De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

VRAGEN BUS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VRAGEN BUS

5 minuten leestijd

Vraag : Hoe komt het, dat het huwelijk in de Roomsche Kerk een heilig sacrament is en hooger geacht wordt dan bij ons, ook onontbindbaar, en dat toch de geestelijken van allerlei soort de onthouding van het huwelijk moeten beloven ? Wordt het huwelijk door de Roomsche Kerk dan weer niet verlaagd, terwijl zij het eerst verhoogde ?
Antwoord : Het is niet altijd even makkelijk de Roomsche redeneeringen te volgen en te ontleden ; er is dikwijls een allerwonderlijkste tegenstrijdigheid op te merken en vooral voor een Protestant, met een zoo geheel andere mentaliteit, is het niet zoo makkelijk te vatten. Toch moeten we probeeren de dingen zoo goed mogelijk te ontleden en te vragen: wat is hier nu de Roomsche redeneering èn de Roomsche fout ?
Het staat met het huwelijk zóó, dat het langzamerhand in de Roomsche Kerk een „sacrament" geworden is, een heilige verborgenheid of mysterie geheeten, waarmee de Roomsche Kerk wonderlijk omspringt. Eigenlijk is het huwelijksleven voor de Roomsche Kerk iets van lager orde, behoorend bij het gewone leven, en wel behoorend tot het sexueele leven, dat minderwaardig is. Sexueele gemeenschap is toegeven aan de lagere en donkere zijde van ons bestaan. Maar een mensch is nu eenmaal een mensch, en alle menschen kunnen niet komen tot de hoogste trap van heiligheid, dat is in dit geval: de ongehuwde staat. Bovendien moeten er ook kinderen geboren worden, anders sterft het menschengeslacht uit en ook..... de Roomsche Kerk. Daarom is er het huwelijk en moet het huwelijk blijven en moet het huwelijk dienen voor verwekken van kinderen, ook al mee, opdat de Roomsche Kerk groeie en toeneme. Wat vooral nu ook weer aan de orde is in Nederland en overal elders.
Als nu echter het huwelijk eigenlijk een sexueele beweging is en van minder allooi wordt geacht, moet het huwelijk door de Kerk „gewijd" worden: En een huwelijk, dat niet kerkelijk gewijd is (en dan natuurlijk door den priester in de Roomsche Kerk) is eigenlijk maar een leven in concubinaat ; d.w.z. is eigenlijk maar een samenleven van man en vrouw, zonder dat men daarop recht heeft en de kinderen, die geboren worden, zijn dan ook eigenlijk uit overspel en door ontucht in de wereld gekomen. Daarom dus de kerkelijke wijding van het huwelijk bij Rome en dan is het, door de bovennatuurlijke wijding door de hand des priesters, tot een heel anderen staat opgevoerd. En zoodoende is het huwelijk, gewijd door den priester, een „heilig sacrament" (mysterie of verborgenheid) geworden, waarom dan ook het huwelijk, in de Roomsche Kerk „gewijd", onverbrekelijk is ; wat de Kerk saamgevoegd heeft, mag niet gescheiden worden.
Eigenlijk bestaat het huwelijk dus niet, als de Kerk het niet gesloten, gewijd en gezegend heeft. Daarom wordt door de Roomschen het burgerlijk huwelijk, op het gemeentehuis voltrokken, weinig of niets geacht. Dat is geen huwelijk, waarom het gaat. Het huwelijk wordt voor den Roomsche eigenlijk pas gesloten voor en door den priester. Vandaar ook weer, dat de Roomsche Kerk geneigd was, om niet aan het bruidspaar te vragen, of ze reeds op het stadhuis geweest waren en of hun huwelijk reeds .voor den burgerlijken stand gesloten was. En omdat zulks toch allernoodzakelijkst is voor de burgerlijke samenleving, in den Staat, is in de burgerlijke Wet opgenomen „dat geen geestelijke (dominé, pastoor of rabbi) een huwelijk kerkelijk mag. sluiten, alvorens hij de trouwacte heeft gezien". Heeft hij die trouwacte niet gezien en gecontroleerd en sluit hij dan toch een huwelijk kerkelijk, dan kan hij leelijk beboet worden !
Men voelt dus nu wel, dat het huwelijk, volgens Roomsche opvatting, op zichzelf beschouwd, minderwaardig is (de Kerk brengt er door het sacrament het gewijde in !) en dat het dus veel heerlijker is een leven te leiden in ongehuwden staat. En daarom eischt de Roomsche Kerk — neen, niet van alle menschen, maar dan toch wel van ietwat „heiliger" menschen, dat ze de gelofte zullen afleggen van niet te zullen trouwen. Wat dan ook genoemd wordt de belofte der kuischheid ! Trouwen is eigenlijk „onkuischheid", en ongehuwd zijn en blijven, is dan „kuisch en rein" zijn ! Dat is het eigenlijke leven, zooals het behoort, wat, in Roomsche taal heet een „vita angelica", dat eigenlijk beteekent een „engelenleven" !
De zinnelijke neiging van den gewonen mensch heeft dus de wijding van de Kerk noodig ; andersis het huwelijk geen huwelijk, maar eigenlijk niets dan een samenleven van man en vrouw in ontucht. Terwijl de heilige natuur van priester, monnik, non enz., het huwelijk niet noodig heeft en niet begeert
Laat men dus niet zeggen, dat de Roomsche Kerk het huwelijk zoo hoog en heilig acht, hooger en heiliger dan wij. Protestanten, want daar is niets van waar (alleen de kerkelijke wijding staat hoog), al moet zeer zeker gezegd worden, dat de Roomsche Kerk veel strenger staat tegenover de echtscheiding. Want als het huwelijk eenmaal door de Kerk gesloten is, dan is de huwelijksband, volgens Rome, onverbrekelijk en echtscheiding is niet toelaatbaar. Daarover denken Protestantsche menschen dikwijls helaas ! héél anders ; en volstrekt niet beter dan Rome, maar wel veel slechter ! Aan de moderne beschaving wordt gaarne door velen een offer gebracht
Men voelt nu ook, dat er verschil is bij Rome en bij ons, wat betreft het doel en de bestemming van het huwelijk ; dat is bij Rome eigenlijk allereerst en allermeest gelegen in het kinderen verwekken — ook al om de wille van de Kerk — en de schandelijke „geboortebeperking", met de onheilige practijken van den modernen tijd, zijn bij Rome gruwelijke zonden, die ontoelaatbaar zijn. Waarin helaas ! ook vele Protestanten zoo heel anders staan ; vanwege de hooge, verfijnde „cultuur" van den modernen tijd !... Die intusschen heelemaal niet „modern"' is, maar weer heelemaal doortrokken wordt van de oude. heidensche gedachten, zeden en gewoonten. En de wereld zal niet ondergaan door de „christelijke" beginselen, zeden en gewoonten ; maar wis en zeker wèl door de „heidensche" !!!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 oktober 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

VRAGEN BUS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 oktober 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's