RONDOM DE LEESTAFEL
DE ZOON VAN BEëRI (Hosea), door H. Veldkamp. Uitgave : T. Wever, Franeker.
't Zou best kunnen gebeuren, dat velen onzer geen antwoord zouden kunnen geven, als zoo maar, in eens, zonder toelichting, gevraagd werd : wie is de zoon van Beëri ? Er zijn wel makkelijker vragen, de Bijbelsche geschiedenis rakend, waarop soms het antwoord uitblijft
Het is gelukkig, dat de profeten door vele predikers naar voren gebracht worden, bij de bediening des Woords en ook in de geschriften van vele theologen, in het buitenland en hier. Hun geschiedenis is zoo vol beteekenis en hun woord is ons aller aandacht waardig. Wat groote overeenkomst dikwijls in de tijdsomstandigheden, waarin deze Godsmannen leefden, en de omstandigheden, waaronder wij en onze kinderen leven ! En dan is het wonderlijk hoe des Heeren Woord, juist door der profeten getuigenis, nu tot ons komt om ons bekend te maken, wat God wil dat we nu doen zullen. Een gouden eeuw — vroeger. Een gouden eeuw — nu. Machtige vorsten, groote legers, schatten en geneugten, brood en spelen — toen, en nu. Zonde en goddeloosheid te midden van 't volksleven, ontrouw en afval in de Kerk. Toen — en nu. Dan komt des Heeren Woord, met waarschuwing en vermaan, met bedreigingen en oordeelen, met beloften en toezeggingen. „En wilt Zijn straffen gadeslaan !" — „Die gunst heeft God Zijn volk bewezen, opdat het altijd Hem zou vreezen".
Ds. Veldkamp leeft in de geschiedenis, de heilige geschiedenis, uit de dagen van de profeten. Hij let op de teekenen der tijden van toen en van nu ; en luistert naar de stemme Gods. Hij wil er van verhalen, wat het Woord der Godsmannen ons te zeggen heeft. En hij weet de Schriften te ontleden, te ontvouwen, te verklaren, opdat er wijsheid van zal uitgaan tot zegening voor volk en Vaderland, Kerk en Maatschappij.
Dit boek over Hosea bevelen we gaarne aan. Het is rijk van inhoud, mooi in vorm van uitlegging en beschrijving. Het is Schrift verklarend in gezonden zin. En de Uitgever heeft er voor gezorgd, dat het een genot is, dit boek ter hand te nemen en het telkens hier en daar op te slaan. Dat er een zegen van mag uitgaan, voor jongeren en ouderen !
HET GEPREDIKTE WOORD, preeken van Johannes Calvijn. Uitgave : T. Wever te Franeker.
Deel I : Advent- en Kerstfeest. Kerststoffen. Deel II : Lijdensstoffen. Twee deelen : „preeken van Calvijn" liggen voor ons. De bewerkers van deze twee 'kapitale (boeken, van zoo rijken inhoud en van zoo groote waarde, voor dominees, maar niet minder voor 'belangstellende gemeenteleden, zijn twee predikanten van de Geref. Kerken, en wel ds. J. Douma en ds. W. H. V. d. Vegt. Al dadelijk is de breede inleiding in Deel I zoo buitengewoon oriënteerend ten opzichte van het kanselwerk van den grooten Hervormer van Geneve en Straatsburg. Wij zouden er gaarne heele stukken van overnemen. Misschien doen we het nog wel eens, bij gelegenheid. Het is een belangrijk stuk werk, dat de bewerkers en de vertalers ons hier geven.
Wat de preeken zelf betreft : het 'is voor ons iets geheel nieuws. In vertaling zijn de preeken van Calvijn onder ons, tot nu toe, niet bekend. En ziet, daar verschijnen nu, kort na elkaar, twee kloeke deelen. En de belofte ligt er : er koimt binnen korten tijd nog een derde deel ! Wanneer men op de reeks van drie deelen inteekent kost een ingenaaid deel ƒ 2.25, een gebonden deel ƒ 2.90, wat een zéér lage prijs te noemen is.
Oimdat we nu in de lijdensweken verkeeren, willen we voor 't oogenblik bijzonder nog iets zeggen over het 2de deel. Eerst krijgen we preeken over Jesaja 53, waarin Christus' lijden profetisch wordt geteekend. En daarna worden dan de lijdensstoffen uit het N. Testament behandeld, ontleend aan de Evangeliën. Zoodoende 'hebben we hier 7 preeken over Jesaja 53 en 8 preeken over Matth. 26 : 36 — 27 : 60. (250 blz.).
Wat moet het ons opvallen, hoe eenvoudig Calvijn gepreekt heeft ; ontsluiting van Gods Woord ; nauwkeurige Schriftverklaring en daarbij het uitstallen van de rijkdom van Christus voor een arm zondaarsvolk, dat tot Hem de toevlucht mag nemen in leven en in sterven beide. Men leze b.v. het slot van de laatste predicatie over de begrafenis van den Heiland. In Hem ligt al onze gerechtigheid „waardoor wij heden Gode welgevallig zijn om toegang tot Hem te hebben en Zijnen Naam aan te roepen. En in dit vertrouwen willen wij ons nederbuigen voor Zijn heilige Majesteit, Hem biddend dat Hij ons allen in genade aanneme, dat wij, hoe arm en ellendig wij ook zijn, niet nalaten onze toevlucht te hebben hij Zijn barmhartigheid. En hoewel wij van dag tot dag Zijn toorn tegen ons inroepen en met recht verdienen door Hem verworpen te worden, toch moeten wij niettemin verwachten, dat Hij ons toont de vrucht en de kracht van den dood en het lijden, dat Zijn eenige Zoon heeft doorstaan, waardoor wij verzoend zijn, en dat wij niet twijfelen dat Hij ons altijd Vader is, n.l. wanneer Hij ons de genade zal bewijzen, dat wij ons jegens Hem als rechte kinderen openbaren. En dat wij dit daadwerkelijk bewijzen, zoodat wij niets vragen dan heelemaal de Zijnen te zijn, dewijl Hij ons ook voor zoo duren prijs verworven heeft en wij met recht heelemaal tot Zijn dienst 'moeten vernieuwd worden. En overmits wij zoo zwak zijn, dat wij ons niet van het honderdste part van onzen plicht zullen weten te kwijten, ook al werkt Hij in ons door Zijn Heiligen Geest, omdat altijd de zwakheden onzes vleesches zooveel weerspannigheid en strijd meebrengen, dat wij ons slechts voórtsleepen in plaats van te marcheeren, zooals het zou behooren — zoo behage het Hem ons van dat alles te ontdoen, en dat wij met Hem vereenigd mogen worden", (iblz. 250). De Uitgever heeft voor twee mooie boeken gezorgd, waarvoor zeer zeker velen hem ten hoogste dankbaar zullen zijn. Gelijk de twee predikanten Douma en v. d. Vegt uitnemend werk hebben verricht. Wij hopen dat dit werk mag worden voortgezet en allerwege waardeering zal vinden.
PARAPHRASE — HEILIGE SCHRIFT. Nummer I : Romeinen. Uitgave T. Wever. Franeker.
Dit is iets nieuws. En dit nieuwe is naar een bepaald, uitgewerkt plan. De Uitgever Wever, die de laatste jaren zoo ondernemend met iets nieuws begint, heeft een volledig programma. Hij wil met tal van medewerkers een paraphrase geven van heel de Heilige Schrift. Alle bijbelboeken wil hij laten bewerken, door bekende theologen van gereformeerde belijdenis ; om zoo „overgezet" en „omschreven" de Heilige Schrift onder de menschen te brengen ; opdat de bijbeltaal in de volkstaal „overgezet" en „omschreven", tot de menschen des te gemakkelijker zal doordringen en de zin en de beteekenis der verzen en hoofdstukken des te beter zal worden gevoeld en begrepen en verstaan, door Schriftkundigen èn door „buitenstaanders".
Natuurlijk is deze paraphrase-uitgave dan uiterst moeilijk te verzorgen. Want de Schrift mioet onverkort en zuiver worden bewaard en toch tegelijk „overgezet" en „omschreven". De paraphrase mag geen fantasie worden, ook geen „verkorting met allerlei coupures" ; anderzijds weer niet al te breed opgezet, met lange redeneeringen. Het moet kort en Maar, duidelijk en nauwkeurig zijn — en ieder voelt, dat dit zware eischen zijn voor de bewerkers. De smaak van den een, zal hier wel verschillend zijn van die van den ander. Maar waar het een ernstig pogen is, om de Heilige Schrift onder de menschen te brengen — ook in onze gezinnen — op een wijze, dat we des te beter Gods Woord zullen leeren verstaan, juichen we dit plan van den Uitgever met zijn knappe medewerkers, ten zeerste toe. God zegene dit moeilijke, maar mooie werk !
Ds. C. Vonk geeft dan hier een paraphrase van den brief aan de Romeinen. De inleiding werpt een helder licht op dezen brief. We hooren wie de lezers zijn, wie de schrijver is en wat het doel van dit schrijven is geweest ; waarbij breed gesproken wordt over den achtergrond (het Judaïsme) en de indeeling duidelijk doet uitkomen waarom het gaat. Het gaat hierom :
„Paulus verlangt naar Rome, om ook in het Westen te prediken het Evangelie van louter genade en dus van gelooven alléén, (1 : 1—7). Alléén maar gelooven ; iets anders zou den verdoemelijken mensch immers ook niet baten (1 : 18 — 3 : 31) ; van iets anders lezen we trouwens ook niet in de heilige Schriften (4:1 — 5 : 21). Maakt deze leer dan soms goddelooze menschen (6:1 — 8 : 39) ? Israël, mijn volk, waarom verwerpt gij toch het Evangelie van louter genade en van alleen maar gelooven ? Waarom verwerpt gij het ? En dat, tegen beter weten in? (9 : I — 11:36). Bij zoo'n Evangelie zijn we ook verplicht den Christus in alles te dienen, in liefde en gehoorzaamheid. (12 : 1 — 15 : 13). Zoo moet dit schrijven dan dienen, om Paulus' weg naar Rome te effenen, om met hun hulp de heidenprediking nu voort te zetten in het Westen (15 : 14 — 16 : 27). „Den alleen wijzen God zij de lof in alle eeuwigheid. Amen."
Met groot genoegen hebben we deze „overzetting" en „omschrijving" (paraphrase) van den Romeinenbrief gelezen (hoewel op- en aanmerkingen wel niet uit zullen blijven, ook al mee, omdat dikwijls tusschen moeilijkheden een keuze moet worden gedaan) en als we zien op de inleiding en op al de aanteekeningen ter verduidelijking dan zeggen we gaarne, dat we hier te doen hebben met een stuk werk, dat alleszins lofwaardig is.
Het eerste deeltje van deze paraphrase der Heilige Schrift ziet er keurig uit. Wat een frissche omslag ! Papier en letter is uitstekend.
Jong DUNDRUK-BIJBEL. Uitgave : A. bloed. Leeuwarden.
Deze uitgave van Jongbloed, de z.g.n. „dundruk-bijbel willen we juist in deze dagen bijzonder aanbevelen. Als men er over denkt een „kerkbijbeltje" te koopen, of cadeau te geven, we denken aan 't komende Paaschfeest, met het doen van belijdenis — dan kan men hier terecht. Dit is een Kerkboek met O.- en N. Testament, dus de gansche Heilige Schrift. Dat is al een bijzonderheid, daar gewoonlijk slechts het N. T. is opgenomen. En wat nu' het merkwaardige is, is dit : het is een Kerkboek, dat volstrekt niet dik, onhandig, zwaar is, maar zoo licht als een veer en zoo dun — nu ja, niet als een dubbeltje, maar toch buitengewoon dun en handig. Wat te meer te prijzen valt, omdat ook het Psalmboek benevens de gansche Gereformeerde liturg ie is opgenomen. Zoo vindt men hier de Ohr. gebeden, de formulieren voor Doop, Avondmaal en Huwelijk. Zelfs de Ziekentroost. En natuurlijk de Drie Formulieren van Eenigheid en dus niet maar alleen de Heidelbergsche Catechismus, maar óók de Ned. Geloofsbelijdenis in 37 Art. en de Vijf Leerregels van Dordt tegen de Remonstranten. Ook het Kort Begrip !
Het is dus een allervolmaaktst Kerkboek, keurig gedrukt, duidelijk leesbaar, alles inhoudende wat we in de kerk noodig hebben, en dan zóó dun-gedrukt, dat het een uitermate prettig en handig boekje is, een mooie, degelijke omslag van imitatie-leer.
Men vrage z'n boekhandelaar eens naar de verschillende uitgaven van dit Dun-druk-Kerk-boek van Jongbloed. Men zal dan zeker een keus kunnen doen!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 maart 1939
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 maart 1939
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's