De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

NIENKE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

NIENKE

EEN VERHAAL UIT HET FRIESCHE VOLKSLEVEN

5 minuten leestijd

Met toestemming Uitgever J. H. Kok te Kampen
Dat had zij nog nooit gevraagd. In hare gezonde dagen ging zij, net als anderen, 's Zondags ééns naar de kerk en gedurende de wintermaanden vrij trouw naar de catechisatie, doch daarmede was het uit. 't Leven was veel te vol van andere dingen, dan dat met ernst over den Godsdienst zou worden gedacht, en de wereld lokte zoo vriendelijk.
Maar het krankbed leert wel eens aan iets anders denken. Daarbij was Ds. Buitenveld ongemerkt haar vriend geworden, die als leeraar groote belangstelling toonde voor haar, doch voor wien ook zij daardoor meer toegenegenheid kreeg. Onwillekeurig volgde zij hem in hare gedachten bij zijn arbeid, op huisbezoek of catechisatie of op den kansel, en zoo kwam die vraag naar de preek van dien morgen als vanzelf bij haar op. Moeder zou het wel weten, want het was zoo bekend, hoe zij altijd luisterde. Verrast zag vrouw Santema hare dochter aan. Zij had al zoo dikwijls gepoogd, met haar kind eens over hoogere dingen te spreken, doch altijd ontbrak haar daartoe de vrijmoedigheid, of er kwam iets tusschen, of de aanleiding was niet te krijgen ; doch nu gaf Mini deze zelf.
„'t Was vanmorgen iets vreemds, " zeide ze. „'k Weet niet, waar dominé heen wilde. Zeker, het was mooi, of eigenlijk is dat het rechte woord niet. 't Was niet mooi, heelemaal niet mooi, maar het was aangrijpend ernstig en beschuldigend en veroordeelend. Soms zou men een speld hebben kunnen hooren vallen, zoo stil was het."
„Moeder maakt mij nieuwsgierig ; waar preekte dominé dan over ? "
„Over de gelijkenis van den barmhartigen Samaritaan. Of, zooals hij zeide, over „een zekeren mensch", zooals die op den weg van Jeruzalem naar Jericho in handen der moordenaren viel."
„Toch heel bekend en niets geen bijzonders, wel ? "
„Bekend, zeker kind, overbekend zelfs, maar juist daarom wordt de scherpte van het woord vaak niet meer gevoeld. Ik ben zoo beschaamd uit de kerk gekomen en gevoel, hoe ik in alles te kort schiet."
Met een meewarigen blik keek Mini haar aan. Zoo'n goede moeder ! Wie, die haar evenaarde, niet alleen ten opzichte van eigen huisgenooten, maar ook van vreemden ? Nooit vroeg iemand, hoe arm ook, tevergeefs haar hulp of raad. En nu nog zichzelf beschuldigen ! Als zij er niet kwam ! Waren alle menschen maar zooals moeder.
Zacht streelde zij hare hand. „Wat was het dan, moeder ? "
„'k Denk, dat er in onze onmiddellijke nabijheid velen zijn, die, als deze man, onder de moordenaars vielen, en wij trekken er ons niets van aan". Hare stem trilde. Blonk daar een traan in haar oog ?
Op het gelaat van de kranke teekende zich verwondering af. Zou dat mogelijk zijn ? Opnieuw viel zij in mijmering. Kwam het enkel van de Zondagsstemming ? Of zou moeder met dat woord op iemand zinspelen, die haar na aan het hart lag ? Zij had er nooit zoo over nagedacht, maar waar was Gabe ? En Maaike ? En wat deed hen zoo vaak van huis gaan, nog wel op den Zondag, als de gemeente opging naar het Huis Gods ? Zou het mogelijk zijn, dat zij, een rijke boerenzoon en - dochter, de toekomstige mede-erfgenamen van Donia-state en van nog zooveel andere bezittingen, in handen van moordenaars gevallen waren ? Die nu bezig waren hen te plunderen en uit te schudden, tot zij alles verloren hadden ?
Vreemd, dat zij daarbij nooit eerder had stilgestaan. Maar Gabe en Maaike waren ook zooveel ouder en daarbij zooveel anders dan zij. 't Zou evenwel wat beteekenen, als het met hen beiden misliep. Zou moeder daarom soms zoo zuchten en zulke diepe groeven in het gelaat krijgen ? Moeder was zoo zorgzaam voor allen, maar kon zoo weinig uiting geven aan wat er in haar leefde, omdat vader dat niet verstond.
Nooit had zij dit zoo goed begrepen gehad, doch het was, alsof haar plotseling een licht opging. Daar hingen donkere wolken boven de boerderij, die wellicht maar weinigen zagen, doch veel deden vreezen,
Stond er in den Bijbel ook niet een verhaal van een rijken boerenzoon, die na den dood zijner moeder zijn erfdeel opvroeg, om daarmede de wereld in te gaan een toen alles er doorbracht, om tenslotte bij de zwijnen terecht te komen met de begeerte, hun voedsel te mogen eten ? Ook iemand, die onder de moordenaren viel.... — Zou Gabe ?
De verschijning van vader maakte plotseling een einde aan verdere overdenking. Wat was hij, evenals zijne vrouw, een echte type van den Frieschen boerenstand. Breed geschouderd, corpulent van lichaam, rond den mond die scherpe belijning, welke met den ietwat kouden opslag van het grijze oog hem deed kennen als een man, die wist wat hij wilde, de pet eenigszins scheef op het eene oor, de handen in de diepe broekzakken en de voeten geplant in een paar klompen van buitengewonen omvang, achter de kiezen een pruim tabak, — zoo stond hij daar als een toonbeeld van gezondheid en kracht, terwijl zijn blik over de velden gleed en hij het vee telde. Ja, zij waren d'r alle. Toen keerde hij zich naar vrouw en dochter, „'k Dacht : waar is mijn volkje", zei hij, en nam plaats op een stoel buiten het tentje.
„Mooie herfstdag vandaag ; als het zóó nog wat blijft, halen we Allerheiligen wel, zonder stalvoedering. 't Vee vermaakt zich nog in het land".
Onwillekeurig zagen ook de vrouwen .de weiden in ; voor den tijd van het jaar nog zoo zeldzaam groen.
Maar was dat dan het eerste en het eenigste, dat hij op dezen schoonen Zondagmiddag te zeggen had ? Of hield hij zich maar zoo, om daardoor te verbergen, wat er in zijn binnenste omging ?
Zoo kón hij.
(Wordt vervolgd-)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juli 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

NIENKE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juli 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's