van het plan tot terugtrekking der vrijwilligers gestand .zal doen en acht het mogelijk, dat volledige overeenstemming bereikt wordt.
Er zal echter, naar het ons wil voorkomen, wel alleen dan kans op overeenstemming zijn, indien Londen Mussolini in Spanje onder zekere voorwaarden z'n gang laat gaan. Vooralsnog gelooven we niet, dat de Italiaansche „vrijwilliger.^" naar huistoe zullen gaan, voor de Spaansche krijg ten gunste van Franco beslist is.
Vandaar die „haast".
Ook ten aanzien van Tsjecho-Slowakije heeft Chamberlain zich niet tot een bepaalde belofte laten verleiden. In geen geval wilde hij iets verklaren, waardoor Engeland verplicht werd automatisch in te grijpen, wanneer Tsjecho-Slowakije zou worden aangerand, gelijk Frankrijk dat wil. Frankrijk heeft deze verplichting inderdaad wèl op zich genomen. Zal Parijs nu eventueel alleen de boontjes moeten doppen ? Een heel klein beetje hoop op bijstand vanuit Londen heeft Chamberlain nog gelaten : „Als een oorlog uitbreekt, is het allerminst onwaarschijnlijk, dat ook landen, die niet verplicht .zijn tusschenbeide te komen, niettemin zullen moeten ingrijpen". Engeland wil zich dus niet binden, maar t.z.t. naar bevind van zaken handelen. Dat was ook zijn houding vóór het uitbreken van den grooten wereldoorlog.
Wat de binnenlandsche toestand van Tsjecho-Slowakije betreft, staan de kansen voor Hitler niet slecht. De Sudeten-Duitschers groeien er snel in macht en beteekenis. Ook, de Christelijk-Sociale partij, die tot dusver apart stond en een minister in het ministerie had, trad tot Herlein's partij toe en trok dien minister terug. Herlein vordert nu nieuwe verkiezingen. Maar daar voelt de Tsjecho-Slowaaksche regeering niets voor. Ze wil verstandig en redelijk met de Sudeten-Duitschers overleggen, en over 't algemeen schijnt de neiging aanwezig te zijn om Duitschand concessies te doen, wanneer dit voor 't vermijden van een conflict noodig mocht zijn. Maar terecht wijst de regeering er op, dat de aaneensluiting van de Sudeten-, Duitschers nog niet wil zeggen, dat hun aantal vermeerderd is. „De republiek zal er .zijn en blijven voor allen, en allen gelijke rechten geven". Praag heeft namelijk ook nog te rekenen met Hongaarsche en Roemeensch-Poolsche minderheden, terwijl de Slowaken en de Tsjechen ook al tweeërlei zijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 maart 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 maart 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's