De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Rondblik buiten de Grenzen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Rondblik buiten de Grenzen

5 minuten leestijd

In de Vereenigde Staten kan het publiek, hoe zakelijk het ook moge zijn aangelegd, enthousiast juichen. Dat heeft het Engelsche Koningspaar ondervonden. Nadat Koning George en Koningin Elisabeth Canada hadden bezocht brachten ze een bezoek aan de Vereenigde Staten om daar op Amerikaansch-geweldige wijze te worden begroet. Er waren te New-York natuurlijk millioenen op de been en het gejuich, versterkt door alle mogelijke lawaaiinstrumenten overtrof in kracht, omvang en variatie elk Europeesch gejuich. Of de conservatieve Engelschen het gemoedelijk spreken over „good old George" en „lovely Bessie" wel heelemaal kunnen waardeeren weten we niet, doch in ieder geval blijkt er uit, dat de Britsche Vorsten zich een groote mate van populariteit hebben veroverd in de nieuwe wereld.
Dit koninklijk bezoek heeft onder de tegenwoordige omstandigheden natuurlijk bijzondere beteekenis. De band tusschen het Britsche wereldrijk en de Vereenigde Staten wordt erdoor versterkt, op een wijze die eenig is in de geschiedenis van de beide rijken.
In bepaalde Amerikaansche kringen ziet men de reis van den Britschen koning niet met onverdeeld genoegen aan. Daar is men nog steeds van oordeel, dat Washington niet verstandiger kan doen, dan zijn bekende neutraliteitspolitiek handhaven. Wat doet Roosevelt zich met de Europeesche moeilijkheden in te laten ? Deze conservatieve aanhangers van de Monroe-leer zijn echter in de minderheid.
Grooter is het getal van hen, die Roosevelt's buitenlandsche politiek, die er op gericht is de groote Europeesche democratieën omzichtig en bedachtzaam te steunen, goedkeuren. En voor deze t)olitiek vormt het bezoek van het Britsche Koningspaar een goeden ruggesteun. Evenals trouwens Chamberlain's pogen om tot een hecht non-agressie-front te komen.

Dat wil niet zeggen, dat Washington en Londen hun vriendschap zouden gebruiken om een anti- Duitsche politiek te voeren. De Engelsche minister van Buitenlandsche Zaken, Lord Halifax, heeft nog juist dezer dagen het bewijs van het tegenovergestelde geleverd. In het Hoogerhuis hield deze Staatsman een rede, waarin met veel begrip over Duitschland en Italië gesproken werd. „Mits de onafhankelijkheid der naties erkend wordt, is de Britsche regeering niet alleen bereid, doch ook verlangend, het geheele vraagstuk van den economischen „Lebensraum" onder de oogen te zien, niet slechts voor Duitschland, doch voor alle Europeesche naties". Ook uit andere zinsneden van Halifax' rede viel af te leiden dat de Britsche minister alles wil doen om tot een vreedzame oplossing van de hangende problemen te komen. „Alle Duitsche eischen komen in aanmerking voor een bespreking aan de conferentietafel".
Er zijn menschen die kriebelig worden van elk verzoeningsgezind woord dat door een Britsen Staaatsman aan het adres van Duitschland wordt gesproken. Dezulken vergeten dat, — gelijk we nog onlangs opmerkten — niet alle Duitsche „eischen" onredelijk of ongemotiveerd zijn. De kwestie is „slechts" dat men het niet zonder meer aan de kracht der Duitsche wapens kan overlaten te beslissen welke eischen al dan niet voor inwilliging in aanmerking zullen komen.
Intusschen is men in Parijs een beetje geschrokken van Halifax' tegemoetkomendheid. Men vreest dat de Russen, die de Engelschen toch al wantrouwen, nu nog veel halsstarriger zullen worden en het drievoudig verbond er niet vlotter door tot stand zal komen. Het zou o.i. ook kunnen zijn dat Halifax zoo vriendelijk naar Berlijn lonkt om de aarzelende Russen wat toeschietelijker te maken. Doch over dit thema hebben we reeds zoo vaak geschreven, dat we het verdere verloop van de Britsch-Russische besprekingen thans maar rustig zullen afwachten. Volgens Halifax zijn er hierbij nog „een of twee moeilijkheden op te lossen, waarvan de voornaamste is, de positie van de Oostzeestaten".
Bij alle tegemoetkomendheid welke Halifax ten opzichte van Italië en (vooral) Duitschland aan den dag legde, liet hij niet na duidelijk uit te spreken dat een herhaling van de historie met Praag niet geduld zal worden. Berlijn heeft op de Engelsche redevoering dan ook maar weinig of geen commentaar geleverd Ten opzichte van Londen houdt de Duitsche pers zich toch merkwaardig kalm den laatsten tijd. Duitschland moet op 't oogenblik de ontwikkeUng der politieke verhoudingen even afwachten en zorgt inmiddels dat de onrusthaarden niet uitdooven.
Te Danzig duurt het aantal incidenten met Polen nog steeds voort. Ernstige moeilijkheden zijn er nu over de douane. Danzig eischte vermindering van het aantal Poolsche douane-beambten in de vrijstad en vorderde dat deze bovendien den eed van trouw aan Danzig zouden afleggen. Polen stuurde 31 douane-beambten extra en weigerde den eed. Een Poolsche douane-chef te Danzig is nu weer spoorloos verdwenen. „Wegens spionnage gearresteerd". En zoo gaat het thans onophoudelijk.
In het Duitsche „protectoraat" Bohemen-Moravië is het al evenmin rustig. Men begint er steeds pijnlijker te gevoelen dat het protectoraat eenvoudig inlijving-bij-Duitschland beteekent. En de Tsjechen zijn nu eenmaal geen Duitschers. De overweldiging van het Tsjechenland vond plaats tegen het nationaalsocialistische beginsel, dat aan elk volk eigen wezen en staat belooft en geen imperialisme wil. Militaire noodzaak verklaart, volgens de Duitschers, deze zonde tegen het beginsel. Maar daarmee hebben de Duitschers nu natuurlijk een andere natie in hun staatsverband, welke 20 jaar lang vijandig tegenover de Duitschers heeft gestaan, van ras verschillend is — de Tsjechen zijn natuurlijk geen Germanen — en in het protectoraat gromt en grauwt men over al wat passeerde. Dat geeft spanningen. Te Kladno werd een Duitsch opperwachtmeester vermoord zelfs. Von Neurath, de rijksprotector, verordende toen scherpe maatregelen tot opsporing van den dader. Nadien werd ook een Tsjechisch politieman gedood. Komt er oorlog, dan heeft Duitschland hier een bevolking, welke naar een gelegenheid hunkert om in opstand te komen en een onrusthaard ongetwijfeld blijven zal.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 juni 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

Rondblik buiten de Grenzen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 juni 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's