De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Heidelbergsche Catechismus

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Heidelbergsche Catechismus

naar de verklaring van ZACHARIAS URSINUS (5)

5 minuten leestijd

Het plan van den Catechismus is geheel gebouwd op de kennis van de drie stukken : kennis van ellende - kennis van verlossing - en kennis van dankbaarheid.
Waarom is nu de kennis der verlossing voor onzen troost noodig
De kennis van ellende is noodig om naar de verlossing te leeren verlangen. En de kennis van de verlossing is noodig, om in de ellende niet wanhopig om te komen. Maar dan óók, om van die verlossing meer en meer te genieten, en onderwezen te worden in de voorrechten, die de verlossing ons brengt. Want wat we niet kennen, waardeeren we ook niet. En hoe meer we de verlossing leeren waardeeren, hoe meer we ook zullen opgewekt worden tot dankbaarheid. Zóó grijpen de drie stukken in elkaar.
Nu wordt de kennis der verlossing alleen gekend door het Evangelie. Dat leert ons, dat de verlossing enkel en alleen is in Jezus Christus, voor een iegelijk, die in Hem gelooft. Niet die zoekt z'n eigen zaligheid te werken, komt tot den eenigen troost. Maar hoe meer we door het geloof de verlossing in Christus mogen leeren aannemen, hoe volkomener de verlossing wordt en hoe grooter onze dankbaarheid zal worden. Dan weten we, wie de verlossing ons komt schenken en waartoe ze ons geschonken wordt. En wel om te rusten in Christus en om Gode dankbaarheid te bewijzen.
Zoo komen we tot het derde stuk : de dankbaarheid.
Waarom is nu de kennis der dankbaarheid tot onzen troost noodzakelijk ?
Omdat God alleen aan dankbaren de verlossing wil verleenen. Bij hen alleen zal Hij Zijn doet bereiken, en wel de verheerlijking van Zijn Naam. De dankbaarheid is het voornaamste oogmerk en doel der verlossing. „Hij heeft ons aangenomen tot prijs der heerlijkheid Zijner genade." (Efeze 1 vers 4).
Nu zullen we de ware dankbaarheid alleen leeren kennen uit Gods Woord. Daardoor zullen we eerst recht leeren kennen de plichten, die wij God en onzen naaste hebben te bewijzen, wat niet op ons goeddunken of menscheninzettingen gegrond mag zijn. Zoo zullen we hoe langer hoe meer leeren, dat het alles louter onverdiende genade is en door de dankbaarheid zal het geloof verdiepen en de troost vermeerderen. Die dankbaar zijn, erkennen en belijden gewisselijk het goede ontvangen te hebben. En in die dankbaarheid moeten we door den Catechismus onderwezen worden. Want wel zal die dankbaarheid als vanzelf ontspruiten bij degenen, die genade kennen, omdat allen, die de verlossing van de ellende kennen, begrijpen, hoe groot de weldaad is, die we mogen ontvangen. Het is onmogelijk, dat wie Christus ingeplant zijn, om in Hem een volkomen verlossing te mogen vinden, Gode niet dankbaar zouden zijn. Maar over de wijze van dankbaarheid moet Gods Woord ons onderrichten. En door de leer, die aan ons onderwezen wordt, wil God de dankbaarheid in ons opwekken, vermeerderen en bevestigen.
Daarom besteedt de Catechismus naast de onderwijzing in het stuk der ellende (Zondag 2-5) een zoo groot stuk aan de bespreking van het stuk der verlossing (Zondag 5-31), maar een niet minder groot stuk ook aan de onderwijzing in het stuk der dankbaarheid, met een breede uitlegging van de Wet des Heeren, en een onderrichting aangaande het gebed. (Zondag 32-52).

EERSTE DEEL.
Van des menschen ellende.
ZONDAG II. 3de Vraag : Waaruit kent gij uw ellende ? Antw. : Uit de Wet Gods. Rom. 3 vers 20.
In dit deel over 's menschen ellende wordt voornamelijk gehandeld over de zonde en de gevolgen of de straf der zonde. Maar dan wordt tegelijk en in verband hiermee, gehandeld over onderwerpen als : de schepping van den mensch, het beeld Gods in den mensch, de val en de eerste zonde van den mensch, de erfzonde, de vrije wil en de verschillende straffen.
Wat is nu „de ellende" ; en waardoor en hoe leert men ze kennen ?
De naam ellende is van wijder strekking dan de naam zonde ; want het bevat in zich : het kwaad der schuld en dat der straf.
Alle zonde is schuld en brengt tegelijk mee als straf allerlei pijniging en kwelling en vernietiging van de redelijke natuur. Let eens op de zonde van David, toen hij in hoogmoed de volkstelling deed plaats hebben; dat is schuld, die gevolgd wordt door allerlei straf ; gelijk de vroegere zonde van David, bij zijn overspel met Bathseba en de doodslag op Uria bedreven, met een lange nasleep van velerlei ellende als straf.
De ellende van den mensch is derhalve de zeer ongelukkige toestand van den mensch na den val, in deze twee zeer groote rampen bestaande:1. dat de menschelijke natuur door de zonde verdorven en van God afgewend is ; 2. dat zij om deze verdorvenheid onderworpen is aan de eeuwige vervloeking, in de verwerping van God.
Deze ellende nu kennen wij uit de Wet, die ons als een goddelijke spiegel voorgehouden wordt. „Want door de Wet is de kennis der zonde", zegt Paulus (Rom. 3 vers 20). En het woord der Wet is : „Vervloekt zij, die de woorden dezer Wet niet zal bevestigen, doende dezelve" (Deut. 27 vers 26). Welke laatste woorden in het Nieuwe Testament 'herhaald worden, als Paulus aan de Galatiërs schrijft: „Vervloekt is een iegelijk, die niet blijft in al hetgeen geschreven is in het boek der Wet, om dat te doen". (Gal. 3 vers 10b).
Zoo is dan de kennis der ellende uit de Wet Gods. Want de Wet Gods kan ons niet levend maken, maar is ons tot den dood, anders zou de rechtvaardigheid uit de Wet zijn. Maar nu is alles, onder de zonde besloten. En de Wet, die ons veroordeelt, is onze tuchtmeester tot Christus, opdat we uit het geloof zouden gerechtvaardigd worden. (Gal. 3 vers 21, 22, 24).
De rechtvaardige zal uit het geloof leven, wat hier een tegenstelling is met het leven bij de gerechtigheid uit de werken.
(Wordt voortgezet.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

De Heidelbergsche Catechismus

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 1938

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's