RONDOM DE LEESTAFEL
WIJ HEBBEN EEN KONING door dr. J. Koopmans. Uitgave Mij. Holland, Amsterdam.
Een klein boekje, keurig uitgegeven door „Holland" te Amsterdam, Heerengracht 149. Het gaat over Ps. 2. Dat wil zeggen : de tweede Psalm wordt vers voor vers gelezen en het gaat dan over den tegenwoordigen tijd en de huidige politieke situatie, over de wereldtoestand van heden. „Waarom woeden de heidenen en bedenken de volken ijdelheid? " Heidenen en ijdelheid zijn de eerste woorden. „Daartoe worden wij geroepen in deze dagen van het woeden der heidenen : om midden in den angst die laatste zekerheid niet te vergeten, om niet te doen en te denken alsof wij ineens ergens verloren in deze verschrikkelijke wereld staan, maar om te gelooven, dat er een grond onder onze voeten is, die niet splijten zal". De Gemeente van Christus leeft niet „bij het feit", maar „bij het Woord", en weet daardoor waar zij aan toe is, ook nu. De laatste grond is : de zekerheid van Christus den Heere, gelijk Ps. 2 ons leert.
Koningen, gekroonde koningen, zoo goed als selfmade koningen doen mee. Maar dan moeten we voorzichtig zijn. Als Pontius Pilatus en Herodes vrienden worden, gaan de anderen dan vrij uit ? Als in twee landen de Kerk van Christus systematisch vervolgd wordt, gaan de andere landen dan vrij uit ? Zijn er niet méér dan twee „koningen" en meer dan twee landen, die de touwen van Gods geboden hebben afgeworpen ? Wij leven in een ontkerstende wereld en wij leven in een kerk, die de weg van het het Woord voor een groot deel heeft verlaten en die zelf het gebod van God niet meer duidelijk verstaat. Zal boven het kruis der smarten ons daarom nog het kruis van Christus' wil worden opgelegd ? Doch dan vraagt de Heiland : waarom zijt gij zoo vreesachtig ? Is God niet God meer, omdat Hitler Hitler is ? En is Jezus niet meer Koning, omdat men in Frankrijk het bloed der christenen heeft gedronken en omdat daar de revolutieroep is geboren : geen God en geen meester ! De almacht Gods is de laatste troost, dien de Schrift ons te geven heeft. En Zijn vertroosting, recht geloofd en recht beleden, is opgewassen zelfs tegen de matelooze verschrikkingen van een oorlog. En zal de opstand der menschen niet misschien hun val zijn ? God weet vreeselijk te spreken. Wanneer de banden van het geloof worden verbroken en de touwen van de gerechtigheid Gods worden afgeworpen, houden wij van het spreken Gods alleen het oordeel over. Dan wordt het spreken Gods vreeselijk op aarde, een teeken van Zijn toorn en van Zijn grimmigheid. Dan worden de ongerechtigheden van Versailles en de ongerechtigheden van Berlijn en de ongerechtigheden van Moskou bezocht. Dan wordt Europa gestraft voor wat het heeft gedaan en voor wat het heeft laten gebeuren. En wee de Kerk, als zij zelf mee wereld is geworden. Zij heeft zelf van Gods gerechtigheid geen weet meer gehad. En zoo zal zij mèt de wereld lijden.
Maar tegelijk is dan de troost weer : Regem habemus, wij hebben een van God gezalfden Koning, Wien gegeven is alle macht in hemel en op aarde ; en voor Hem zal alle knie buigen. Wij moeten telkens weer terug keeren tot het Woord des Heeren, daar ligt onze eenige troost. Dan zegt de Heiland ook nu : Mijn genade is u genoeg. Het is genoeg, dat God Zijn Koning gezalfd heeft. En die op Hem hopen hebben genoeg. Wij staan zóó maar niet ergens in niemandsland verloren in een verschrikkelijke wereld. Regem habemus, wij hebben een Koning ! En onze hoop staat op Hem, die de zalving heeft ! Wie gelooft in vredestijd, wordt geroepen tot hetzelfde geloof in oorlogstijd.
„Er is geen hoop, die niet door de vrees wordt aangevreten. Het eenige, dat het houdt en waarvoor wij moeten staan, is het geloof in de vergeving der zonden en het komende Koninkrijk. Het Koningschap van Christus lijdt niet onder de gebeurtenissen op deze aarde, want het is niet van deze wereld. Maar tegelijk zijn wij geroepen en roepen wij verder : „Hem te verwachten in den weg Zijner gerichten", Jes. 26 : 8.
PARAPHRASE HEILIGE SCHRIFT :
Philippenzen—Colossenzen en Jacobus. T. Wever, Franeker. Uitgave
Twee deeltjes van deze Paraphrase Heilige Schrift waren reeds verschenen ; i Romeinen en 2. Galaten en Thessalonicensen. Ds. C. Vonk had de Romeinenbrief voor z'n rekening genomen en óók de brief aan de Galaten, terwijl ds. J. van Dijk den isten brief aan de Thessalonicensen overzette in meer gewone leesbare taal, intusschen in alles vasthoudend aan de Heilige Schrift.
Nu ligt een 3de deeltje voor ons : Philippenzen- Colossenzen en Jacobus Ds. J. Los is nu de bewerker van Philippenzen ; ds. Jac. Jonker van Colossenzen en ds. W. Tom van den brief van Jacobus.
Wij blijven bij onze meening, dat het geven van een paraphrase van de Heilige Schrift buitengewoon moeilijk is en blijft, wanneer men in alles aan de Heilige Schrift wil vasthouden (en dat is nummer één) en dan tegelijk de Staten-vertaling wil „om" zetten in de meer gewone, gangbare taal van onzen tijd ; om zoo ons tegenwoordig geslacht tegemoet te komen, dat de bijbeltaal de gewone taal wordt en zoo de inhoud van de Heilige Schrift dichter bij de menschen van ons tegenwoordig geslacht kan worden gebracht. Dat is mooi en tegelijk moeilijk werk. En nu kunnen we ons voorstellen, dat er zijn, die zeggen : „deze taal is niet compact, niet deftig genoeg, niet voornaam en niet geheiligd genoeg. Maar daar tegenover zouden we dan willen opmerken, dat het juist de bedoeling is, om de taal wat dichter bij de menschen te brengen, de bijbel taal, die anders misschien te ver af blijft staan bij het tegenwoordig geslacht.
Bezwaren kunnen zeer zeker worden ingebracht, vooral wanneer men meent, dat niet goed en volledig genoeg de inhoud, de bedoeling, van de Heilige Schrift in de paraphrase is weergegeven. Maar wanneer wij dit keurig uitgegeven boekje zoo hier en daar hebben opengeslagen en voor ons zelf, maar ook luide voor anderen, gedeelten hebben gelezen, willen wij gaarne verklaren, dat deze paraphrasen ons buitengewoon goed geslaagd voorkomen. Om zóó de brieven van Paulus en ook die van Jacobus te lezen en voor te lezen, is aangenaam voor lezer en hoorders. En wij hopen dat deze uitgave een zéér goede ontvangst mag boeken in de breede kringen van belijders van 's Heeren Naam en liefhebbers van 's Heeren Woord en Getuigenis. Dan kan ook het mooie plan van den Uitgever worden uitgevoerd n.l. om binnen een paar maanden als volgende deeltjes te geven : Genesis door dr. J. Schelhaas ; Prediker en Hooglied door dr. A. de 'Bondt ; Amos en Obadja door ds. H. Veldkamp ; Petrus en Johannesbrieven door de predikanten C. Veenhof en L. Hoorweg ; terwijl meerdere bijbelboeken in bewerking zijn. Wij danken den Uitgever voor zijn keurig werk ; en den Schrijvers een woord van dank, voor al hun arbeid, zoo vlot en zoo vlug volbracht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 oktober 1939
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 oktober 1939
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's