FINANCIËN
„Kinderkens, hebt gij niet eenige toespijze ? ”
Ge herinnert u lichtelijk waar en door Wien deze vraag gedaan werd. 't Was aan den oever van het meer van Genésareth, waarheen de Heere Zijn jongeren had ontboden. Hier zouden zij Hem zien. Denk maar eens aan het woord tot Maria Magdalena : „zeg mijne broederen, dat Ik hen voorga naar Galilea". Zoo kan het niemand verwonderen, dat een zevental broederen zich hadden opgemaakt om den Heere te ontmoeten. Zij wachtten alhier de komst des Heeren af. Evenwel verliep hierover een langeren tijd dan zij gedacht hadden. Zoo .komt het, dat van Petrus het voorstel uitgaat om te gaan visschen.
Hoe het kwam, wisten zij .niet, maar hun arbeid wilde niet vlotten. In dien nacht — zoo lezen wij — vingen zij niets. Het net bleef ledig. Of zij het al uitwierpen in dit gedeelte van de zee of op een andere stee, het resultaat bleef net eender.
Het eene uur na het andere verliep. Het tijdstip dat de morgenstond zou aanbreken, was niet verre meer. Ziet, op dat moment, als zij den oever in 't zicht krijgen, klinkt hun de bovengestelde vraag tegen : „Kinderkens, hebt gij niet eenige toespijze ? "
’t Was de Heere Zelf, Die hen opwachtte. Zoo op het eerste gezicht — de vraag in aanmerking genomen — zou iedereen denken, dat de Heere iets van Zijn jongeren begeerde te ontvangen. Toch is dit in geenen deele de werkelijke toestand.
Let maar eens op, merkt maar eens op datgene, wat zich voordoet. Als zij den raad, of wilt ge, het bevel, hebben opgevolgd, om het net op Zijn aanwijs aan de rechterzijde van het schip uit te werpen, is de vangst meteen zoó geweldig, dat zij met de buit geen raad weten.
Is dit het eerste, wat zich voordoet — wat er op volgt spreekt nog duidelijker. Als zij aan den oever het net ledigen, vinden zij hier een wèlaangerichte tafel. Een vuur met visch daarop en brood daarbij. Met andere woorden : de Heere wachtte niet op wat zij Hem zouden aanbieden, maar omgekeerd : Hij geeft. Hij geeft overvloediglijk. Heeft dit ons niets te zeggen ? De dichter wist het wel :
’t Is Isrels God, Die krachten geeft. Van Wien het volk zijn sterkte heeft, Looft God, elk moet Hem vreezen. Of wilt ge 't in andere bewoordingen ?
Vergeefs van 's morgens vroeg geslaafd Tot 's avonds, en het brood der smart Gegeten met een angstig hart, Vergeefs den ganschen dag gedraafd, God geeft 't, hoe een ander schraap, Dien Hij bemint, als in den slaap.
Des Heeren hand is een wonderdoende hand.
Staat deze waarheid boven alles uit, zooals een torenspits uitreikt boven de daken, hieronder prijkt ook het van Hem Zelf begeerde en gewilde, dat Zijne discipelen het ledige net zullen uitwerpen op de door Hem aangewezen stee. Hij zorgt voor de vangst. Daarin wordt Zijn Naam heerlijk gemaakt. Het bevel, door Hem uitgevaardigd, luidt al de eeuwen door : op Mijn Woord zal uw arbeid nooit ijdel zijn.
Zoó de dingen te zien, is ook een gave van Zijn hand.
Laten wij thans u het overzicht voorleggen .van onze Paasch-inzameling.
1. De eerste post kwam uit de sleutelstad, zoo immers is de oude naam van Leiden. De inzameling met een nagift van ƒ 2.50 bedroeg precies ƒ 50.—
Wij kregen hierdoor goede hope.
2. De tweede kwam uit Sprang. Deze bedroeg „ 25.67
3. Mogen wij de andere nu laten volgen. Paaschcollecte uit Aalst „ 10.—
4. Paaschcollecte uit 't Wijkgebouw van Ouderkerk (IJ.) „ 12.18
5. Idem te Hedel „ 12.50
6. Idem te Genemuiden „100.—
7. Idem te Wilnis „ 23.—
8. Idem te Vinkeveen „ 28.08
9. Idem te Suawoude-Tietjerk „ 32.35
10. Idem te Kockengen „ 22.60
11. Idem te Noordeloos „ 26.50
12. Idem te Ouddorp „ 40.47
13. Idem te Jaarsveld „ 14.54
14. Idem te Reeuwijk „ 18.60
15. Idem te Veenendaal „222.08
16. Paaschgift van N. N. uit Vlaardingen „ 3.50
17. Contributie van den kerkeraad te R „ 10.—
18. Paaschcollecte uit Delft „115.—
19. Contrib. van ds. v. A. te L. V. „ 4.—
20. Paaschinzameiling uit Utrecht , , 251.65
Paaschgift uit de collecte van de Buurkerk te Utrecht „ 1—
Tusschen de giften uit eigen gemeente school ook nog een briefje van 25 gld. voor den Med. Dienst, die ik natuurlijk niet onder de ƒ 251.65 heb begrepen.
Dat wij met het ontvangene verblijd zijn en daarvoor Gode danken, zult ge gemakkelijk verstaan.
Voor het warme medeleven in eigen kring betuigen wij onze groote erkentelijkheid.
Wat voor onze fondsen deze keer inkwam, bedraagt tezamen geteld de som van
f 1023.72
Utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 mei 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 mei 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's