De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het doen van Belijdenis des Geloofs.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het doen van Belijdenis des Geloofs.

5 minuten leestijd

Ook kennis is noodig. We moeten kennis hebben van al hetgeen God in Zijn Woord geopenbaard heeft. Ons geloof moet „naar de Schriften" zijn, en dan moeten we de Schriften onderzoeken en als redelijke schepselen ook redelijk over de dingen kunnen praten, zooals de Heere het ons ordelijk, in begrijpelijke taal geopenbaard heeft in Zijn Woord, dat ons is toebetrouwd.

En dan komt het bij dien objectieven inhoud van ons geloof — dat een Schriftuurlijk geloof moet zijn — er op aan, dat ons harte dat alles toestemt en beaamt, en dat we het vaste vertrouwen mogen hebben, dat het heil in Christus nu niet alleen voor anderen, maar ook voor ons persoonlijk, voor onze ziel, voor ons leven en voor ons sterven, is, als de eenige troost en het hoogste goed !

Kennis en vertrouwen onzen Catechismus. — zegt Zondag 7 van onzen Catechismus.

Maar we zouden het hebben over : het doen van Belijdenis des geloofs.

En nu geven we gaarne het woord aan dr. J. C. S. Locher, emer. pred. te Leiden. Die schrijft in Kerkblaadje (4 Februari '40) als volgt :

„In den eersten tijd van het Christendom had men telkens te doen met zulken, die uit het Heidendom wilden overkomen. Zulken werden eerst onderwezen in de leer des heils, alvorens toegelaten te worden tot den Doop en ook tot het Heilig Avondmaal. Zulken verlieten de samenkomst, alvorens het Avondmaal bediend werd ; daaruit-bleek, dat zij nog niet als volwaardige lidmaten beschouwd werden en zichzelven ook niet als zoodanigen aanzagen.

In de Roomsche Kerk werd en wordt men al vroeg tot het Avondmaal toegelaten ; wanneer iemand daar deelneemt aan het brood — de wijn wordt alleen gedronken door den priester, die de mis bedient dan noemt men dat communiceeren. Tevoren worden de kinderen onderwezen, eerst dan mogen zij „communie doen". Wanneer er meer dan eene klasse bij elkaar is, die de communie gedaan heeft, komt op een zekeren dag de bisschop in de stad of het dorp en legt die kinderen de handen op. Dat is dan in navolging van hetgeen we in de Handelingen der Apostelen lezen, dat de Apostelen kwamen en hun die gedoopt waren, de handen oplegden ; die kregen den Heiligen Geest, d.w.z. bijzondere gaven des Geestes, het spreken in vreemde talen, de profetie. Die bijzondere gaven zijn later verdwenen; maar het gebruik is gebleven; het is een van de zeven Sacramenten geworden; men noemt het het vormsel, in 't Latijn confirmatio, bevestiging.

Toen de Hervorming kwam, stond men voor de vraag, wat men moest doen met de jeugd, die tot rijperen leeftijd gekomen was, en ook met hen, die uit de Roomsche Kerk overkwamen. Zonder meer kon men ze niet behandelen als gewone lidmaten der Kerk en toelaten tot het Heilig Avondmaal. Het vormsel werd afgeschaft. Luther zeide spottende, niet te weten waartoe het was ingesteld, dan om de bisschoppen wat te doen te geven, die zich toch niet bezig hielden met hun voornaamste taak, de verkondiging des Woords.

Maar men beperkte zich tot een onderzoek naar de kennis van hen, die tot het Avondmaal wenschten toegelaten te worden. De eerste Synode onder het kruis, te Wezel, waar ook de Nederlandsche gereformeerde gemeenten vertegenwoordigd waren, bepaalde in artikel 7 :

Men zal niemand tot des Heeren Heilig Avondmaal toelaten, dan die tevoren belijdenis des geloofs gedaan heeft en zich aan de kerkelijke tucht onderwerpt.

En in artikel 11 :

En die genoegzaam onderzocht zijn, hetzij jongelingen, hetzij volwassenen, zullen daags voor de bediening des Nachtmaals zich stellen voor de Gemeente, en men zal hun voorhouden de voornaamste hoofdstukken des geloofs, om daarop hun toestemming te geven, en zullen zich tegelijk onderwerpen aan de kerkelijke tucht, en dit de Gemeente bekend gemaakt zijnde indien er geen belet voorkomt, dan des anderen daags tot het Heilig Avondmaal toelaten.

Zoo gaat het de verschillende kerkordeningen door; overal wordt de Belijdenis in verband gebracht met het Avondmaal; nergens met den Doop. Nog in de laatste Kerkorde onzer Kerk uit den tijd, dien wij bij het Hervormingstijdvak kunnen rekenen, die dat tijdvak afsloot, wordt bepaald, dat niemand tot het Heilig Avondmaal zal toegelaten worden, dan wie tevoren belijdenis des geloofs heeft afgelegd. Slechts op één plaats vond ik zeker verband met den Doop, en dat was in de Luthersche Kerk, waar de Luthersche geleerden met de Roomschen onderhandelden om tot een schikking (het Interim) te komen. Wel noemde men de belijdenis des geloofs al spoedig weer „bevestiging", eerst in de 18e eeuw is dat ook bij de Gereformeerden in Duitschland in gebruik gekomen, onder den invloed der Piëtisten. In Duitschland is het algemeen geworden, dat men met zijn 14de jaar van school af gaat en dan met een „bevestigd" wordt. Daar wordt dan nogal wat drukte van gemaakt en iedereen doet het. Kohlbrugge kwam in deze toestanden in te Elberfeld. Hij bereikte zooveel, dat althans een deel der jongelieden later met het 16de levensjaar aangenomen werd. Dat was moeilijk door te zetten; want wie niet aangenomen is, kan in Duitschland slechts een plaats krijgen op een kantoor of als leerling in een ambacht".

Aan het eind van zijn artikel wijst dr. Locher dan nog op het droeve feit, dat de practijk van ons kerkelijk leven zoo dikwijls doet zien, dat men na het doen van belijdenis éénmaal aan des Heeren tafel aanzit, en dan nooit meer. Dat is een verachting van de roepstem van den Grooten Gastheer, bij Wien verzadiging en troost en vreugde is voor arme zondaren, die op Hem hopen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 februari 1940

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

Het doen van Belijdenis des Geloofs.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 februari 1940

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's