FINANCIËN
Weet ge wat eens door een van mijn kennissen werd opgemerkt : „Als ik mijn belasting-biljet moet invullen sta ik er voor, dat mijn inkomen nog zooveel bedraagt, anders merk ik er nooit iets van." „Eigenlijk", zoo zei hij, „is het maar een moment dat ik van mijn bezit iets merk, anders is het altijd de eindjes aan elkander knoopen, om een tekort te vermijden".
Zoo gaat het mij, bij mijn verzorgen van de bondsgelden evenzoo. Als we onze balans opmaken, is er oorzaak en reden te over om het goede op te merken dat God ons gaf. Onze blik gaat iets hooger dan sommigen voorgeven, dat bij ons het geval zou zijn. Ons oog blijft niet rusten op de gave, groot of klein, ook niet op de hand, die haar ons zichtbaar toereikt, neen, ons oog richt zich op den Gever alles goeds. Niet weinig keeren gebeurt het, dat wij er ons klein, zeer klein onder gevoelen.
In den loop der jaren hebben wij het geleerd af te zien van alle menschen. Een goedkeuring of een afkeuring van deze zijde brengt voordeel noch nadeel. De wereld wordt door geen menschenhand geregeerd. Daar is maar Een. Die zeggen kan : „Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde". Dat is Christus Zelf.
Laten wij hieraan maar vasthouden. Werkelijk, schade doen menschen u niet aan, als ge uw toevlucht maar zoekt bij Hem. Hem uw nooden klaagt. Ik zal het nog iets sterker belichten. Wanneer ge u in het nauw voelt gedrongen door iets, wat doet er niet toe, heeft het nooit een andere bedoeling dan deze, dat gij nauwer contact zoekt met den hemel.
Werpt al uw bekommernissen op Hem, zoo luidt het Woord, want Hij zorgt voor u".
Wij laten ons dan ook niet van het spoor afbrengen, dat ons van den Heere duidelijk is aangegeven, en gaan in Zijne kracht voort. In deze weken zijn mijn uitgaven iets meer, dan er werd ingebeurd. Het verschil is nogal vrij groot. Niet dat me dit verontrust, alleen zou mij later eene kleine opmerking kunnen worden gemaakt, n.l. „waarom hebt ge het ons niet verteld ? " „Wij hadden deze kleine zorg graag met u gedeeld".
Nu behoeft ge evenwel, wanneer ge de helpende hand mij woudt toesteken, niet dadelijk naar voren te komen.'Houdt de gave vast maar gereed, als straks de Paaschcollecte wordt gehouden. Hierop mogen wij toch rekenen niet waar ?
Tot nu heeft 't ons aan geen enkel ding ontbroken, dat wij noodig hadden, zouden wij het dan ook verder op deze leiding durven wagen ? De hand des Almachtigen en Genadevollèn tevens blijve beschermend en beschuttend over ons uitgebreid.
Zoo willen wij de posten voorleggen, die in deze laatste weken bij ons inkwamen.
1. Het eerste wat mij werd toegezonden kwam uit Leiden. De penningmeester van de Afdeeling aldaar zond mij nog 25 cent, eene vorige zending alzoo aanvullend.Wij zeggen hem hiervoor dank ƒ 0.25
2. Collega Alers van Dordt had voor het Studiefonds van N. N. ontvangen „ 1.— Lichtelijk kent hij den gever. Zou hij dan uit onzen naam hem onzen dank willen overbrengen ?
3. Door ds. Schroten van Charlois kregen wij van mej. C. G , , 0.50
Wij zeggen zender en geefster dank.
4. Te Hoogeveen werd een spreekbeurt gehouden, waarbij ds. v. d. Hee van Genemuiden voorging. De collecte hierbij gehouden bracht op „8.46
5. Te Garderen ging bij een spreekbeurt voor ds. Kruishoop van Ermelo.
Deze bracht op „16.29 Mogen wij voor beide spreekbeurten onze erkentelijkheid betuigen ?
6. Door ds. van Dorp te 's-Gravenhage werd op een Bijbellezing gecollecteerd voor den Geref. Bond 1 gulden, met bijschrift „uit dankbaarheid voor hetgeen hierbij genoten werd". Hierbij werd nog gevoegd een gulden van N.N. voor beide fondsen, alzoo tezamen „ 2. -
7. Vanuit Hazerswoude mocht ons ook thans weer geworden de inhoud van het bekende busje van mej. G. Qualm. Zooals altijd is dit voor ons een blijde verrassing. Wij zijn voor dezen arbeid hoogst erkentelijk. De opbrengst stemt tot warmen dank. Met een regelmaat die tot voorbeeld kan worden gesteld aan al onze vrienden, komt deze post elke drie maanden in onze boekhouding voor. Wij hopen dat zij, door vele handen gesteund, dezen arbeid nog langen tijd mag vervullen. De opbrengst was ook thans niet minder dan ƒ 24.05. Wij zeggen allen die hieraan medewerkten hartelijk dank , , 24.05
8. Te Delft is sedert langen tijd een busje in het bezit van de fam. Olieman. . De inhoud hiervan werd ons dezer dagen toegezonden. Zij bedroeg de som van ƒ 8.65. Ook hiervoor betuigen wij evenzoo onzen hartelijken dank „ 8.65
9. Uit eigen gemeente zond onze vriend de G. ons voor onze fondsen 10 gulden. Wij hopen bij gelegenheid hem hiervoor persoonlijk onzen welgemeenden dank te betuigen „10.—
10. Een tweetal posten, contributiegelden betreffende, werden ons afgedragen, en wel 25 gulden van de Afdeeling te Dordt, 25.-
11. En vanuit Sassenheim kwam onder hetzelfde hoofd, n.l. contributie, bij ons binnen van den heer I Wij betuigen hiervoor onzen dank.
12. Tenslotte kwam nog bericht uit Zeist, dat aldaar een spreekbeurt was gehouden, waarbij ds. van leperen van Be^nnekom voorging. De collecte had opgebracht precies 15 gulden. Ook hiervoor zeggen wij vriendelijk dank. „ 15.—
Wij kwamen alzoo tot een eindsom van
f 114.20
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 maart 1939
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 maart 1939
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's