STAAT EN MAATSCHAPPIJ
DE WERKLOOSHEID De millioenendans.
Het bedrag, dat de Regeering voor het Werkfonds noodig oordeelde, werd aanvankelijk op 30 millioen gulden geraamd. Echter nog voor het groote werkloosheidsdebat in de Tweede Kamer plaats had, werd dit bedrag tot 60 millioen verhoogd.
Doch ook deze 60 millioen worden door velen niet voldoende geacht om daarmede de openbare werken, die men wenscht tot stand te brengen, te financieren.
Zoo verscheen van de zijde van het Nederlandsch Verbond van Vakvereenigingen, dal bij de Sociaal Democratische Partij is aangesloten, een rapport, waarin een uitvoerige opsomming wordt gegeven van uit te voeren publieke werken en waarvan het benoodigde bedrag op meer dan een milliard, d.i. l000 millioen gulden, wordt geschat.
Dat de Sociaal Democraten hier niet alleen staan met den eisch, dat eenige honderden millioenen uit 's Lands kas ter beschikking van de bestrijding der werkloosheid dienen te worden gesteld, is bekend. Het R.K. dagblad „Ons Noorden" gaat denzelfden kant uit. Dit blad stelt in zijn kolommen toch de vraag: wat beteekenet 150 millioen om daarmede de werkloozen voor het verrichten van arbeid te hulp te komen ? Het antwoord luidt : dat dit bedrag voor het doel, waarvoor het noodig is, weinig beteekenis heeft en dat het daarom verdubbeld of minstens verdrievoudigd moet worden.
En als dan de grootscheepsche plannen, waarvoor de honderden millioenen noodig waren, zijn afgewerkt, zal zich een nieuwe vraag voordoen, wat er dan op dat oogenblik moei gebeuren.
Nu doet zich intusschen bij het vraagstuk der publieke werken nog een andere moeilijkheid, behalve de financieele, voor, n.l. deze, dat de openbare werken maar niet zoo voor het grijpen liggen, en zeker niet die werken, die een productief en economisch karakter dragen.
Dit blijkt ook duidelijk uit hef rapport, dat wij hierboven noemden, dat van het N. V. V., waarin men schier op elke bladzijde bij de aanbevolen werken kan lezen : „in uitvoering is", „gereed om uitgevoerd te worden", „in voorbereiding is", terwijl in 't rapport maar schaarsch de uitdrukking te vinden is : „nog uitgevoerd zou kunnen worden".
Inderdaad moet naar nieuwe werken, na al hetgeen hier te lande reeds is verricht voor wegen, bruggen, spoorwegen, kanalen enz., met een lichtje worden gezocht.
Zooals vanzelf spreekt, is men niet klaar met alleen het beschikbaar stellen van groote kapitalen voor openbare werken, deze kapitalen moeten ook aanwezig zijn. En nu weet een ieder, dat een publieke-werken-politiek, zooals men zich die voorstelt te voeren, een ondragelijke last op de bevolking legt, terwijl slechts een klein gedeelte der uitgaven loon is. Grondaankoop en materiaal kosten veel meer.
Wat de voorstanders van groote werken, op royale schaal uitgevoerd, willen, is tenslotte niet anders dan een millioenendans rond de schatkist.
Intusschen is de ervaring, die met zulk een millioenendans in het buitenland werd opgedaan, niet moedgevend. Zij lokt hier te lande niet uit tot navolging.
Men ziet, dat in België, waar Minister De Man de gelegenheid had om zijn grootsche plannen met het uitvoeren van openbare werken op groote schaal te verwezenlijken. De Minister verwachtte van zijn Plan sterke vermindering van de werkloosheid en verhooging van de koopkracht der bevolking ; de twee idealen, die ook ten onzent de Sociaal Democraten met hun openbare werken-politiek voor oogen staan. Daarbij was Minister De Man van meening, dat de uitvoering van zijn plannen financieel mogelijk zou zijn.
Doch wat was nu het resultaat van die plannen ?
In de eerste plaats dit, dat van een blijvende vermindering van de werkloosheid niets terecht kwam. En verder, dat de financiën van België totaal ontredderd werden.
Een bijzondere correspondent van „De Nederlander" uit Brussel, schreef over die ontreddering der Belgische geldmiddelen, begin Mei, het navolgende :
„Een tekort van twee milliard. Een hoog gestegen schuldenlast". Nieuwe leeningen staan voor de deur. Alle reserve, voortkomende uit de devaluatie van 193ö, is opgesoupeerd. Men heeft diverse geldvoorraden, b.v. den girodienst, moeten aanboren om de financiën van den Staat loopende te houden. Men staat voor een financieele debacle, waarover Belgische ingewijden fluisteren, dat er op den duur geen ander „redmiddel" zal zijn dan een nieuwe devaluatie, indien men zijn toevlucht niet wil nemen tot inflatie".
De openbare-werken-politiek van den Minister De Man heeft voor België, zonder den toestand der werkloosheid blijvend te verbeteren, niet anders gebracht dan enorme financieele tekorten, die door bezuiniging en belastingverhooging moeten worden gedekt. Onze Zuidelijke nabuur staat, wat zijn financiën betreft, voor schier onoverkomelijke moeilijkheden.
Dezer dagen kon men zelfs in de bladen lezen, dat een Nederlandsch bankierssyndicaat in Nederland aan de Belgische regeering een crediet heeft verstrekt van 35 millioen gulden en dat België een soortgelijke credietovereenkomst ook met Zwitserland heeft afgesloten.
Aan dit bericht in de bladen wordt toegevoegd, dat de grootsche plannen van Minister De Man, naar het blijkt, niet veel resultaat hebben gehad. En zooals het in België liep, ging het ook in de Vereenigde Staten van Amerika, waar President Roosevelt, met zijn uitgave van millioenen, slechts een kunstmatige opleving wist te bewerkstelligen.
Minister Colijn deelde bij het werkloosheidsdebat in de Tweede Kamer daarover dit mede:
„In de Vereenigde Staten heeft men op een ongekende wijze geld in de maatschappij ingepompt en wat is er, toen men in het begin van 1937 daarmede ophield, gebeurd ?
Is toen inderdaad werkelijkheid gebleken, dat het hooger liggende niveau, dat men door de openbare werken verkregen had, zich gehandhaafd heeft ?
Neen, toen is onmiddellijk een daling ingetreden, want terwijl in het voorjaar van 1937 het werkloozencijfer in Amerika rond 7 millioen was, is het op het oogenblik ongeveer 11 millioen, dichter bij de 11 millioen althans dan bij de 10 millioen".
Natuurlijk was gedurende den tijd, dat de milliarden in de maatschappij werden ingepompt, de werkloosheid lager. Doch daarover gaat het niet. Het is de vraag, of bij het beschikbaar stellen van groote kapitalen de werkloosheid blijvend vermindert. En dat heeft de openbare-werken-politiek in België en Amerika en in andere landen niet aangetoond.
De millioenendans geeft dan ook geen oplossing van het werkloozenprobleem.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juli 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juli 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's