RONDOM DE LEESTAFEL
OPEN UW VENSTER !, woorden van vermaning, bemoediging en vertroosting voor onze zieken. Uitgave : Kramer's Uitg.- Mij. te Heemstede.
In ongewoon, aantrekkelijk formaat, keurig gebonden en buitengewoon duidelijk en netjes gedrukt, ligt hier een boekje voor ons „voor onze zieken". De gedachte tot samenstelling van dit boekje is geboren op het ziekbed van een lijderes, die in Juni '39 is gestorven en in Mei daaraan voorafgaand sprak : En zeg aan iedereen en vergeet het niet, dat de Heere goed is en lief, maar dat eerst dat „eigen-ik" in ons gebroken moet worden, willen we Hem toebehooren. Vergeet het niet, zeg het iedereen". Toen stond het bij den Uitgever vast : er moet een boekje komen met korte, pakkende overdenkingen tot vermaning en bemoediging en vertroosting van zieken.
Tal van predikanten van de Hervormde Kerk, de Geref. Kerken, de Luthersche Kerk en de Evangelische Gemeenten hebben hieraan medegewerkt, en zoo is het een boekje geworden, dat veelstemmig en toch ook weer één in toon, spreekt tot de zieken, „ook voor gezonden een bron van waarachtige levensrust en levensernst".
Hartelijk aanbevolen. Men kan aan zieken moeilijk een beter geschenk geven dan dit keurige, stevig gebonden boekje.
TROUW-, verlovings-, huwelijks- en gezinsmoeilijkheden. Zuiderkerk-toespraken. Uitgave : De Graafschap, Aalten.
In Rotterdam worden geregeld „Spreekuren voor huwelijks- en gezinsmoeilijkheden" gehouden, waar predikanten van verschillende Kerkgemeenschap, dokters, juristen, paedagogen, mannen en vrouwen, jongens en meisjes ontvangen, die zitten met moeilijkheden aangaande verloving, huwelijk, enz. Deze geestelijke adviseurs hebben ook lezingen gehouden in de Zuiderkerk aan de Glashaven te Rotterdam, waarvoor telkens groote belangstelling bestond ; en deze lezingen over onderwerpen als : Mag ik trouwen? De eindelooze verloving; Kruis en taak der ongehuwden ; Doodgeloopen huwelijk ; Het dubbele huwelijk ; Volwassen kinderen thuis ; Sexe en roeping, enz., zijn nu gebundeld en uitgegeven.
Sprekers — en schrijvers — van deze lezingen zijn : ds. Zeydner, dr. Brillenburg Wurth, ds. Adriani, ds. Delleman, mr. Bouman, dr. Heidema, P. W. J. Steinz, mr. Brevet, dr. Eykman, dr. Van der Neut en dr. Heidema.
Het is een boek, waarin heel veel staat, dat juist voor onzen tijd zoo allerbelangrijkst is.
GIJ ZIJT PETRUS, door dr. R. B. Evenhuis, Ned. Herv. predikant te Scheveningen. Uitg. : H. Veenman & Zonen, Wageningen.
Deze preek is per radio uitgezonden op Zondagavond 21 Jan. j.l. Tekst is Matth. 16 vers 18 : „En Ik zeg u, dat gij zijt Petrus, en op deze Petra zal Ik mijn gemeente bouwen en de poorten der hel zullen haar niet overweldigen". Vele zijn de verklaringen en in de verklaring spitst zich het verschil toe tusschen het Roomsch-Katholicisme en het Protestantisme. In het algemeen is de groote fout, dat men bij de uitlegging meer aandacht heeft geschonken aan Petrus dan aan Jezus. Als we dat laatste doen en achtgeven op Hem, die dien naam geeft, op Christus Zelf, die verklaart : Gij zijt Petrus, komen we in de goede richting. Want wat zien we dan ? Dan zien we, dat Jezus alle meeningen van menschen afgewezen heeft. Hij kan en mag niet verklaard, benoemd, omschreven worden door menschen; 't gaat niet, nu niet en nooit, om de meening van menschen, maar het gaat inzake Jezus om de openbaring Gods, om de onderwijzing van den Vader in den hemel, en die mensch, die uit de openbaring leeft en onderwezen wordt door God Zelf, kan alleen maar zeggen, wie Jezus is. De meeningen van menschen op z'n best, zoo goed als de oordeelvellingen van menschen op z'n smalst, kunnen hier niet bestaan. Hier heeft alleen maar waarde wat de God en Vader van onzen Heere Jezus Zelf heeft geopenbaard in Zijn Woord. Ook de Kerk, ja, juist de Kerk heeft dat te bedenken en te beleven.
Deze preek is in aardigen omslag uitgegeven door Veenman & Zonen te Wageningen.
GODS WERK IN ONS, door ds. W. A. Wiersinga. Uitgave : J. H. Kok; Kampen.
Dit boek is een soort Dogmatiek en behandelt de geloofswaarheden, die ons dierbaar zijn. De schrijver heeft de stof behandeld uit de gezichtshoek : „Gods werk in ons". Hij sluit zich aan bij een woord van Ca1vijn, waarmede de groote hervormer het derde boek van zijn Institutie behandelt. Nu moeten wij zien, hoe tot ons komen de goederen, die de Vader Zijn eenigeboren Zoon gegeven heeft, niet tot Zijn persoonlijk gebruik, maar opdat Hij de armen en behoeftigen zou rijk maken. En in de eerste plaats moeten wij weten, dat al wat Christus tot zaligheid van het menschelijk geslacht geleden en gedaan heeft, voor ons zonder nut en van geen gewicht is, zoolang Christus buiten ons is en wij van Hem gescheiden zijn. Dus moet Hij, om ons te kimnen mededeelen wat Hij van den Vader ontvangen heeft, de onze worden en in ons wonen". Daar gaat het dus over : over ons geestelijk leven, over het werk Gods in ons. Ds. Wiersinga wil het echter volstrekt niet zóó doen, dat het alles gaat om ons, om ons subjectivisme, zonder dat het zou gaan om „de leer", om den objectieven inhoud van ons geloof naar de Schriften in Jezus Christus. De Heere wordt in de éénzijdigheid niet geëerd, noch wanneer het éénzijdig gaat over het subjectivisme, noch wanneer het éénzijdig gaat over het objectivisme.
„Wij willen" — aldus ds. Wiersinga — „niet maar vragen, wat de bekeerde zondaar subjectief in eigen ziel en voor eigen bewustzijn ervaart en doorleeft, want dat is altijd gebrekkig — maar wat naar Zijn Woord God in ons, zondaren, werken wil, want Zijn werk is altoos volkomen, al kunnen wij het nimmer geheel genieten".
Laat het waar zijn, dat wij in de practijk van het leven menigmaal beginnen met de vraag : wat moet de mensch doen, om de zaligheid te verkrijgen — als we over het geestelijk leven nadenken en iets van de orde daarin willen verstaan, moeten we steeds beginnen met de vraag : wat is het, dat naar Zijn Woord God doet om de door Christus verworven zaligheid ons, zondaren, deelachtig te maken.
Ds. Wiersinga wil ons op die wijze een dogmatiek geven. Misschien dat hij zelf tegen dat woord in verband met dit zijn boek, bezwaar zou hebben. Maar in elk geval wil hij het hebben over de orde des heils, als den weg dien God bewandelt om ons het heil, door Christus verworven, deelachtig te maken. En als hij zoo spreken wil over het leven uit den Heiligen Geest, dan komen alle stukken ordelijk ter sprake en zoo krijgen we verhandelingen over : 1. „De aanvang van Gods werk in ons", als : roeping en wedergeboorte (de roeping wordt voorop gesteld, blz. 25), de roeping in het algemeen, de inwendige roeping en de wedergeboorte. 2. „De voortgang van Gods werk in ons" als : schuldbesef, het geloof, de bekeering en levensheiliging (geen perfectionisme, het loon op de goede werken, enz.). 3. „De voltooiing van Gods werk in ons" als : Gods bewaring (geen afval der heiligen, enz., het leven uit de hoop). 4. „De Middelen tot versterking van Gods werk in ons", als : de oefening, bijbelgebruik en gebed, Doop en Avondmaal ; de arbeid der Kerk en de gemeenschap der heiligen.
Ds. Wiersinga weet deze dingen, die zoo teer en zoo heilig zijn, duidelijk en mooi te beschrijven. Wij wenschen dit boek dan ook in veler handen te zien en wij hopen, dat de onderwijzing in de geestelijke dingen zeer velen tot leering en vertroosting mag zijn en tot sterking in het geloof, ook tot bevordering van de gemeenschap der heiligen.
DE KROON, door Elisabeth Bergshand— Poulsen, uit het Zweedsch vertaald door N. Basenau—Goemans. Uitg. : J. M. Meulenhof te Amsterdam.
Dit boek verdient het ten volle om gelezen te worden, omdat het in alle opzichten een mooi, een prachtig boek is. Het speelt in het Noorden, in Zweden. Dat maakt dat we in een andere wereld worden verplaatst. Maar het houdt den lezer aanstonds vast en met klimmende belangstelling leest met het van 't begin tot de laatste bladzijde, het laatste woord.
Wat begint het mooi. „Een man loopt langzaam den weg af. Het is heel vroeg in den morgen, nog vóór het aanbreken van den dageraad. Nog slapen hemel en aarde, volkomen grauw, volkomen stil". Dan zien we den jongen dominé „die de bloemen, slapend in den ochtendnevel, lief heeft, vreedzaam als kinderen met gebogen hoofden" naar de kerk gaan. En dan begint aanstonds op pakkende wijze de geschiedenis van „De Kroon", die wondergroote en overvloedig schitterende kroon, die door een familie, met een oorlogs-geschiedenis aan de Kerk gegeven is (de Kroon der zaligheid) onder voorwaarde, dat het graf van de familie, op 't kerkhof vlak bij de dorpskapel, week aan week keurig zal worden onderhouden. En — dat laatste is niet gebeurd. Daarom wordt de Kroon uit de Kerk weggehaald en rondom die typische geschiedenis speelt heel de historie van het boek. Naast de Gravin van Lunda en den dominé van Dunkerhallar treedt in dit verhaal op den voorgrond Serafia Cavall, een dochtertje van een slechten vent, die haar de deur uitgooit omdat het meisje een gebed deed aan tafel. Half lam getrapt, komt het kind met moeite bij de Gravin op „Lunda" en mag daar blijven. En zij neemt op zich te boeten voor de nalatigheid van het dorp, dat het graf niet onderhouden had. Dertig jaar lang zou zij eiken Zaterdag het graf verzorgen en dan zou de Kroon weer in de Kerk terug komen. Prachtig wordt ons dit alles beschreven, warm en innig. En dan gaat de liefde een rol spelen in het leven van Serafia, en zij trouwt met een soort zigeuner, wiens vader even onbeschoft is als de zoon. Een lijdensgeschiedenis opent zich dan voor de vrouw en de moeder van drie kinderen en ze sterft onder ellendige omstandigheden. Het „Wolvennest" zou van veel ruwheid, van veel leed, van veel pijn en tranen kunnen getuigen. Het oudste dochtertje Anna Mathilda neemt dan de plaats van haar moeder in en op den dag dat dit edele meisje trouwt hangt de Kroon weer in de Kerk van Dunkerhallar !
Men leze dit mooie, warme, teere boek, dat de Schrijfster eere aandoet en talloos vele lezers en lezeressen veel genot zal bereiden. Het boek is keurig, voorbeeldig mooi en degelijk, uitgegeven.
MOEDER, het vakblad voor Moeders. Uitgave : Gebr. Zomer & Keuning, te Wageningen.
Weer een mooie aflevering van dit gezellige tijdschrift, dat door moeders, óok door grootmoeders en tantes, altijd met open armen wordt ontvangen en met vreugde begroet, en waarover dan heel wat nagebabbeld wordt. Artikelen over opvoeding ; huistuin- en keukenproblemen ; naald en draad ; mode en zooveel meer, vullen deze Febr.-aflevering, waarbij de leuke illustraties talloos vele zijn. De „Voorjaarswedstrijd 1940" zal de belangstelling voor dit tijdschrift wel verhoogen. Hartelijk aanbevolen !
GROOT VERTELBOEK VOOR DE BIJBELSCHE GESCHIEDENIS, door Anne de Vries. Uitgave : J. H. Kok Kampen. N.T. aflevering 11.
Het Oude Testament is reeds geheel behandeld en het Nieuwe Testament reeds voor een groot stuk. Het is — en wordt — een mooi boek, bestemd voor moeders en onderwijzers, om de bijbelsche geschiedenis aan kinderen te vertellen. En Anne de Vries kan vertellen ! Het is een lust, deze Bijbelsche Geschiedenis voor jeugdigen te lezen. Alles is weer heel anders dan bij ds. Ulfers of bij den heer v.d. Hulst. Het draagt alles een eigen type. En dat is juist zoo heel mooi, zooals Anne de Vries heel mooi schrijft en heel mooi vertelt.
De 11de aflevering is nu verschenen. Het is een kostbaar bezit, zoo'n boek. De Uitgever verzorgt het tot in de puntjes keurig en netjes !
UNIE-ALMANAK 1940, Jaarboekje voor het Christelijk Onderwijs in Nederland en Overzeesche Bezittingen ; 49ste jaargang. Uitgave : S. van Dorp, IJmuiden.
Dit is de bekende Unie-A1manak, waarin men allerlei gegevens over het Christelijk Onderwijs kan vinden als : Staat van Scholen met den Bijbel, Wenken voor Besturen, Hoofden van Scholen, enz., benevens een Overzicht van Schoolorganisaties. De meest uitvoerige lijsten en gegevens treft men hier aan (zelfs van de Vrije Universiteit, Theol. School te Kampen en Theol. School te Apeldoorn).
Zou men ons vragen : wat kan aan deze Unie- Almanak, die reeds 49 maal verscheen, nog verbeterd worden? dan zouden we niet veel kunnen opnoemen, maar toch zouden we zeggen dat over de techniek van de Onderwijswet met de bepalingen daaromtrent, benevens de Schooladministratie, wel iets vollediger kon worden gehandeld. Wij zouden zeggen : de tegenwoordige redacteuren moesten hier nog eens hun volle aandacht aan geven. Het oude, bekende boekje, zou hierdoor zeer zeker in waarde winnen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 februari 1940
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 februari 1940
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's