UIT DE HISTORIE
LEFÈVRE D’ETAPLES
Een voorlooper van het Fransche Protestantisme.
I.
Deze maand mocht ik te Parijs en in Noyon ontmoetingen hebben met dr. Jacques Pannier, conservator van musea aldaar en publicist van vele geschriften over de Reformatie en Calvijn.
Terloops zij hier medegedeeld, dat deze geleerde bezig is met het bezorgen van een wetenschappelijke editie van Calvijn's Institutie naar den tekst van 1541. Drie deelen van hel op vier deelen begroote werk zijn reeds verschenen. Wellicht stellen onze theologen belang in deze uitgave.
Toen wij in enkele blibliotheken van Parijs een onderzoek instelden naar de geschriften van genoemden dr. Pannier, kregen wij ook een klein boekje van hem in handen over den man, wiens naam boven dit artikel staat. Een en ander was voor ons aanleiding, eens iets meer over Lefèvre na te speuren, dan het tractaatje van vier bladzijden bood. Het resultaat hiervan wordt den lezer thans in enkele artikelen geboden.
Jacques Lefèvre werd in 1435 te Etaples, dat vijf uur gaans van Boulogne ligt, geboren. Hij is dus evenals Calvijn, Picardiër.
Al zit er in de mededeeling, dat hij een ,,arm kind, zonder wieg en dak" was, eenige overdrijving, vast staat, dal hij van geringe afkomst is. Niettemin heelt hij te Parijs gestudeerd ; en na zijn graden te hebben behaald, bereisde hij verschillende landen : Italië, Duitschland en Frankrijk.
Het valt ons op, dat meerdere mannen uit dien tijd belangrijke buitenlandsche reizen hebben gemaakt. Niets is dan ook voor 's menschen vorming beter ! Wanneer men eens buiten de grenzen van eigen land heelt gekeken en omgang gehad heeft met andere menschen, die een eigen kijk hebben op het leven en en onder andere omstandigheden verkeeren, wordt men bewaard voor een zekere kortzichtigheid en zelfgenoegzaamheid, waarin men ligt vervalt, als men denkt, eigen maatstaf overal en altijd te kunnen aanleggen. Wie eenigszins in de eigenaardigheden van een ander volk is doorgedrongen, wordt er stellig voor bewaard om te meenen, dat hij met eigen beschouwingen overal terecht kan. Ook op hel terrein der beginselen gaat dit door !
Lefèvre moet een buitengewoon klein mannetje geweest zijn. Voor menschen, die aanzien, wat voor oogen is, een aanleiding om van zoo iemand niets te verwachten ! Toch heeft Lefèvre op wetenschappelijk gebied veel gepresteerd. Hij is een geleerde geweest, wiens invloed in dien tijd allerwegen kon worden gespeurd. Hem komt de eer toe, zegt Donmergue, in Frankrijk de Scholastiek en de Sorbonne te hebben overwonnen. En Beza getuigt van hem : „Waarlijk, de leidingen van Gods voorzienigheid zijn aanbiddelijk. Want wie had kunnen denken, dat een enkel man, met weinig voorkomen, uit de beroemdste Universiteit der wereld, de barbaarschheid, die daarin gedurende een tijdsverloop van vele jaren ongestoord heerschte, vermocht te verdrijven ? "
Van 1507—1530 heeft Lefèvre hoofdzakelijk te St.-Germain-des-Prés vertoefd. Toen lag deze wijk buiten de muren van de stad ; thans klopt er het leven van Parijs. Van de oude gebouwen is er, gelijk wij onlangs met eigen oog constateeren konden, niets meer over. Toch was hier eens de bakermat van 't Fransche Protestantisme.
Hier, te St.-Germain-les-Près, heeft Lefèvre zijn beroemdste werken geschreven. We noemen zijn vijfvoudigen Psalmbundel en zijn commentaar op de brieven van Paulus.
Te midden van zijn humanistische studie was het Lefèvre, alsof hij een goddelijk licht zag opgaan, dat schitterde in een donkeren nacht. Zoo schrijft hij zelf in de voorrede op genoemden Psalmbundel. 't Was de dageraad der Hervorming......
't Is merkwaardig om te zien, hoe Lefèvre, die begonnen was het publiceeren van werken van heidensche philosophen, allengs kwam tot de kennis van Gods openbaring in Christus, en een verbreider werd van de Evangelische beginselen. Dat zijn werk in dit opzicht nog een eigenaardig karakter draagt, spreekt vanzelf. Hij was goed Roomsch geweest, en iemand die met volle overtuiging gedwaald heeft, kan niet aanstonds een volkomen inzicht hebben in de christelijke religie. Men moet niet vergeten, dat Farel van Lefèvre gezegd heeft : „Nooit heb ik iemand ontmoet, die met meer eerbied de mis zong Hij was het, die den diepsten eerbied toonde voor de beelden ; en daarvoor knielende, bad hij, en las hij zijn gebeden, die op bepaalde uren gelezen moesten worden".
In 1512 verscheen Lefèvre's commentaar op de brieven van Paulus, eigenlijk het eerste Protestantsche boek, omdat het de grondslagen, waarop de Roomsche Kerk rust, principieel aantastte. Reeds hier wordt gevonden, wat vijf jaar later door Luther zal worden gel)oneerd : , , De rechtvaardige zal door het geloof leven". De autoriteit van Gods Woord gaat Lefèvre boven bepaalde voorschriften en leeringen van menschen. Een pleidooi wordt gevoerd voor het terugkeeren tof en vasthouden aan de apostolische beginselen. Tegenover God is het — aldus Lefèvre — bijna een heiligschennis, om te spreken van de verdienste der jverken. Ook hebben, volgens hem, de sacramenlen geen magische kracht. Daarom protesteert hij tegen de mis. Voorts veroordeelt hij den ongehuwden staat der geestelijken, benevens het vasten. Evenmin kan hij het gebruik van de Latijnsche taal in den eeredienst goedkeuren. En zoo zou er veel meer te noemen zijn, waaruit zeer duidelijk blijken kan dat Lefèvre, althans voor dien tijd, iets nieuws bracht.
Men heeft getwist over de vraag, of Lefèvre zich bewust geweest is, een voorlooper van de Hervorming te zijn. Ongetwijfeld heeft hij geweten, dat hij tegen de traditie inging, wai blijkt uit de volgende woorden, die hi} eens sprak tot zijn leerling Farel, en die getuigen van een profetische visie : „Mijn zoon. God gaat de wereld vernieuwen, en gij zult er getuige van zijn".
Gelijk wij reeds in dit artikel opmerkten, is er bij J^efèvre ook veel te vinden, dat niet als zuiver reformatorisch mag worden aangemerkt en gewaardeerd. Lefèvre is een origineel man geweest, die een eigen geluid heeft laten hooren. Het Protestantisme van Lefèvre draagt een eigen stempel, en was gematigd, weifelend en tegenstrijdig. Hij was kind zijns tijds, gelijk iedereen dat is. En het mag niet worden verwacht, dat hij in 1509, toen hij met de voorbereiding van zijn commentaar bezig was, en toen de schrijver van de Institutie geboren werd, een even helder inzicht had in de Waarheid Gods als Calvijn, die de vruchten geplukt heeft van een proces, dat reeds in een bepaald stadium verkeerde, toen hij voor het voetlicht trad. Bovendien vergete men niet, dat Lefèvre in 1512, toen zijn commentaar verscheen, 78 jaar was ! Wat deze man dus verricht heeft, is van groot belang ; want hij had een leeftijd bereikt, waarop men z'n tijd heeft gehad.
Voor de Franschen is het een zaak van groote beteekenis, dat de Hervorming niet van elders geïmporteerd is, maar een vrucht is van eigen bodem. In Parijs is zij ontkiemd !
Merle d'Aubigné, de bekende kerkhistoricus, is van oordeel, dat de Hervorming tóch zou gekomen zijn, óók al waren Zwingli (de Zwitser) en Luther (de Duitscher) nooit op het tooneel verschenen.
Dat de Franschen dit voorrecht waardeeren, heb ik op mijn jongste speurtochten niet kunnen merken. Wel het tegendeel !
D.
d. Z.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juni 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juni 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's