De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Heidelbergsche Catechismus

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Heidelbergsche Catechismus

naar de verklaring van ZACHAREAS URSINUS (1)

4 minuten leestijd

ZONDAG I : Welke is uw eenige troost, beide in leven en sterven ?
De vraag aangaande den troost des christens wordt het eerst behandeld in den Gatechismus, en wel omdat zij het doel en den inhoud van den geheelen Catechismus bevat. Zijn doel is toch, dat wij een zekeren troost in leven en sterven mogen hebben. Daartoe is geheel de leer des hemels door God geopenbaard en moeten wij ze voornamelijk leeren.
De inhoud van den Catechismus bestaat daarin : dat wij door het geloof Christus ingeplant, van Hem bemind en met God verzoend zijn, zoodat wij door Hem tot in eeuwigheid verzorgd en bewaard worden.
Wij willen nu nagaan in betrekking tot dezen troost des christens : 1. Wat deze troost is ; 2. Uit welke deelen deze troost bestaat ; 3. Waarom deze troost een zekere troost is ; 4. Waarom hij noodzakelijk is ; 5. Wat vereischt wordt om hem te verkrijgen.
I. Deze troost, wat is hij ? Troost is zeker besluit des verstands, waardoor we tegenover ietsi ongelukkigs dat wij hebben, eenig goed stellen ; door dit goede te beschouwen, wordt de smart dan verzacht en leeren we het ongeluk geduldig dragen. Hoe grooter nu het ongeluk is, hoe grooter en vaster ook het goed moet zijn. En omdat nu hier in den Catechismus een troost gevraagd wordt tegen de grootste ramp en diepste ellende, d.i. de zonde èn den eeuwigen dood, kan hier niet anders dan het hoogste goed een voldoend geneesmiddel zijn.
Aangaande dit hoogste goed worden, buiten Gods Woord om, bijna evenveel meeningen gevonden, als er menschen zijn. Zooveel hoofden, zooveel zinnen. Maar alles wat de filosofen leeren, verdwijnt maar al te ras ; het leven doet het ons verliezen of de dood breekt het af. En ons harte, dat onrustig in ons is, vraagt naar een goed, dat in het leven blijft en bij den dood niet verdwijnt.
De huichelaren in de Kerk en buiten haar, als Joden, Farizeën, Mohammedanen, zoeken een medicijn tegen den dood en het oordeel in hun verdiensten, of in hun uiterlijke ceremoniën en plechtigheden ; van welken ook de Roomschen niet verschillen. Doch uitwendige vormen reinigen het geweten niet en God laat Zich niet paaien met de bespottelijke satisfactie of voldoening der menschen.
Al zoeken de wijsgeeren en de secten overal en al beloven zij nog zooveel, dat een vaste troost zal geven voor den mensch in leven en in sterven, toch kunnen zij het ons niet zóó geven, dat niet bet geweten terstond weer weifelt en het gevoel om iets anders vraagt.
De leer der Kerk alléén toont zulk een goed en verschaft ons den vasten troost, die het geweten tot rust brengt. Zij toch alleen ontdekt den oorsprong van al de ellende, waaraan het menschelijke geslacht is onderworpen ; zij toch alleen geeft het middel, om ons aan die ellende te ontworstelen, en wel door Jezus Christus, onzen Heere.
Derhalve is de christelijke troost de éénige en vaste troost in leven en sterven. En deze christelijke troost, die de éénige troost is, houdt in : het vertrouwen op de vergeving der zonde uit genade en op de verzoening met God door en om Christus ; de vaste verwachting van het eeuwige leven, ons van den Heiligen Geest, door het Evangelie in het hart gegrift, zoodat wij niet twijfelen of we Christus' eigendom zijn, om Zijnentwil van den Vader worden bemind als Zijn geliefde kinderen, ja ook eeuwiglijk zullen bewaard worden ; naar dit Woord : „Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking, of benauwdheid, of vervolging, of honger, of naaktheid, of gevaar, of zwaard? " „In dit alles zijn wij meer dan overwinnaars, door Hem, die ons liefgehad heeft". (Rom. 8 : 35, 37).
(Wordt voortgezet.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 oktober 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

De Heidelbergsche Catechismus

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 oktober 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's