De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

WAT DE PERS TE LEZEN GEEFT

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

WAT DE PERS TE LEZEN GEEFT

4 minuten leestijd

Tuchtoefening in de Hervormde Kerk.
Dr. Locher, van Leiden, geeft over tuchtoefening in onze Hervormde Kerk een artikel in „Kerkblaadje", waarvan we een stuk overnemen :
»Onze Hervormde Kerk laat in haar Reglementen vrijheid in de wijze, waarop we bij het onderzoek te werk moeten gaan. Zij geven aan, voor welke verkeerdheden censuur mogelijk is. Genoemd wordt: onchristelijke wandel, openbare strijd tegen den geest en de beginselen van de belijdenis der Hervormde Kerk, verstoring van orde en rust, verzuim of vergrijp in kerkelijke bedieningen en betrekkingen.
Er is dus ook léértucht. Maar er is in de Reglementen voor gezorgd, dat men daarbij niet veel „kwaad" kan doen, want de verwijzing naar de proponentsformule en de belijdenisvragen maakt dat artikel rijkelijk slap.
Verstoring van orde en rust is dus strafbaar. Wegens onchristelijken wandel kunnen we tucht uitoefenen, het Heilig Avondmaal ontzeggen, ook iemand in z'n ambt schorsen of afzetten.
Maar nu zijn velen van meening, dat een schriftelijke of mondelinge boodschap, dat men niet aan 't Avondmaal mag komen, reeds tuchtoefening is.
Maar dat is niet zoo. Zoo'n briefje zou iemand — kerkrechtelijk gesproken — naast zich kunnen neer leggen en toch aan het Avondmaal kunnen gaan.
Een bestuur of kerkeraad dient bij het doen van een uitspraak (b.v. ontzegging van het H. Avondmaal) wel te letten op Art. 24 Regl. Opzicht en Tucht. De gronden waarop zij rust, de feiten die het onderwerp der beoordeeling geweest zijn, moeten nauwkeurig worden omschreven ; de verkeerdheid of overtreding, welke, naar het oordeel van het Bestuur of van den Kerkeraad, uit die feiten voortvloeit en aanleiding geeft tot de toepassing van een der tuchtmiddelen, moet met name worden genoemd. Het moet uitdrukkelijk worden aangeduid of de betrokken persoon zich b.v. schuldig heeft gemaakt aan onchristelijken wandel, verstoring van orde en rust, of verzuim of vergrijp in de uitoefening van kerkelijke betrekkingen.
Een uitspraak moet door alle leden, die. aanwezig zijn, worden geteekend ; deze onderteekening duidt niet aan, dat zij het er mee eens zijn, maar betuigt enkel, dat de uitspraak in hunne tegenwoordigheid is geschied.
Ook dient men te bedenken, dat een gewone uitspraak eerst van kracht is, nadat de tijd van hooger beroep (14 dagen) is verstreken. Een gewone ontzegging van het Heilig Avondmaal, uitgesproken in de week vóór de bediening van het Sacrament, is voor d i e bediening nog niet van kracht.
Art. 43 Reglement Opzicht en Tucht zorgt er echter voor, dat er dadelijk kan worden ingegrepen met ontzegging van het Heilig Avondmaal, als er een schandaal openbaar is geworden ten opzichte van iemand. Dan is een voorloopige ontzegging mogelijk, zonder dat daarvan hooger beroep mogelijk is. Maar de Kerkeraad zal dan binnen korten tijd moeten beslissen, of de ontzegging werkelijk doorgaat, en daarvan zal men in hooger beroep kunnen gaan.
Want alle dingen moeten eerlijk en met orde geschieden.
Men houde bij alles in het oog, dat, volgens art. I van het Reglement voor Opzicht en Tucht, het beginsel van alle kerkelijk opzicht en van alle kerkelijke tucht moet zijn de Christelijke liefde en barmhartigheid, en dat de bedoeling moet, zijn : bevordering van Christelijk leven, voorkomen en wegnemen van al wat het godsdienstig welzijn der gemeente belemmert, het behouden van wie dreigen af te dwalen én het handhaven van de kerkelijke reglementen en verordeningen.
In het zoo dikwijls voorkomende geval, dat door gehuwden naar den zegen des huwelijks vooruitgegrepen is, is het aan te bevelen, dat het echtpaar schuld belijdt in tegenwoordigheid van den predikant en een ouderling der gemeente, liever dan in de volle kerk, waar er dikwijls zijn, die op een schandaal belust zijn. Heeft het echtpaar schuld beleden, dan is er geen reden om hun het Avondmaal te ontzeggen, evenmin als om die ouders niet zelf tot de beantwoording der vragen toe te laten. Ze mogen in zulk geval als geloovige ouders behandeld worden. Wil men hun voor een keer tot voorkoming van ergernis den raad geven ditmaal nog van de tafel des Heeren weg te blijven, dat kan goed werken, maar is niet noodzakelijk.
De Zoon des Menschen is gekomen om de menschen te behouden en niet om te te verderven. We oefenen niet de tucht uit om een zuiver kerkje te krijgen, maar om de menschen, juist tot hun behoud, te doen inzien wat gevolgen de zonde met zich brengt, om ze tot Christus terug te brengen, zooveel aan ons ligt. Verwaarloost men de tucht, dan moet men zich niet verwonderen dat de troost en werking des Heiligen Geestes in de gemeente ophoudt, en dat het gebed der gemeente niet verhoord wordt, zooals Kohlbrugge zegt bij de verklaring van den 3isten Zondag van den Catechismus : Tucht, op werkheilige wijze uitgeoefend, kweekt Farizeën. Ze mag alleen zóó uitgeoefend, dat men zichzelf onder de tucht des Geestes stelt.
 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 september 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

WAT DE PERS TE LEZEN GEEFT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 september 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's