Rondblik buiten de Grenzen
Het schijnt dat Japan, met het forceeren van belangrijke krijgsverrichtingen, gewacht heeft tot de spanning in Europa voorloopig weer wat was geluwd. Feit is in ieder geval, dat het conflict tusschen Japan en China deze week weer in het centrum der belangstelling is komen te staan. Met onverwachte snelheid werd de aanval op Zuid-China doorgezet, en de groote stad Kanton genomen. Of eigenlijk viel er, toen de Chineezen de verdediging moesten opgeven, niet veel meer te „nemen" voor de veroveraars. Want nog voor de tragische vlucht uit deze millioenen-stad geheel ten einde was, hebben de Chineezen de voornaamste gebouwen, de verdedigingswerken enz. tot ontploffing gebracht of in brand gestoken. Een groot deel van deze voorheen zoo belangrijke' plaats werd totaal verwoest. Een enorme zijden-voorraad schiep vlammen van honderden meters hoogte, terwijl elders munitie-bergplaatsen als enorme kraters uit elkander spatten. En te midden van deze plaats der verschrikking dwaalden verdwaasd en hulpeloos de stakkerds die in de nu onbewaakte gevangenissen, krankzinnigengestichten verpleegd waren.
Dat de Chineezen zulk een rijke stad nog liever een prooi der vlammen dan der Japansche veroveraars laten worden, is op zichzelf te begrijpen. Maar het eigen volk kon van deze wanhoopsmaatregel nog wel meer de dupe worden dan de Japanners. Eerst hebben de Chineezen het water als wapen willen gebruiken, nu bedienen zij zich van het vuur. Maar beide vernietigende elementen keeren zich zoowel tegen vriend als vijand.
Intusschen zijn de Japansche troepen al weer aardig op weg naar Hankau, de stad waar aanvankelijk de wereldzendingsconferentie zou worden gehouden, en die de zetel is der regeering van Tsang Kai Tsjek, sedert deze uit Nanking verdreven werd. De beteekenis van deze Japansche successen is vooral, dat Japan zoo langzamerhand de plaatsen in handen heeft, waar China met de buitenwereld in contact staat. De bezetting van deze steden snoert als het ware de ademhaling van het machtige rijk af. Op deze wijze wordt China in het nauw gedreven, ook al zou Japan er nooit in slagen geheel China te bezetten. Tsjang Kai Tsjek zal nu trachten via Fransch Indo-China toevoer van wapens en munitie te verkrijgen. Als alle kusten door de Japanners zijn bezet, (en voor een belangrijk deel is dit nu reeds het geval) is China geheel op den toevoerweg over land aangewezen. En door haar ligging is de Sovjet-Unie dan de eerst-aangewezen bondgenoot, hoe vurig Tsjan Kai Tsjek ook begeert om den communistischen invloed op China te breken. Het is ook nog de vraag of Moskou tot meerderen militairen steun aan China bereid is.
De verovering van Kanton door Japan is in dezen kommervollen tijd voor Engeland een oorzaak tot zorg temeer. Kanton vormt het achterland van de Engelsche bezitting Hongkong, welke een der grootste havenplaatsen van de wereld is. Zoo wordt ook dit Britsche steunpunt bedreigd. Dat Japan zulks durft ondernemen, bewijst wel heel duidelijk hoe zeer het Britsche prestige in de wereld geleden heeft. Het lijkt er op, dat Japan uit „den vrede van München" leering getrokken heeft, en nu wat meer durft te riskeeren dan enkele jaren geleden. Hoe dit zij : mannen als Eden, die steeds beweerd hebben, dat het capituleeren voor de gewelddadige politiek, gevolgen heeft die ver boven het belang van een bepaald „incident" uitgaan, kunnen in de houding van Japan opnieuw een bevestiging van hun theorie vinden.
In Europa doen de landen die met hun gewelddadige politiek succes hebben gehad, intusschen al hun best om dit succes volledig te benutten.
Over de verdeeling van midden-Europa kan men het echter nog niet direct eens worden. We schreven daar vorige week reeds over. De Poolsche minister Beek heeft zijn pogingen om Roemenië te winnen voor een gemeenschappelijke Poolsch-Hongaarsche grens, blijkbaar niet met succes bekroond gezien. De Roemenen zijn bang, dat een vergroot Hongarije hen Zevenburgen zal afeischen en houden Hongarije liever klein. Maar Polen houdt vol en verscherpt zijn eischen. Daar is ook nog een ander belang mee gemoeid. Een autonoom Roethenië n.l. (dat dus Oekraïnsch is) zou wel eens een Oekrainsche beweging in het leven kunnen roepen. De meeste Oekraïners wonen in Rusland, doch Polen heeft er ook een groot deel van. En een begin van een Oekraïnsch rijk zou dus voor Polen gevaarlijk kunnen worden. Anderzijds zou men het de Oekraïners toch moeilijk kwalijk kunnen nemen, indien zij droomden over een eigen Oekraïnsch rijk. Maar Polen ziet liever de Oekraïners verdeeld en gunt Roethenië daarom gaarne en bij voorkeur aan Hongarije.
De Hongaren krijgen nieuwe voorstellen van de Tsjechen. Praag biedt hun thans 10.000 vierkante Kilometer tegen de 12940 vierkante Kilometer welke Hongarije vraagt. Men nadert elkaar dus reeds. Het verschil gaat voornamelijk over enkele grootere steden. Aan Pressburg houden de Slowaken met kracht vast. Gezegd wordt dat nieuwe besprekingen te Weenen zullen plaats vinden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 oktober 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 oktober 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's