Hoofdstuk XVIII.
Aan den rand.
't Hoofd gewikkeld in breede zwachtels, zwaar ronkend als een, die in diepen slaap verzonken is, in 't gelaat overal de merk: teekenen dragend van iemand, die in den strijd is geweest, zóó lag op de mannenafdeeling van 't Ziekenhuis de jonge man, om wien in het ouderlijk huis, vér vandaar, al zoovele tranen waren geschreid, en de eenzame, nachtelijke uren zoo dikwijls wakende werden doorgebracht. Was dat nu Gabe Santema van „Donia-state ? "
Hoe het geval zich had toegedragen, wist nog eigenlijk niemand, 't Was des avonds tegen een uur of acht en op het Muntplein. Juist tegen den tijd dus, dat 't daar buitengewoon druk is met volgeladen trams en met voetgangers, zich spoedend naar de velerlei gelegenheden van vermaak en ontspanning, toen uit een der zijstraten een auto 'met vaart kwam aansuizen, om opvallend zig-zag-rijdend zich 'n weg door het publiek te banen, waarvoor elk opzij stoof, tot 'in een ondeelbaar oogenblik de 'botsing daar was, schuin tegen het voorbalcon van de gemeentetram. Door de vaart werd de auto inéén gedrukt, terwijl 'de glasscherven van de voorruit her en der vlogen en de onbekende chauffeur deerlijk gewond en buiten kennis, van tusschen de brokstukken zijner carosserie werd weggehaald.
(Wordt vervolgd.)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 oktober 1941
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 oktober 1941
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's