De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

UIT DE HISTORIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

UIT DE HISTORIE

Iets over den oorsprong en de geschiedenis der Waldenzen.

6 minuten leestijd

Iets over den oorsprong en de geschiedenis der Waldenzen.
I.

In Augustus van dit jaar zullen de Waldenzen een merkwaardig feit uit hun rijke en indrukwekkende historie herdenken, namelijk de glorievolle terugtocht uit oorden van ballingschap : nu 250 jaar geleden.
Toen Lodewijk XIV in 1685 het Edict van Nantes ophief, waardoor de uitoefening van den Protestantschen Godsdienst in Frankrijk verboden werd, vluchtten duizenden zijner onderdanen naar elders.
Zoo vestigden velen zich in het gebied van den Hertog van Savoye, Victor Amedeus H. bij wien ook de Waldenzen rustig wonen konden.
Zulks was echter niet naar den zin van den Franschen Koning, en na herhaalde pogingen slaagde deze er in om den Hertog van Savoye te bewegen, vreemdelingen te weren, en ook de voorrechten der Waldenzen af te schaffen. Dat deze maatregelen van verstrekkende beteekenis waren voor de Waldenzen, behoett geen betoog, en zij luidden een tijdperk van allerhande vervolging en tegenwerking in. Zelfs een door de Waldenzen ondernomen oorlog mocht niet baten, om hun positie te handhaven, en ten slotte zagen zij zich, evenals hun geloofsgenooten in Frankrijk, genoodzaakt, naar elders uit te wijken, wilden zij niet onder den voet geloopen worden.
Het verlangen naar hun vaderland bleef echter levendig, en in Augustus van het jaar 1689 werden er plannen beraamd tot terugkeer naar hun geliefde valleien in de bergen van Piémont.
Dit feit, dat, zooals we zeiden, dit jaar zal worden herdacht, geeft ons aanleiding, om in dit blad een en ander uit de wonderschoone geschiedenis der Waldenzen te verhalen. Op de eigenlijke „Glorieuse Terugkeer" komen wij nog wel breedvoeriger terug.
Het schrijven over dit onderwerp behoeft voorts geen rechtvaardiging, wanneer men weet, dat bedoelde „Glorieuse Terugkeer" door Nederlandsch geld is mogelijk gemaakt. Ook zouden bedragen van honderdduizenden guldens te noemen zijn, waarmede de Waldenzen door óns zijn gesteund. Doch deze korte inleiding is wellicht voldoende, om de belangstelling van onze lezers gaande te maken voor dezen kring van lieden, die aan de gereformeerde beginselen, ondanks de bitterste bejegeningen, hebben willen vasthouden.

De oorsprong der Waldenzen.
Er gaat een verhaal, dat echter niet' door historische gegevens bevestigd wordt, als zou niemand minder dan de apostel Paulus op zijn doorreis naar Spanje de eerste Waldenzer gemeenten gesticht hebben. Toch moet het vast staan, dat reeds omstreeks 400 in de valleien van Pièmont bloeiende kerken te vinden waren, die als het ware een schakel vormden tusschen de eerste Christen-gemeenten en de latere Evangelisch-gezinden.
Onderscheidene berichten spreken dan ook van een zuivere bewaring des Evangelies bij de bewoners der valleien van Noord-Italië omstreeks de jaren 800 tot 1000.
Door den aartsbisschop van. Turijn, Claudius, werd bijvoorbeeld heftig geprotesteerd tegen het aanbidden van kruisen, gelijk destijds geschiedde, en wel in de volgende treffende bewoordingen :
„Wanneer men elk hout in den vorm van een kruis wil aanbidden, omdat Jezus aan een kruis heeft gehangen, dan moet men ook de kribbe aanbidden, omdat Jezus in een kribbe is neergelegd ; dan moet men ook de ezels aanbidden, omdat Jezus op een ezel gezeten heeft ; en de schepen, omdat Hij dikwijls vanaf een schip tot de schare sprak. Ons is echter niet bevolen, het kruis te aanbidden, maar het te dragen, en ons zelf te verloochenen".
Dergelijke opvattingen getuigen van echt protestantschen zin.
Over den oorsprong van den naam „Waldenzen" zou heel wat te zeggen zijn. Velerlei meeningen zijn er in dit verband ten beste gegeven. Van Roomsch-Katholieke zijde merkt men op, dat de naam ontleend is aan een vroom koopman, Petrus Waldus, die dus de stichter der Waldenzer kerk zou zijn, en wiens volgelingen zich naar hem zouden hebben genoemd. Wij komen aanstonds in een apart hoofdstukje nog op dezen Petrus Waldus terug, maar er zijn overwegende bezwaren, om de naam „Waldenzen" aan hem te ontleenen. Veeleer is het waarschijnlijk, dat het woord „Waldenzen" reeds in zwang was, en dat Petrus er zijn naam aan te danken heeft op grond van zijn belangstelling voor hen. Wellicht is het woord afgeleid van het Latijnsche „vallis", dat „dal" beteekent. Op zich zelf lijkt het ook heel plausibel, om in de Waldenzen niet meer dan dalbewoners te zoeken. Zekerheid bestaat er echter hiervoor niet. Uit alles, wat er over de onderhavige kwestie gepubliceerd is, blijkt echter „dat noch de beweging, noch de naam der Waldenzen hun oorsprong vinden in Petrus Waldus van Lyon, maar dat toch deze koopman zóó nauw met hen verbonden is, dat hij vooral niet vergeten mag worden bij de behandeling der Waldenzer geschiedenis".

Petrus Waldus.
De man, wiens naam wij reeds een en andermaal noemden, woonde in het midden der twaalfde eeuw te Lyon, destijds de rijkste en welvarendste stad van Zuid-Frankrijk. De plaats en het jaar zijner geboorte zijn niet oekend. Wel weten we, dat hij van elders naar Lyon was gekomen, waar hij zich tot een aanzienlijk koopman had opgewerkt, "Wiens zaken zeer voor den wind gingen.
Over het leven, dat Waldus aanvankelijk leidde, stuiten we op gegevens, die elkaar tegenspreken. Zoo lezen we ergens, dat hij nimmer zijn hart zette op de goederen dezer wereld, maar altijd zocht naar de schatten, die Boven zijn. Doch ook vonden we de opmerking, dat hij zich om z'n zieleheil niet veel bekommerde.
Door een ongeval, dat een zijner vrienden overkwam, schijnt Waldus tot andere gedachten gekomen te zijn. „Hoe zou het mij gegaan zijn", zoo riep hij uit, „wanneer ik in één oogenblik voor God had moeten verschijnen !" Ook andere indrukken maakten hem onrustig, met het gevolg, dat hij naarstig zoeken ging naar middelen, die zijn ziel redden, en hem gelukkig maken konden.
Niet door het leiden van een kloosterleven meende hij Gode welbehagelijk te kunnen zijn. Weliswaar dacht men dat in Waldus' dagen. Doch door de beoefening van een waarachtig en practisch Christendom geloofde hij te gaan in Gods weg.
Aan hen, die moeilijk in eigen onderhoud wisten te voorzien, deelde hij levensmiddelen uit, maar ook wees hij door middel van de verkondiging des Woords op het brood, dat uit den hemel is.
Waldus' „Bijbellezingen" worden door velen bezocht, en de belangstelling daarvoor nam steeds toe.
Verschillende boeken der Heilige Schrift zijn op Waldus' kosten vertaald en overgeschreven : dit laatste, omdat de boekdrukkunst toen nog niet was uitgevonden.
Vooral tegen het dienen van God en den Mammon ging zijn protest. Door eigen scheren levenswandel en groote mededeelzaamheid was hij anderen een levend voorbeeld. Zijn leuze was : niet de mooie praat, maar de wakkere daad ! Dat zijn principes hem tot volslagen armoede brachten, deerde hem niet.
Werd hij door de geestelijkheid bitter gehaat om zijn rechtvaardigheid en juiste critiek op allerlei wantoestanden, — ook schaarde een breede kring van volgelingen zich om hem heen, die weldra bekend stond als „De Armen van Lyon".
Toen hem van Roomsche zijde een preekverbod werd opgelegd, en hij dit overtrad, werd Waldus zonder meer de stad uitgebannen, hierin het lot deelend van vele getrouwe dienstknechten Gods uit vroeger en later tijd
 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 juni 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

UIT DE HISTORIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 juni 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's