NIENKE
EEN VERHAAL UIT HET FRIESCHE VOLKSLEVEN
Met toestemming Uitgever J. H. Kok te Kampen
Niemand zou evenwel zeggen, dat zij geen eigen dochter was. Toen zij nog op de schoolbanken zat, behoefde Nienke in kleederdracht niet onder te doen voor de eerste burgermeisjes, en toen zij ouder werd, bleef dat zoo. Al de liefde, zoowel van Gurbe als van zijne vrouw, scheen op Nienke over te gaan en geen wonder dus, dat de buitenwacht er weinig van wist, .wie zij eigenlijk was. Alleen enkele ingewijden, zooals ds. Buitenveld en meester de Bruin, en misschien boer Santema met zijne vrouw, wisten iets meer. Wanneer de omstandigheden daar aanleiding toe gaven, werd wel eens een heel enkele maal terug getast naar een oogenblik in het verleden, bij de meeste Zevenhuizers onbekend, maar voor Gurbe en zijn huis van groote beteekenis. Zélf sprak hij daar heel weinig over, allerminst in tegenwoordigheid van Nienke, voor wie die herinneringen niet anders dan pijnlijk konden zijn. Als hij het deed, dan was het in verband met zijn vroeger leven, toen hij nog onbekeerd was, gelijk hij het noemde, en de Wereld nog diende. Want dit heeft hij óók gedaan, hij en zijne vrouw beiden, tot groot vermaak van de Vele vrienden, die van Gurbe hielden. Zij woonden toen nog in de stad, waar zij elkander voor het eerst hadden leeren kennen, nog beiden vervreemd van het leven Gods. Toen op een keer werd hij geroerd door het gezang van eenige heilssoldaten en een toespraak, welke daarop volgde, 't Was niets geen bijzonders, maar voor Gurbe was het wel iets nieuws. Want het bracht hem de boodschap der verzoening en verlossing op een oogenblik, toen meteen het uur zijner geestelijke geboorte was aangebroken, door een mensch nooit te berekenen. Van toen aan werd hij een ander man. Niet, dat zoomaar ineens 't volle licht bij hem doorbrak, maar met toenemende belangstelling woonde hij de vergadering van 't Leger bij, weldra in gezelschap zijner vrouw, tot op een avond de overgave kwam.
„Gurbe is bekeerd", zeiden de menschen, en de vorige vrienden merkten al spoedig, dat hij voor hen verloren was. Weldra nam hij als deurwachter of colporteur met „De Strijdkreet" een werkzaam aandeel aan den arbeid. Altijd was hij op zijn post, zoodat elk hem bij het Leger rekende, al droeg hij dan ook geen uniform, en ook zijne vrouw kwam langzaam naderbij.
Op zekeren dag, 't was na een Opwekkingssamenkomst, verzocht de Kapitein hem, even te blijven.
„Of hij ook niet eens een getuigenis zou willen afleggen", werd hem gevraagd. Dat woord bracht een algeheele verandering bij hem teweeg. „Hij was immers maar een eenvoudige schoenmaker, dien de menschen allen wel als zoodanig kenden, en had nooit gestudeerd", bracht hij in. Maar toen werd hem gezegd, dat dit geen bezwaar was. 't Kwam er maar op aan, of aan het hart iets van de liefde des Heilands ervaren was. De discipelen van Jezus waren ook maar ongeleerde en gewone menschen en begonnen met niets anders te zeggen, dan zij van Hem gehoord en gezien hadden, 't Was juist de fout van zoovele belijders, dat het bij hen nooit kwam tot het uitspreken van hetgeen zij op den geloofsweg ervaren hadden. Zij zwegen te veel en misten daarom ook de blijdschap en den vrede van het getuigen. Bovendien eischte de Heer het van al de Zijnen, dat zij Zijne getuigen zouden zijn, en die Hem dienen wilde, moest gehoorzaam zijn aan Zijne geboden.
Daar heeft Gurbe werk meê gehad. „Hij moest er maar eens over nadenken", zei de Kapitein bij het heengaan, en dat heeft hij gedaan, een ganschen nacht en dag lang, om daarop den volgenden avond het te wagen. Wat hij toen precies gezegd heeft, zou hij nu niet hebben kunnen navertellen, 't Kwam hierop neer, dat hij zoo blij en gelukkig was, nu hij den Heere Jezus had leeren kennen als zijn persoonlijke Zaligmaker. Veel gelukkiger dan vroeger, toen hij de wereld diende, en dat hij zoo graag wilde, dat alle menschen waren zooals hij. 't Wonderlijke was, dat allen zoo aandachtig naar hem luisterden. Niet één, die een grapje maken ging of hem tegensprak, omdat hij „Gurbe Schoenmaker" was. Niet een, die om hem lachte of een spotwoord op de lippen had. Hoe langer hij sprak, hoe vuriger hij werd, vooral, wanneer nu en dan een der heilssoldaten daartusschen inviel met „Hallelujah" of „Amen", en toen hij eindelijk ophield, bleek het, dat zijn woord was ingeslagen.
Sinds dien avond behoorde hij tot de reeks van vaste sprekers. Overdag had hij overvloedig gelegenheid, op zijn drievoet het een of ander onderwerp of een bepaald Schriftgedeelte te overdenken. Elk oogenblik, dat hij kon afzonderen, werd benut om zich te oefenen in het verkrijgen van meer Schriftkennis, 't Ging zijn vrouw soms te bar. Zij vreesde wel eens, dat Gurbe het zich te druk maakte met den godsdienst en zijn hoofd er niet tegen kon. Een schoenmaker was nu eenmaal geen dominé en elk had zijn eigen werk, maar Gurbe zei, dat hij zoo langen tijd de wereld gediend had en daarom de verloren jaren zooveel mogelijk moesten worden ingehaald. Daarbij kwam, dat de menschen hem mochten. Zijn rond en eerlijk gelaat toonde duidelijk, dat hij uit volle overtuiging sprak en de dingen van het Koninkrijk Gods in hem werkelijkheid geworden waren, 't Gaf werkelijk een leegte, als hij eens op een avond in de samenkomst ontbrak.
Toch had zijn vrouw goed gezien, dat haar man niet voor twee dingen vatbaar was. Gurbe begon aan overspanning te lijden, 's Nachts wilde de slaap soms niet komen en lag hij al maar te denken, of was aan het spreken op een of andere meeting, naar hij meende, en 's daags ging het in de werkplaats niet meer zoo vlug van de hand als gewoon. De klanten moesten soms wachten op hun karwei, dat zij gebracht' hadden De bestellingen werden wel eens vergeten of te laat uitgevoerd. De_ boekhouding liep in de war en werd niet goed bijgehouden, kortom, de zaak begon te verloopen en de menschen toonden, ook nog elders met hun geld terecht te kunnen.
(Wordt vervolgd.)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 augustus 1939
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 augustus 1939
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's