De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

NIENKE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

NIENKE

FEUILLETON

5 minuten leestijd

VERHAAL UIT 'T FRIESCHE VOLKSLEVEN

(Met toestemming Uitgever J. H. Kok te Kampen) 72)

Daarop vervolgde zij: „Ik zeg dit niet om steenen op te nemen en daarmede anderen te treffen. Ook niet, mijn kind, om u iets onaangenaams te zeggen, maar wèl om te waarschuwen voor de toekomst en er op te wijzen, dat men zich niet door den schijn moet laten bedriegen. Daar is in de groote steden zooveel vergulde ellende, waarvan wij hier in de Ziekenhuizen het einde zien. Als al die buitenmenschen, die vaak naar de groote plaatsen gaan om daar te genieten en hun geld te verteren, dat alles eens wisten, zij zouden zich wel wachten, die uitspanningen te bezoeken, waar jonge levens vaak opgeofferd worden aan het genot''.

Met aandacht zat Liesbet Paulussen naar deze woorden te luisteren, 't Was haar, alsof een vonnis over haar eigen leven werd uitgesproken. Als bij een film ging dat leven voor de zooveelste maal aan haar geest voorbij. Zou de Zuster haar kennen ? Of zou zij misschien een ander op het oog hebben, maar wier leven precies met het hare overeenkwam ? In elk geval had zij geen enkel woord hiertegen in te brengen, doch voelde veeleer behoefte uit te spreken wat voor elk verborgen gehouden was, doch zeker door de Zuster zou worden verstaan.

't Was de geschiedenis van zoovelen. Na eerst schuchter vreemd tegen dat groote stadsleven te hebben opgezien, zoo geheel verschillend van het gewone, stille verkeer ten plattenlande, waar elke volgende dag op den voorgaanden gelijkt, en het leven meestal zonder schokkende of opzienbarende gebeurtenissen voortgaat, even rustig als de kabbelende golfjes in de dorpsvaart, was al spoedig de vrees voor nadere kennismaking afgelegd, om plaats te ruimen voor nieuwsgierigheid en bevrediging te vinden voor de begeerte naar opschik. Andere dienstmeisjes, langer aan deze omgeving gewend, en meer bekend met de geschiktste gelegenheden om voor weinig geld veel te genieten, maakten haar spoedig wegwijs en met dezen ging zij weldra op pad om te zien of te hooren wat maar eenigszins onder het bereik lag. Al het verdiende loon, en dit was, vergeleken bij hetgeen in Zevenhuizen voor dergelijke betrekkingen gegeven werd, niet gering, werd uitgegeven aan kleeding en opschik en uitgaan. Soms was reeds vóór het einde van de maand het geld, dat te beuren viel, verteerd, zoodat geleend moest worden van de vriendinnen om de komende dagen in hun gezelschap uit te kunnen gaan. Bizonder trok de dansclub aan, waar men zoo gezellig met anderen bijeen was; waar de verhoudingen minder gedwongen waren en men onder de tonen van wegsleepende muziek en het zachte schijnsel van omfloersde schemerlampen, zoo stil en diep genieten kon als in een tooverpaleis. Dan vlogen de uren en ging de tijd veel te vlug.

Eens was haar door een mevrouw, uit een der vele betrekkingen, die zij hier had gehad, gewezen op het groote gevaar, waar aan zij zich bloot stelde. Te meer, waar zij van nature bedeeld was met gaven, die in het oog liepen en waarmede zij wist te boeien. Doch verstoord had zij zich van elke terechtwijzing of waarschuwing afgewend. Wat had een ander met haar leven te maken. Wanneer zij in huis haar plicht deed en niet een, die op haar werk aanmerkingen maken kon, dan zou het haar eigen zaak zijn, wat zij daarbuiten in de vrije uren wilde doen.

Niet een, die iets over haar te zeggen had. Zij was toch haar eigen meesteres ?

Toen had mevrouw bedenkelijk 't hoofd geschud en met iets zeer ernstigs in haar stem voorspeld, dat zij nog eenmaal met droefheid er aan terug zou denken, hoe deze, zoo goed bedoelde woorden, lichtzinnig in den wind geslagen werden. Den ganschen dag had haar deze terechtwijzing geërgerd, 's Avonds benam het haar 't genot, als zij terug dacht aan deze woorden, zoodat het bij de anderen opviel, dat zij lang niet zoo vroolijk was als gewoon. Men had naar de oorzaak gezocht, tot het er eindelijk uitkwam, dat mevrouw zich met haar persoonlijke aangelegenheden bemoeid had om te wijzen op de ellende, die uit zoo'n leven van lichtzinnig genot moest voortvloeien. Doch daaarop wist het gezelschap wel een antwoord. „Of zij zich daardoor dwingen liet! Dat moest er nu ook nog bijkomen, dat men op den vrijen tijd van het personeel beslag ging leggen. Het was al den geheelen dag jachten, trap op, trap af, van het vroege morgenuur, als die vervelende wekker begon te rammelen, tot de avond kwam en 't vaak nog een haasten was om met al het te reinigen vaatwerk zoo spoedig klaar te zijn, dat aan de afspraken tegen achten kon worden voldaan. Maar zoo waren die groote lui nu eenmaal. Natuurlijk zorgden zij wel voor eigen genot en plezier. Eigenlijk was hun heele leven een aaneenschakeling van niets doen of althans van onbenulligheden. Laat opstaan, lang tafelen, dan wat lezen of schrijven, dan wat winkelen of wandelen, dan de koffie, dan wat conversatie, dan rusten en dan zoo langzamerhand zich klaar maken voor het diner, om dan daarna uit te gaan of een vergadering te bezoeken of iets dergelijks. En dan in den zomer eenige weken naar een badplaats, of de bosschen, of het buitenland !

(Wordt vervolgd.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 december 1940

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

NIENKE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 december 1940

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's