De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

5 minuten leestijd

DE GRENSBEVEILIGING
Het is noodig om nog even terug te komen op ons onderwerp van de vorige week»: „het probleem der grensverdediging", een onderwerp, dat, zooals wij reeds aangaven, daarom van zoo groot gewicht is, omdat van de grensverdediging het gelukken der mobilisatie afhankelijk is. Immers maakt alleen 'bij een behoorlijke grensverdediging de mobilisatie van de weermacht kans van slagen en zal het ook in dat geval mogelijk zijn om op vlotte wijze de gemobiliseerde troepen op de voorgeschreven plaatsen samen te trekken.
De tijd is voorbij — en daaraan herinnerden nog dezer dagen de bladen — dat bij het ontstaan van conflicten, die tot wapengeweld moeten leiden, de oorlogsverklaring voorafgaat. Daaraan denkt geen enkele groote mogendheid meer. In 1914 werd België in zijn mobilisatie overvallen ; het vorig jaar kwam de opmarsch in Oostenrijk tegelijk met de mededeeling van het bezetten der republiek en nog dezer dagen kwam bij de actie tegen Tsjechië de mededeeling eerst nadat de grenzen geheel onverwacht door de Duitsche troepen overschreden waren.
Op deze wijze ontwikkelt zich bij de Rijken, die elkander te lijf willen, de internationale oorlogspraktijk.
Nu behoeft in een ondiep land als Nederland, waar de afstand tusschen de Noordzee en de Oostelijke grens slechts 135 K.M. bedraagt, niet veel te gebeuren om door den vijand onder den voet te worden geloopen.
Natuurlijk staat het met de mobilisatie van het leger achter de Geldersche IJssel, de eerste verdedigingslinie, anders dan met de mobilisatie der weermacht in de buitenprovincies.
Het op voet van oorlog brengen der onderdeelen in Groningen, Drenthe, Overijssel, den achterhoek van Gelderland en Limburg ten oosten van de Maas is kwetsbaarder dan de mobilisatie van die troepen, die achter de linies moeten opkomen ; ook al valt daar eveneens met het luchtgevaar te rekenen, een gevaar echter, dat buiten de eigenlijke mobilisatie-moeilijkheden staat.
Het bezetten van gunstige opstellingen of van strategische punten kan b.v. bij een conflict tusschen Duitschland en Engeland of Duitschland en Frankrijk, ten einde op gemakkelijke wijze de verbindingen van den tegenstander te bereiken, plotseling tot een actie met België of Nederland leiden, waardoor de mobilisatie van de weermacht en de concentratie der troepen in die landen zonder een goede grensverdediging worden verstoord.
Hoe staat het nu met de grensverdediging van Nederland ?
Die grensverdediging moet er op gericht zijn, om den aanvaller weerstand te kunnen bieden, hem tegen te houden en tijdwinst te verkrijgen.
In dit opzicht bieden Groningen, Drenthe en Overijssel met hun vaarten en kanalen in de grensdistricten goede gelegenheid om den opmarsch van den aanvaller te bemoeilijken.
Anders staat dit in den achterhoek van Gelderland, waar die vaarten en kanalen over 't algemeen worden gemist. Vandaar den sterken aandrang, die er bestaat, om het kanaal van Almen naar Pannerden te graven in aansluiting met de Twenthe-Rijnkanalen. Thans is de achterhoek van Gelderland de invalspoort van een vijandelijk legerkorps, gericht op het centrum van het land. Is het kanaal Almen-Pannerden er, dan verandert de situatie belangrijk en zal ook hier ter plaatse ernstigen weerstand kunnen worden geboden.
Intusschen zal de positie van de geheele oostgrens in beteekenisvolle mate worden versterkt, wanneer, zooals dit in het voornemen van den Minister van Defensie ligt, binnen zeer korten tijd een groote reeks grensversterkingen zullen worden opgeworpen.
Eenige honderden kazematten zullen worden gebouwd, die als bomvrij onderkomen worden gebezigd voor het opnemen van de detachementen, die tot de grensbezetting zullen behooren.
Met hel aanleggen van deze kazematten, gaat hel met de grensverdediging in de goede richting.
Wat nu de genoemde grensbezetting betreft, daarover schreef De Nederlander van 31 Maart :
„Wij hebben nu de z.g. tweede Bataljons, deze bestaan echter uit miliciens, die bezig zijn aan het tweede deel van hun oefentijd. Zij zijn daarom niet aan de grens, doch in garnizoenssteden. Zij nemen deel aan allerlei oefeningen, gaan op hun tijd naar Harskamp enz., doch aan de grens en bij de kazematten zijn zij niet.
Wat is er dan wel permanent ter plaatse, waar bij een bliksemsnellen overval gehandeld moet worden ? Het antwoord moet luiden : op sommige plaatsen enkele marechaussees, of militaire politie ; op veel andere plaatsen in het geheel niemand".
Tot zoover De Nederlander.
Het beeld, dat dit blad van den toestand geeft, is echter niet juist. En gelukkig ook niet juist. Immers zijn ook langs de geheele grens de aldaar wonende dienstplichtigen met groot verlof bij de grensbewaking ingedeeld. Het zijn de dienstplichtigen van ouderen leeftijd.
Toch mag de vraag gesteld worden, of het systeem, dat gevolgd wordt : de grenstroepen in ver van de grenzen gelegen garnizoenen ondergebracht met territoriale troepen met groot verlof aan de grenzen wel afdoende in de grensverdediging voorziet.
Wij voor ons zouden liever een ander stelsel zien gevolgd.
Aan de grenzen behooren troepen gestationneerd te zijn over welke men ieder uur van den dag kan beschikken.
In die richting gaat ook België.
Onze zuidelijke nabuur heeft een presente legersterkte van 88000 man, waaronder een beroepskorps van 6000 man permanent aan de grens. (Ardensche jagers).
Zwitserland handelt niet anders. In dat land is de effectieve sterkte van de troepen aan de grenzen de laatste weken belangrijk opgevoerd.
Ook Nederland zal op den duur over afzonderlijke troepen, uitsluitend bestemd voor de bewaking der grenzen, moeten beschikken.
Het laatste woord over het probleem der grensverdediging is nog niet gesproken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 april 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 april 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's