De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

IN DE TORADJA-LANDEN.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

IN DE TORADJA-LANDEN.

5 minuten leestijd

Baron van Boetzelaer van Dubbeldam, die zelf zoolang in Indie in het werk der Zending geweest is, is op 't oogenblik weer in Indië voor een groote visitatie-reis, in verband ook met de Wereld-Zendingsconferentie, die te Madras, op de Oostkust van Voor-Indië, gehouden is (van 12—29 Dec. 1938). In het Ned. Zendingsblad schrijft dr. Baron van Boetzelaer ook over de Toradja-landen, omdat hij ook Celebes bezocht heeft. We lezen daar :
„Wij besloten een rondreis over Celebes en door de Molukken te maken. Wat zijn de mogelijkheden, om een reis binnen den Archipel te maken, veel veranderd èn verbeterd ! Woensdagavond met de nacht expresse Batavia verlatende, waren wij Zaterdagmorgen vroeg te Makassar, en nog dienzelfden middag omstreeks 5 uur bij dr. H. van der Veen te Angin-Angin bij Rante Pao, 320 K.m. van Makassar, welke afstand wij, dank zij de goede wegen en een voortreffelijke auto, in 6.45 uur aflegden, wat zeker een heele prestatie mag genoemd worden, als men bedenkt, dat ongeveer de helft van dezen weg door zwaar bergterrein loopt.
Een verblijf van een 5-tal dagen onder de Sadang- Toradja's, was ons een hoogst welkome kennismaking met een stuk zeer belangrijk Zendingswerk onder een uiterst merkwaardige tak van dit volk, dat in vele oplichten onze aandacht zoozeer waard is. Nu ik vlak na elkander Rante-Pao en omgeving, en daarna, na 38 jaren, nog eens weder Posso heb mogen bezoeken, en vandaar uit tot Pendolo aan de zuidzijde van het Possomeer, heb kunnen doordringen, aarzel ik niet te verklaren, dat onder de Toradja-stammen de belangrijkste groep gevormd wordt door de Sadang-Toradja's. Daar treft men niet alleen het grootste taalgebied aan, n.l. van de door dr. Van der Veen bestudeerde Tae-taal, maar , daar vindt men ook nog het oorspronkelijkste en krachtigste volksleven, daar is een welvarende en sterker gebouwde bevolking, waarvan men in de meer noordelijke streken slechts de uitloopers aantreft, veel geringer in aantal, individueel en economisch veel zwakker.
Moeten wij hieruit de conclusie trekken, dat het een fout is geweest met den Zendingsarbeid vanuit Posso te beginnen, en eerst zoo heel veel later in het zuiden daartoe over te gaan ? Moeten wij het betreuren, dat mannen als Adriani en Kruyt zooveel van hun groote gaven aan deze noordelijke stammen gewijd hebben ? Zulke gedachten liggen voor de hand, en het is begrijpelijk, dat men deze thans van verschillende zijden hoort verkondigen.
Toch geloof ik, dat men met het trekken van dergelijke conclusies uiterst voorzichtig moet zijn. Het valt zoo gemakkelijk, als jongeren gereed te staan met een oordeel over het beleid der ouderen, maar even gemakkelijk begaat men daarbij de grootste onbillijkheden. Waar ik eergisteren stond bij het graf van den ook door mij zoo hoog vereerden en geachten dr. Adriani, en ik op dit oogenblik zit te schrijven in de studeerkamer van dr. Alb. C. Kruyt, te Pendolo, van waaruit 'n bijna ongelooflijk aantal bijdragen over deze meer noordelijke Toradja-stammen de wereld zijn ingezonden, gevoel ik het nog weder eens dubbel levendig, wat het levenswerk van deze beide mannen voor dit Zendingsgebied heeft beteekend en hoe wij niets daarvan zouden kunnen en willen missen. Men kan nu wel heel gemakkelijk zeggen, dat zij niet vanuit het noorden, maar vanuit het zuiden de Toradja-landen hadden moeten aanvatten, maar dan houdt men niet in het oog, dat deze toen een vrijwel onbekende wereld was, en de eenige mogelijkheid om die binnen te gaan was, om dit vanuit Posso te doen. Ook dit was toen een uiterst moeilijke en hachelijke onderneming. Wij kunnen niet anders dan de grootste bewondering koesteren voor den moed en voor het geloof en de volharding, waarmede hier de pioniers zich van die taak gekweten hebben. Het voornaamste hierbij is echter, dat wij zoo duidelijk in deze gang van zaken een leiding Gods zien. Wij, menschen, vergissen ons telkens bij 't bepalen van ons oordeel en het nemen van onze beslissingen, maar God vergist zich niet. God ziet de dingen zoo geheel anders, dan wij die zien. Hij verkiest, ook onder de volkeren en stammen, menigmaal juist de kleinere en zwakkere uit om het eerst de boodschap des Heils te hooren en aan te nemen. Die prediking heeft op het Zendingsterrein van 't Nederlandsch Zendeling-Genootschap onder de Toradja's rijke vruchten gedragen. Op de terreinen van den Gereformeerden Zendingsbond en van de Christelijk Gereformeerde Kerk, gaat zeker het werk niet onbevredigend vooruit, maar eerst de toekomst zal kunnen leeren, in hoeverre ook daar hetzelfde zal kunnen bereikt worden.
Het feit, dat in de Possostreek met Zendingswerk werd aangevangen, had bovendien niemand behoeven te verhinderen, onder de Sadang-Toradja's hetzelfde te gaan doen. Wij verheugen er ons ten zeerste in, dat thans ook daar in het zuiden wordt gearbeid ; wij gevoelen het echter sterk, dat dit heel veel eerder had moeten geschieden. Met schaamte moeten wij telkens weder constateeren, hoe traag in vele streken het bevel des Heeren is opgevolgd om aan alle volken het Evangelie te verkondigen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 februari 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

IN DE TORADJA-LANDEN.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 februari 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's