MANKE MURK
EEN VERHAAL UIT HET FRIESCHE VOLKSLEVEN
Met toestemming uitgever J. H. Kok te Kampen
In de verte zag Murk 't licht branden van „Lucht en Veld". Wat men zeggen zou na het tooneel in het middaguur, dat hij zoo laat op den avond nog kwam ? En hoe de vork daar nu in den steel zou zitten ? Eigenaardig, dat hij in 't geheel geen vermoeidheid gevoelde, zelfs niet eens in het zwakke been. Kwam het, omdat zijn geest door iets anders werd bezig gehouden en hij zoo diep in gedachten den weg liep, honderden malen betreden ?
Intusschen bleef op de boerderij de verhouding nog altijd zeer gespannen. Nadat de lamp ontstoken was, nam Siderius de courant, om, zonder een woord te spreken, zich daarin te verdiepen. De boerin zat als gewoonlijk te breien en Pleuntje stopte een kous, terwijl Bouke afwezig was en de kinderen te bed lagen.
Doodsche stilte heerschte in het vertrek. Elk gaf zich aan eigen gedachten over. Niets werd gehoord dan het gestadig getik van de groote, Friesche klok. Een enkele maal keek vrouw Siderius met een begeerigen blik naar haar man, in de hoop, dat hij iets zeggen of vertellen zou van hetgeen hij las, zooals hij meer placht te doen ; doch telkens tevergeefs. Met gefronst voorhoofd en saamgeperste lippen scheen de boer heel zijn omgeving te vergeten en voor niemand oog en oor te hebben.
Ook Pleuntje sprak geen woord. Haar gedachten waren bij Murk, die dezen middag zoo onaangenaam bejegend werd en toen was heengegaan als nooit te voren. Hoe zou het nu met hem zijn en wat zou hij doen ? Voorloopig kon hij hier niet terugkeeren, had hij gezegd. De boerin had hem zoo diep gekrenkt en onverdiend beschuldigd. Kwaad geworden, was hij heengegaan. Doch kon dit dè weg zijn ? Ging het nu wel goed ? Zij was hem nageloopen, maar daarop weer naar binnen gegaan, waar de vrouw bleek als een lijk had neergezeten, als ineengedoken tenslotte onder de striemende woorden van den boer, welke als zweepslagen op haar waren neergekomen, voor een deel verdiend, omdat zij zelve aanleiding tot dezen huiselijken twist gegeven had, maar toch niet in die mate, dat er aan haar hart zulke wonden moesten toegebracht, die zich niet gemakkelijk heelen lieten.
En sprak de boer nu maar eens een woord, waardoor hij toonde spijt te hebben over het gebeurde ; maar Pleuntje kende hem. Zoo was hij niet, en dat zou hij ook niet laten zien, voor nog zooveel niet. Dan moest er ook heel wat geschieden, wanneer hij in verteedering spijt toonde over een gesproken woord of een verrichte daad. Daarin was de boerin gehéél anders. Die kreeg gewoonlijk spoedig berouw over de uitbarsting van haar onaangenaam humeur en wilde dan wel gaarne weer vergoeden, wat zij miszegd of misdreven had.
Ook thans, Pleuntje merkte het wel, zocht zij daartoe de gelegenheid te vinden. Maar Siderius was koppiger dan ooit en zat maar stokstijf de beursberichten en vervolgens de advertenties en de nieuws tijdingen na te gaan.
Wat hadden ook de menschen met geld en goed nog dikwijls hun leed — dacht Pleuntje.
Vroeger, toen zij het leven nog niet zoo goed kende, had zij altijd gemeend, dat rijke menschen heel gelukkig waren, omdat zij in een mooi huis woonden, mooi gekleed gingen, mooie meubels hadden, van niemand afhankelijk waren, uit konden gaan zooveel en zoolang zij wilden, en daarbij konden eten en drinken, wat hun hart begeerde. Wat vvas zoo'n leven toch iets heel anders dan het leven van armoede en ontbering, zooals zij het van huisuit gekend had, en zooals Murk dat had doorgemaakt, en zooals Dirkje van „Bornia State", met wie zij zoo langzamerhand trouwe vriendinnen geworden was, dit óók wel bij ondervinding kende.
En toch lag in dien overvloed niet het waarachtige levensgeluk. Dat had zij ook al lang ingezien. De menschen verkeken zich over het algemeen op die uitwendige pracht en rijkdom, 't Zat alles aan den buitenkant en gaf het hart geen vrede, zooals zij dien had leeren kennen, vooral sinds haar omgang met Murk, die haar altijd van zulke heerlijke dingen sprak en bekend had gemaakt met Hem, Die in deze arme wereld kwam om de onrustige harten te spreken van zaligheid en die te vervullen met den vrede Gods, door hun de verzekering van de schuldvergeving te schenken. Zie, dat was heel iets anders en dat maakte haar gelukkig en tevreden en rijk, en stelde haar ook in staat op eenvoudige wijze daarvan mede te deelen aan wie deze zegeningen niet kenden of bezaten.
Maar vandaag was het mis, geheel mis. 't Scheen alsof een booze geest werkzaam was om alle blijdschap uit haar hart te bannen en het daar binnen zoo ledig en kil te maken. Precies als daar buiten in de natuur, waar de regen tegen de ramen kletterde en de gele bladeren bij tientallen door den herfstwind werden afgerukt en in het slijk geworpen, en waar het over de velden zoo'n droeven aanblik bood.
Kon zij maar weer de rust herstellen, zoodat men als gewoon met elkander sprak, vrij en blij. Doch het lukte niet. Al een paar maal had zij getracht een gesprek te beginnen, maar de boerin gaf ternauwernood antwoord, en de boer zweeg geheel. Gelukkig maar, dat het spoedig tijd werd om naar bed te gaan. De klok wees bijna zeven. Murk zou vanavond óok wel vroeg ter ruste gaan. 't Waren heele dagen met zulk weer bij den weg en dan zag hij vanmiddag ook vermoeid. Met den tijd zou dat venten hem wel bezwaarlijk genoeg.worden. Ook had hij al gesproken van een volgend jaar wijzigingen in zijn zaken te brengen, 't Groote huis op de Voorstreek lachte hem toe, als dit bij den publieken verkoop niet te duur werd ; om daar dan een galanteriewinkel te openen. En dan wilde hij ook trouwen. Haar hart verlangde daar naar en toch zag zij ook tegen deze verandering in haar leven op. Ze had haar gansche leven gediend bij vreemden, en nu een eigen huis.
(Wordt vervolgd, )
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 oktober 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 oktober 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's