De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De vorige wereldoorlog (1914-1918)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De vorige wereldoorlog (1914-1918)

4 minuten leestijd

V.
Al was Nederland buiten den oorlog gebleven, toch ondervond het de gevolgen van den oorlogstoestand. Ieder was bevreesd dat het spoedig aan allerlei levensmiddelen zou ontbreken en dat allerlei, dat voor de huishouding noodig is, weldra niet meer zou zijn te verkrijgen — welke vrees niet beschaamd is. De winkels hadden het óver-druk. Zelf hebben we het gezien, dat mannen en vrouwen met groote pakken en voorraden huiswaarts gingen. Voora! meel, havermout, koffie, thee, suiker, vleesch, spek, enz., werd ingeslagen door ieder die 't maar eenigszins betalen kon en van de bijzondere omstandigheden werd door velen schandelijk misbruik gemaakt, door, veelal clandestien, de verkoopprijzen ongehoord hoog op te voeren.
Dit „hamsteren", of stil „bij elkaar slepen" had verkeerde gevolgen. Allereerst waren bevoorrecht de menschen, die geld hadden dat hen in staat stelde méér dan zij gewoon waren te koopen. Maar dat benadeelde de menschen, die dat niet konden doen. En bovendien gaf die groote vraag naar allerlei artikelen, de aanleiding, dat plotseling de prijzen schrikbarend opgevoerd werden, wat vooral voor de menschen met een beperkt inkomen de moeiten en zorgen nóg zwaarder maakten.
De regeering was op al deze dingen niet voorbereid, en zoo gaven de eerste tijden volop gelegenheid tot oorlogs-winst-makerij, waardoor de oorlog van 1914 nóg berucht is. En de armoede, het gebrek, de ontbering die door velen geleden is, is verschrikkelijk geweest.
Gelukkig greep de regeering in : er werd een wet voorgesteld en aangenomen die naaide bevoegdheid gaf hamsteren te verbieden en voor allerlei levensbenoodigdheden maximumprijzen vast te stellen, d.w.z. te bepalen, welke prijzen hoogstens mochten worden gevraagd. En om te voorlcomen, dat handelaars, gelokt door hooge winsten, hun voorraden aan het buitenland zouden verkoopen — voorraden, die voor eigen land van zoo groot belang waren — werd voor verschillende levensmiddelen en levensbenoodigdheden — o.a. rijst, zuivelproducten, vee, aardappelen, granen, steenkool, cokes, ook paarden, stroo, hooi enz. — verbod van uitvoer uitgevaardigd, zoodat alles in het land moest blijven.
Aan de Belgische- en Duitsche grens werd ,,gesmokkeld" op allerlei manier. Op dat terrein zijn de „uitvindingen" zonder einde. En vooral in de grensplaatsen werd smokkelen niet meer gerekend onder de zonden.
En de O.W.ers zaten overal, onder boeren en visschers, onder aannemers en fabrikanten, onder armen en rijken, in alle provincies. Dat is mee de zwarte plek van den vorigen wereldoorlog van 1914—'18.
Door de regeering werden ook maatregelen genomen ten opzichte van de betaalmiddelen, van het in omloop zijnde geld. Dadelijk in het begin van den oorlog kwam er schaarste aan gouden en zilveren muntstukken. Het publiek hield ze vast — in de overtuiging dat, als het eens misliep, als Nederland eens in oorlog werd gewikkeld, als er nood komen zou, goud en zilver altijd waarde hielden, terwijl het papiergeld dan waardeloos zou worden : papier is maar papier, méér niet.
Om de moeilijkheden, die door deze houding van het publiek ontstonden, wèg te nemen, gaf de regeering papiergeld uit, z.g.n. zilverbons, ter waarde van ƒ 1.—, ƒ 2.--, ƒ 2.50, die later tegen zilver- of goudgeld inwisselbaar zouden zijn.
Gelukkig werd er ook gedacht aan die vele Nederlandsche burgers, die dadelijk getroffen werden door armoede ; aan die vele gezinnen, die hun inkomen sterk zagen verminderen of geheel zagen ophouden, omdat de kostwinner onder de wapenen stond, en ook aan die vele gezinnen, waarvan de kostwinner buiten betrekking en zonder werk geraakte.
Op initiatief en aanstichting van H. M. de Koningin werd opgericht het Koninklijk Nationaal Steuncomité. Minister Treub, die ook bij de voorbereiding van de zooeven genoemde maatregelen doortastend was opgetreden, had op Harer Majesteits verzoek een plan daartoe ontworpen, en toen de oprichting een feit was, kwamen van alle kanten groote en kleinere giften in menigte binnen, die 't mogelijk maakten te helpen waar noodig was, ook onder de zakenmenschen, die in grooten nood gekomen waren met hun winkel of bedrijf.
H.M. de Koningin ging bij dit mooie werk van nationale steunverleening vóór door een gift aan het Nationale Fonds te geven van ƒ 120.000.—.
Er was een prachtige eensgezindheid en hulpvaardigheid.
(Wordt voortgezet.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

De vorige wereldoorlog (1914-1918)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 1939

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's