De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

MEDITATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MEDITATIE

7 minuten leestijd

Ik ben met Christus gekruisigd, en ik leef, maar niet meer ik, maar Christus leeft in mij. Galaten 2 vers 20a.

Ik ben met Christus gekruisigd. Dat moet natuurlijk niet letterlijk worden opgevat. Neen, wij moeten dit woord geestelijk verstaan. Letterlijk zijn er niet meer dan twee moordenaars met Jezus Christus gekruisigd, maar geestelijk is geheel het volk van God met Christus gekruisigd. Wij lezen meermalen in de Heilige Schrift dat, hetgeen Jezus Christus overkomen is, geacht wordt aan de Zijnen te zijn geschied. Dat is mogelijk door de verborgen geestelijke eenheid, die er bestaat tusschen Jezus Christus en Zijn gemeente. Is dus Jezus Christus gekruisigd, zij met Hem., In de kruisiging van den Heere Jezus ziet de Vader de kruisiging van geheel Zijn volk. Zoo is ook de apostel Paulus geestelijk met Christus gekruisigd. Jezus Christus heeft de zonde van Paulus verzoend naar de verkiezing van God, dus zonder dat hij het zelf wist, evenals ook voor allen, die in het eeuwig voornenien van God begrepen zijn. Later worden zij zich daarvan bewust en dan gevoelen zij ook nog iets van die kruisiging. Want als degenen, die van eeuwigheid verkoren zijn, door God geroepen worden, dan wordt de oude mensch gekruisigd. Dan gaat de oude mensch, dan gaat het eigen ik met Christus aan het kruis. Niet in eens, niet in een oogenblik, maar langzamerhand. Het is een geweldige vernedering voor den ouden mensch, die altijd zoo geheerscht heeft, nu aan het kruis te moeten als een vervloekte. Dit heeft plaats bij degenen, die met Christus gekruisigd zijn. Ieder kind van God zal iets van die geestelijke worsteling kennen en ook ervaren, hoe smartelijk dat is voor den ouden mensch, die ten onder gebracht moet worden.

Ik ben met Christus gekruisigd. Dat kon de apostel Paulus van zichzelf zeggen. Als er één kruisdrager achter Jezus aan is geweest, dan is het wel de apostel Paulus. Wat heeft hij veel moeten lijden om de goede belijdenis. Paulus zou bij de wereld een geëerd man geworden zijn, want hij Was een man van uitnemende bekwaam heden. In den Joodschen Raad zou hij spoedig de voornaamste geweest zijn, maar ziende op den oversten Leidsman en Voleinder van het geloof, heeft hij ook in zekeren zin „het kruis verdragen en de schande veracht". Hij werd geacht als een pest en een afschrapsel. Evenals Jezus Christus is hij verjaagd, vervolgd, gescholden en geslagen. De vijanden van den Heere Jezus waren ook zijn vijanden. Zoo kon dus de apostel Paulus in waarheid zeggen : Ik ben met Christus gekruisigd. Hij had Gods heilig recht en Zijn vloek leeren kennen, maar hij was in zijn gekruisten Heiland vrijgesproken. En ook was hij een kruisdrager achter Jezus aan. Dit kruis kon hij vroolijk dragen. En waarom ? Daarop geeft het volgende deel van onze tekst het antwoord : omdat Christus in hem leefde. 

Ik ben met Christus gekruisigd en ik leef, maar niet meer ik, maar Christus leeft in mij. Als wij deze woorden hooren, dan bemerken wij terstond dat dit geen klaagzang is. Neen, blijdschap klinkt ons reeds uit dit woord tegen. Ik leef. Maar Paulus roemt in dit woord niet in zichzelf, neen, hij roemt alleen in Jezus Christus. Ik leef, zegt hij, maar niet meer ik, maar Christus leeft in mij, door Hem alleen leef ik. Ik ben met Christus gekruisigd en ik leef. Wij zouden zoo verwachten dat Paulus zou zeggen: Ik ben mét Christus gekruisigd  en ik sterf, ik ben dood. Ja; zijn oude mensch stierf, zijn zondig ik ging er aan; maar de nieuwe mensch leefde, juist, omdat de oude mensch gekruisigd was. Ik leef, dat ziet dus op het nieuwe geestelijke leven in en door Jezus Christus, dat alleen het deel is van Gods kinderen. Dit leven is aan den onbekeerde heelemaal onbekend. De natuurlijke mensch heeft verstand van de natuurlijke dingen, maar hij begrijpt niet de geestelijke dingen. Komt er geestelijk leven, dan beginnen zijn oogen voor de geestelijke dingen open te gaan. Dan krijgt hij „verstand, met goddelijk licht bestraald". Dan krijgt hij kennis van ellende, van verlossing en van dankbaarheid. De natuurlijke mensch heeft een hart, dat onvatbaar is voor geestelijke indrukken. Er zijn harten, die o zoo medelijdend zijn, die het minste leed niet kunnen aandoen of aanzien, maar die nog nooit medelijden hebben gehad met hun arme ziel. Als het daarover gaat, dan is het teerste hart van nature zoo hard als diamant. Dat hart moet gekruisigd worden en het wordt gekruisigd, als Jezus Christus leeft in den mensch. Dan komt er een vernieuwd hart, dat treurt over de zonde, maar ook; vertroost wordt door het heerlijk geklank van het Evangelie van genade. De natuurlijke mensch heeft ook een wil, die geneigd is tot het zondige. De mensch wil de duivel en de wereld en de zonde dienen. Die wil moet gekruisigd worden en dat gebeurt als Jezus Christus leeft in den mensch. Dan komt er een nieuwe wil, die recht tegen den ouden wil ingaat. Er is dan een beginsel van gehoorzaamheid, dat nog wel iets anders is dan het volbrengen van Gods wil, maar de wil is er dan toch door den Geest van Christus.

Ik leef, maar niet imeer ik, maar Christus leeft in mij, zegt de apostel Paulus. Jezus Christus heeft een gestalte in hem gekregen, die zich openbaart in een verlicht verstand, in een vernieuwd hart en in een geheiligden wil. Ik leef, zoo kon hij met blijdschap zeggen. De onbekeerde zegt: dat gekruisigd leven, dat is geen leven. Maar de geloovige, die door en in Jezus Christus mag leven, hij wil dat leven voor de heele wereld niet missen. Er is zooveel smart en ellende, omdat de oude mensch niet gekruisigd is en omdat Jezus Christus niet leeft in de ziel. En daarom, doe uw best om den ouden mensch, die verwoester van uw eeuwig heil, te kruisigen. Tracht te leven van genade en streef er naar om met Christus gekruisigd te worden. Als u niet met Hem gekruisigd bent, dan bent u zoo diep ongelukkig. Dan staat u nog buiten de gemeenschap met Jezus Christus en dan hebt u ook geen deel aan Zijn genade. Stel het nu niet uit. Het kan zoo spoedig te laat zijn. Wil uw hart de weg van de zonde op, ga er dan onmiddellijk biddende tegen in. Hebt gij geen lust om te bidden, houd daarvoor dan vaste tijden. Daniël had onder de ongunstigste omstandigheden in de ballingschap nog iederen dag drie gebedstijden. Volg hem daarin na. Hebt gij geen lust om Gods Woord te onderzoeken, zet u er dan toch toe en neem een voorbeeld aan den kamerling, die er ook niets van verstond, maar toch bleef lezen, en de Heere zond hem op Zijn tijd Filippus om te verklaren. Dit zijn allemaal middelen, die God wil geven om met Christus gekruisigd te worden. God geve u en mij uit genade, dat wij werkelijk met den apostel Paulus kunnen zeggen : Ik ben met Christus gekruisigd en ik leef, maar niet meer ik, maar Christus leeft in mij. Hier hebt gij natuurlijk nog veel moeilijkheden, hier hebt gij nog veel strijd, maar neem met dat alles telkens weer de toevlucht tot Jezus Christus om meer en meer met Hem gekruisigd te worden en meer en meer door Hem te leven. Dan zult gij ook telkens nieuwe kracht ontvangen, ook in het uur van den dood. Want als gij werkelijk met Christus gekruisigd zijt, dan zult gij met Hem gekroond worden en met Hem leven tot in eeuwigheid. Geloofd zij Jezus Christus, Die in ons leven wil en ons voor eeuwig vrij maakt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 oktober 1940

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

MEDITATIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 oktober 1940

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's