MANKE MURK
EEN VERHAAL UIT HET FRIESCHE VOLKSLEVEN
Met toestemming uitgever J. H. Kok te Kampen
„En bespreken zij dat nu met elkander ? "
„Ik denk 't wel. Ten minste, dat het zóó, als nu, niet goed gaat en anders moet worden".
„Hoe dan, dacht je, buurvrouw ? "
„Dat weet ik ook zoo niet te zeggen, maar dat zullen de mannen vanavond wel uitmaken. D'r zijn zooveel plaatsen, waar je twee of drie of soms wel meer kerken of lokalen hebt, waarin gepreekt wordt en de menschen zich bij aansluiten. Een zwager van mij is ouderling bij de gereformeerden en m'n broer hoort bij de Evangelisatie, omdat ze daar ook een modernen dominé hebben".
„Zouden we hier dan ook een nieuwe kerk krijgen ? "
„Me dunkt van wel, óf de dominé zou moeten bekeerd worden".
„Je wilt zeggen, dat hij met die dwaasheden moet ophouden ? "
„Ja, dat hij als dienaar van Christus de Waarheid moet gaan verkondigen, zonder meer". „En wie zouden daar vanavond méér komen, om over te praten, buurvrouw ? "
„'k Weet het zoo niet, maar ik denk Murk, en de bakker ook, en de schoonzoon van Bouma van „'t Rietdak", weet ik wel, is ook niet tevreden met den gang van zaken, 'k Heb er een paar maal gebakerd en wel gemerkt, uit welken hoek ook daar de wind waait. Hij komt ook bijna nooit in de kerk, omdat hij daar wat anders wil hooren. Z'n ouders zijn „Afgescheiden".
„Is dat een nieuw geloof ? "
„Neen, maar ook weer een andere kerk, die kleiner is en waar de Waarheid gepreekt wordt".
„Ik zag Pier Boomsma, en Dirk Lemstra, en baas Krein, om niet te vergeten ; en ook ouden Keimpe met zijn stokje er heen strompelen".
„Best mogelijk, dat die er allen zijn".
„Nu, buurvrouw, als je wat weet, mag ik het zeker wel van je hooren. Douwe is, moet je rekenen, zoo niet opgevoed, om naar de kerk te gaan en nu komen onze kinderen d'r vanzelf ook niet, maar hot hindert mij toch wel eens. Men is tenslotte ook geen heiden. Daarom ben ik nog al eens een keer of wat naar ds. Lauwers geweest, maar, het is toch zoó ongelukkig, als ik kom te zitten, dan kan ik den slaap niet uit de oogen houden en dan, denk ik, is het maar beter thuis, te blijven, ook om anderen niet te ergeren. Maar het zal anders, en vooral wanneer d'r iets goeds te hooren valt. Dus als je soms eens hoort, hoe het loopen zal ? "
„Als ik wat weet, dan hoor je d'r wel van, alleen, vertel het nu maar niet aan anderen".
Maar natuurlijk wist geen half uur later in de eerste plaats Douwe reeds alles, wien Klaske het geheele verhaal mèt de noodige toevoegingen overbracht. En toen haar man daarop al lang de zorgen van het leven in den slaap vergat, stond zij nog voor een kier van haar deur telkens uit te zien, of de vergadering bij Bouma haast afgeloopen was. Tot eindelijk het geluid van stemmen en het geklos van klompen tot haar doordrong.
Daar kwamen zij dus. Voorzichtig werd de opening nog kleiner gemaakt, opdat Murk, die immers hier naast moest zijn, haar niet zou bemerken. Ze naderden. Neen, daar was Murk niet bij. Dat was baas smid. Zij hoorde het wel aan de zware stem, waarmee hij sprak. Met nóg iemand. Even luisteren wie dat wezen kon. Japie : wel verbazend ? De heilsoldaat. Paste die daar nu ook al bij ? Dan kon Douwe tenminste ook nog wel meedoen, 't Zou nog al wat schelen, wien zij liever had. Douwe of Japie. Natuurlijk, Douwe was haar man ook, maar wat was Japie : een groote schreeuwer, en, toen hij die heilsoldatenpet nog niet droeg, een echte drinkebroer, die graag een borreltje lustte. En nu aanstonds een groot woord over een ander en overal vóóraan en bij. 't Kwam niet te pas. Zulke menschen moesten zich wat achteraf houden ; dat stond hun vrij wat netter. Hoor ! Wat zei de smid daar ?
„Bang voor de nering, moet je rekenen ! Hij heeft zijn gansche leven met den broodkorf geloopen !"
„Ja, zeker ! Anders niks", was het bevestigend antwoord van Japie.
Meer kon zij niet opvangen. Waar zou dat over gegaan zijn ? Zeker over Deelstra, den bakker. Misschien wel oneenigheid gehad. Deelstra stond er voor bekend, en vooral ook zijn vrouw, dat zij anderen maar nauwelijks 't brood gunden. Daarom had zijn arme concurrent het zoo zwaar. Werken tegen de klippen en altijd meer geven dan een ander, al zou hij geen cent verdienen, alléén maar, om de menschen bij zich voor de toonbank te krijgen, 't Stond hem niets aan, dat hij alles niet had. Zoo'n man moest noodig in 't kerkbestuur zitten en dan óók nog wel als diaken. De arme menschen konden het vaak ontgelden en die bij hem niet om brood kwam, werd dit bij de wekelijksche uitdeeling wel gewaar.
Wat het toch beteekenen mocht, hetgeen Kreinbaas daar zeide. Zou men werkelijk oneenigheid hebben gehad, dat deze twee wegliepen ? Wist zij liet maar. Stil, nu kwamen er meer. Daar was Murk bij. Zij hoorde het aan 't loopen, omdat hij telkens met zijn manke been zoo'n bons gaf. Eventjes achteruit. Hé, hij ging mee door. Zeker nog even napraten óf ouden Keimpe thuis brengen. Dat was weer juist iets voor Murk. Jawel hoor ! Daar namen zij van de anderen afscheid en gingen samen het door de maan mat verlichte kerkpad op.
Nu hoorde zij niets meer, en zou maar naar binnen gaan. Douwe sliep vanzelf alweer als een os. Maar morgen zou zij wel meer gewaar worden, was het niet van buurvrouw Kalma, dan van Jurjens Griet, en anders wel van Japie, en dan zou men vreemd staan kijken, dat zij zóó op de hoogte was.
Eer dan ook den volgenden morgen het gewone leven goed en wel begon, de kinderen speelden nog op het schoolplein en de Juf stond met de onderwijzers te praten over den komenden Nutsavond. op welken een bekend spreker gedichten van Helene Swarth zou komen lezen en een natuur-film zou worden afgedraaid — stond Klaske al in een kringetje nieuwsgierigen, om zeer geheimzinnig te vertellen, dat hier nieuwe dingen op de komst waren, waarvan de menschen vreemd zouden ophooren en die heel wat beroering in de plaats zouden brengen. Toen werden de hoofden bij elkaar gestoken. Wat dat wezen mocht ?
(Wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's