De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

MEDITATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MEDITATIE

Geen ander

6 minuten leestijd

Niemand is er dan Ik. Jesaja 45 vers 21.

Zullen wij, Zijn formeersel, hierover twisten met onzen Maker ? Dit zou zijn alsof een potscherf, of het leem iets heeft in te brengen tegen den Pottenbakker. En Zijn gebod zegt ons : „Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben". En wat zijn er dan niet een vele goden, die moeten worden opgeruimd. En is des Heeren HEEREN naam IJveraar, een ijverig God is Hij. Het is verboden te buigen voor eenen anderen god dan voor dezen Eenigen en Drieëenigen God. En zal menigeen in schuldbekentenis den Heere willen beloven, als een gelofte des levens : „Uw knecht zal niet meer brandoffer en slacht offer anderer; goden doen dan den Heere''. En is de waarschuwing : „gij zult andere goden niet vreezen". Was niet aan Israël veel kwaads overkomen, omdat zij den Heere, hunner vaderen God, verlaten hadden. En waar het wordt gezegd dat de vaderen veel kwaads in dezen gedaan hebben, zoo wordt het ons aangezegd, dat wij hen niet in het booze mogen navolgen, maar dat wij toch nog erger gedaan hebben dan onze vaderen. En dan is de roepstem des Heeren tot ons en tot een wereld in zonden : „Wendt u naar Mij toe, wordt behouden, gij einden der aarde, want Ik ben God en niemand meer". En dit is de Evangeliestem, welke reeds ten tijde van Israël door Jesaja werd uitgesproken : „Wie heeft dat laten hooren van oudsher, wie heeft dat van toen af verkondigd ? Ben Ik het niet, de Heere ? en daar is geen God meer behalve Mij, een rechtvaardig God en een Heiland, niemand is er dan Ik''. Geen andere God en geen andere Heiland, en dit is waar onder het Oude Verbond en onder het Nieuwe Verbond, „want er is ook geen andere naam, die onder de menschen gegeven is, door welken wij moeten zalig worden". En naar Zijnen naam is de zaligheid ook in geenen anderen. Want Zijn naam zegt ons, dat Hij Zijn volk zal zalig maken van hunne zonden. Dit zegt ons de lieflijke naam Jezus. Laat dus deze Zijn naam voor ons liefelijk zijn of worden mogen, door des Heeren genade, en een ieder zich wachten voor eenigen anderen grond der zaligheid tot opbouwing des geloofs. „Want niemand kan een ander fondament leggen dan hetgeen gelegd is, hetwelk is Jezus Christus". En wees er van verzekerd dat eens iegelijks werk zal openbaar worden, want de Groote Dag des Heeren zal het verklaren. Zoo iemands werk blijft, dat hij daarop gebouwd heeft, die zal loon ontvangen; zoo iemands werk verbrand wordt, die zal schade lijden, maar zelf zal hij behouden worden, doch als door vuur, want onze God is een verterend vuur. En dat dit behoud dan moge zijn door dat vuur van God, den Heihgen Geest. Dan zullen wij een tempel van den Heiligen Geest moeten zijn en de Geest Gods in ons wonen. Deze Heilige Geest is de belofte des Vaders, Die Jezus zenden zoude als zoodanig. Hij is de Kracht uit de Hoogte. In Hem is de eenige ware kracht van het geestelijke leven voor ons, zondige menschenkinderen. Het deed den apostel Paulus roemen in Christus Jezus in die dingen, die God aangaan door kracht van teekenen en wonderheden en door de kracht van den Geest Gods, „opdat", zeide hij, „ik niet op eens anders fondament zoude bouwen". En ook hij was zeer begeerig om het Evangelie van Jezus , Christus te verkondigen. De Heere onze God is een eenig Heer, Vader, Zoon en Heilige Geest.

Laat ons dan nooit afwijken van de eenvoudigheid, de lengte en de breedte, de hoogte en de diepte, welke is in het Evangelie, het Woord des HEEREN Heeren, ofschoon de arglistigheid van de slang er altijd is om een anderen Jezus, een anderen geest en een ander Evangelie te prediken, want er is geen ander in Naam, Woord en Geest.

De Waarheid zal u en mij vrijmaken, niets anders. En indien de Zone Gods ons vrijgemaakt heeft, zoo zullen wij ook waarlijk vrij zijn, want er is geen ander, die dit gedaan heeft en doen kan. Maar dan is er ook geen ander, in Wien wij onze vrijheid kunnen hebben, en er is ook geen andere vrijheid, dan de vrijheid van de heerlijkheid der kinderen Gods. En waar de Geest des Heeren is, daar is de vrijheid, die in Christus Jezus is. En dan als vrijen en niet de vrijheid hebbende. Want het wordt ons toegeroepen te staan in deze onze vrijheid in dezen onzen eenigen God en Vader in Christus en door den Heiligen Geest. Hij, de Drieëenige God, kan den ellendigen zondaar in zijne ellende vrijmaken. In Hem is ook de belofte van het volmaakt toeko mende, want van Hem lezen wij : Niemand is er dan Ik. In Hem is alles voor de ziel tot een eeuwige zaligheid, verleden, heden en het toekomende in Hem, Die gisteren en heden en tot in alle eeuwigheid Dezelfde, een Eenig en Drieëenig God is. Waren niet sommige Galatiërs overgebracht tot een ander Evangelie en daar is geen ander dan het Woord der Verlossing in den eenigen Verlosser. Het is het Evangelie onzer zaligheid tot geloof en tot verzegeling door God den Heiligen Geest. Hij, Christus, is het Onderpand van onze erfenis tot de verkregene verlossing, maar dan tot prijs Zijner heerlijkheid, de heerlijkheid Gods. Opdat ons geloof niet zoude zijn in de wijsheid des menschen, maar in de kracht Gods, de wijsheid Gods. En onze roeping zoude zijn tot ééne hoop, tot één lichaam, tot één Heere, tot één geloof, en tot één doop, één God en Vader van allen. Die daar is boven allen en door allen en in allen. En opdat wij waardiglijk zouden wandelen der roeping, met welke wij geroepen zijn, en dan met alle ootmoedigheid en zachtmoedigheid, met lankmoedigheid verdragende elkander in liefde. En daarom zegt de profeet Zacharia : „Alzoo zegt de Heere der heirscharen : Bekeert u toch van uwe booze wegen en uwe booze handelingen". En dan is de nadruk op een „Keert weder tot Mij''. In Hem alleen is de reinigmaking van zonden. Dan zal de bede moeten zijn : „Wasch mij van mijne ongerechtigheid en reinig mij van mijne zonden, want tegen U, U alleen, hebben wij gezondigd". En alleen het bloed van Jezus Christus kan ons reinigen van alle onze zonden. Hij alleen heeft de reinigmaking onzer zonden teweeggebracht En dan zal Zijne stem tot ons zijn : „Gij hebt niet Mij uitverkoren, maar Ik heb u uitverkoren". En dan is er ook geen liefde grooter dan Zijne liefde voor een verloren wereld en voor een verloren geslacht en voor verloren zondaren, zij het tot geloof of ongeloof, tot eeuwige vreugde of tot eeuwige verdoemenis. Daar is geen God meer behalve Mij, een rechtvaardig God en een Heiland. Wendt u naar Mij toe, wordt behouden, alle gij einden der aarde, want Ik ben God en niemand meer.               

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 september 1941

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

MEDITATIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 september 1941

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's