De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Paulus' verantwoording voor Agrippa.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Paulus' verantwoording voor Agrippa.

2 minuten leestijd

Daarom, koning Agrippa, ben ik dat hemelsche gezicht niet ongehoorzaam geweest, maar ik heb eerst hun, die te Damascus waren, en te Jeruzalem en in het geheele Joodsche land en den heidenen verkondigd, dat zij zich met berouw tot God zouden bekeeren en werken doen, met hun berouw in overeenstemming. Hierom hebben de Joden mij in den tempel gegrepen en getracht mij om te brengen. Als een getuige, die hulp van God heeft ontvangen tot op dezen dag, sta ik dus hier voor klein en groot, zonder iets anders te zeggen dan wat de profeten en Mozes gesproken hebben, dat geschieden zal, namelijk, dat de Christus zou lijden, en dat Hij als eerste uit de opstanding der dooden, licht zou aankondigen aan het volk en aan de heidenen.

En terwijl hij dit tot zijne verdediging aanvoerde, zeide Festus met luider stem : Gij spreekt wartaal, Paulus, uwe vele studie brengt u in de war. Maar Paulus zeide : Hoogedele Festus, ik spreek geene wartaal, maar nuchtere waarheid. Want de koning weet van deze dingen en tot hem spreek ik vrijmoedig, want ik kan niet gelooven, dat hem iets van deze dingen onbekend is ; dit is immers niet in een uithoek geschied. Koning Agrippa, gelooft gij de profeten ? Ik weet, dat gij ze gelooft ! Maar Agrippa zeide tot Paulus : Gij wilt mij wel spoedig als Christen laten optreden ! En Paulus zeide : Ik zou God wel willen bidden, dat èn spoedig èn voor goed, niet alleen gij, maar ook allen, die mij heden hooren, ook zóó werden als ik, uitgezonderd deze boeien.

En de koning stond op en de stadhouder en Bernice en die met hem hadden plaats genomen ; en ter zijde gegaan, spraken zij onder elkander : Deze man is aan niets schuldig, waarop dood of gevangenschap staat. En Agrippa zeide tot Festus : Deze mensch had vrij kunnen zijn, als hij zich niet op den keizer had beroepen. Hand. 26 vers 19—29.

Nieuwe Vertaling.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 1940

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

Paulus' verantwoording voor Agrippa.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 1940

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's