FINANCIËN
Wanneer nog enkele dagen, ruim genomen een tweetal weken, ons scheiden van den datum waarop ons boekjaar staat te worden afgesloten, kan het niemands verwondering wekken, dat wij in gedachten even een terugblik werpen naar wat achter ons ligt. Wij hebben eene vergelijking gemaakt met wat tot nu in deze maand verleden jaar bij ons inkwam en wat thans werd afgedragen, waar wij eveneens November schrijven.
In het algemeen gesproken, is hieraan eenig gevaar verbonden. Een zeker gevoel van onvoldaanheid wordt hierdoor licht wakker geroepen. Valt de vergelijking ten kwade uit, zoo wordt de waardeering voor wat nu binnenkomt eer verkleind dan vergroot. Dit mag niet. Dit ligt ook heelemaal niet in onze bedoeling. Wat bij ons voorzit, is alleen dit : om enkele vrienden, die tot nu achterbleven, even een wenk te geven : wacht nu niet te lang. Ge kunt nu nog net op tijd aan uw voornemen gevolg geven. Wacht geen week meer, doch doe wat ge van plan waart, dadelijk.
Van de maand November in het vorig jaar spreken mijn boeken van een meer dan dubbele opbrengst van wat ik nu mocht boeken. Dit maakt me eenigszins onrustig.
'k Weet wel, dat het spreekwoord omtrent onzen volksaard de juiste omschrijving weergeeft : „haast u langzaam". Toch maakt men het elkander hierdoor wel eens wat al te lastig. Vandaar kom ik thans met een dringend verzoek : zendt mij, wat ge nog onder u hebt en dat bedoeld is voor onze fondsen, nu in deze week of desnoods in de eerste dagen van de volgende.
Ik kreeg ook, wat het aantal posten betreft, bij lange na niet zooveel te verantwoorden. Laat mij deze maar eens aan u voorleggen.
1. De Penningmeester van de afd. Bodegraven was zoo goed mij de contributies af te dragen. Deze bedroegen de som van ƒ 45.19 Wij zeggen hem en de vrienden aldaar zeer vriendelijk dank.
2. Van de afd. De Bilt was de Penningmeester aldaar zoo goed deze mij evenals verleden jaar, persoonlijk ter hand te stellen. De gelegenheid om eens met elkander te spreken over de belangen, ons toevertrouwd, wordt op deze wijze vergemakkelijkt. Ik krijg bij zulke ontmoetingen altijd een gevoel, dat dit veel meer moest gebeuren. Men kan dan ook persoonlijk beter zijn dank betoonen.
Hij bracht ons nu ,, 26. 'k Twijfel niet, of hij zal onze erkentelijkheid wel overbrengen.
3. Vanuit Delft kreeg ik nog één gulden als nagekomen contributie „ 1.— Ook voor deze gift zijn wij dank verschuldigd.
4. Een drietal collecten krijg ik thans te verantwoorden.
De gemeente van Veenendaal, die zulk een vooraanstaande beteekenis heeft in onzen Bond — ik noem slechts een tweetal namen : wijlen ds. Jongebreur en ds. Van der Snoek, ontvielen ons door een, naar onze gedachten, al te vroegen dood — houdt geregeld nog spreekbeurten. Ditmaal trad hier op ds. Remme, van Amsterdam. Hij zal ongetwijfeld bij een gelegenheid als deze het gemis van wat voorheen zoo krachtig zich openbaarde, hebben gevoeld. Niettemin bedroeg de collecte nog „64.18
Wij zijn de Veenendaalsche vrienden recht dankbaar voor wat zij ook thans nog aan steun ons bieden.
5. De Kerkeraad van IJsselmuiden zond mij dezer dagen eveneens een prachtcollecte, aldaar gehouden. Deze bracht op „63.73
Deze was, evenals de voorgaande, bestemd voor het Studiefonds. Wij zeggen den Kerkeraad aldaar allerhartelijkst dank.
6. Tenslotte past in dit verband de collecte, gehouden te Resteren. Ook hier werd voor het Studiefonds gecollecteerd. Dit wordt door ons op hoogen prijs gesteld. Wij zeggen ook den Kerkeraad aldaar hartelijk dank.
De collecte bedroeg hier „12.76
7. Vanuit lerseke krijg ik jaarlijks altijd een vaste bijdrage van J. v.-O. van 10 gld., waarvoor ik hem hartelijk dank betuig „10.—
8. Vanuit eigen gemeente krijg ik omtrent dezen tijd ook enkele posten te verantwoorden. Zoo van N.N. 4 gld. als abonnementsgeld voor De Waarheidsvriend „ 4.—
9. En van de fam. v. d. Ham krijg ik een gelegenheid om den inhoud van hun busje voor het Studiefonds mee te nemen. Dit bedroeg „ 4.50 'k Ben voor deze bijdragen en telkenmale steun-biedingen zeer gevoelig en erkentelijk.
10. Vanuit M. kreeg ik onder letters N.N. 10 gld. voor onze fondsen „10.—
11. Van een onbekenden vriend uit Breukelen kreeg, ik één gld., en wel uit de collecte, gehouden op Dankstond voor het gewas, voor het lezen van De Waarheidsvriend „ 1.—
Wij zeggen ook voor deze laatste gift vriendelijk dank.
Opgeteld kom ik thans tot de eindsom van
f 242.36
utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 november 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 november 1938
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's