Kerk en Wereld
De titel is goed. Er is een betrekking van de kerk tot de wereld, omdat Christus Zijn kerk uit de wereld oproept en vergadert. In de wereld ligt dat andere stuk van de kerk verborgen, hetwelk nog niet werd geopenbaard in het geloof. Vandaar de eisch der prediking : Predikt het Evangelie aan alle creaturen. Zoodra de kerk ergens is gezet, de eerste gemeente in het heidenland is geïnstitueerd, staat zij voor de zaak van de Zending naar buiten : Uitgaan in struiken en heggen om te roepen de genoodigden tot de bruiloft des Lams.
Men kan niet zeggen, dat de gevestigde kerk altijd haar Zendingsroeping zoo trouw heeft vervuld. Men kan dat ook van de reformatorische kerken niet zeggen. Ook niet van de kerk hier te lande. Zeg, dat de kerken der reformatie de handen vol hebben gehad met de Inwendige Zending. En dat valt niet te ontkennen. In de dagen der reformatie werd echter de wereld heel groot en ruim. Onbekende werelddeelen werden ontdekt, waar het Evangelie nog nimmer was doorgedrongen. De Zendingsroeping behoefde de kerken niet in verlegenheid te brengen, alsof er geen velden waren, wit om te oogsten. Doch van een grootsche actie der kerken gewaagt de geschiedenis niet. Er gebeurde wel iets, hier en elders, maar veel bleef toch aan het particulier initiatief overgelaten. Het plan om een opleidingsschool voor Zendelingen (seminarium indicum) op te richten, bleef bij een plan.
Men kan de kerken van een zekere zelfgenoegzaamheid niet vrij pleiten. Ook hadden zij met inwendige aangelegenheden en twisten veel te stellen. Mogelijk kan ook verklaring gevonden worden voor dezen kalmen Zendingsdrang in het feit, dat de reformatorische kerken niet in hooge mate bewogen werden door eschatologische verwachtingen, 't Eenig artikel in de geloofsbelijdenis (art. 37) kan dat aantoonen. De reformatie van de kerk, waarin men leefde, nam haar in beslag. Men kan ook zeggen, de Inwendige Zending nam haar in beslag en daarom was zij voor alles op de zuiverheid van de leer des geloofs en de orde der kerk bedacht.
Bovendien vond zij niet zulk een sterke tegenstelling tusschen kerk en wereld als de kerk van onze dagen, omdat de Roomsche kerk nu eenmaal haar vleugelen over het gansche leven uitstrekte. Daarentegen werd de kerk in den modernen tijd geheel en al door de wereld overvleugeld en in een hoek gedrongen.
Deze ontkerstening, niet het minst vanwege haar algemeenheid over de geheele wereld, werd aanleiding, dat de herleving der kerkelijke belangstelling gedurende de bezetting, de tegenstelling kerk en wereld op den voorgrond bracht en de aandacht vestigde op het verloren terrein. De zaak der Inwendige Zending, reeds langer door het particulier initiatief en op veelvuldige wijze ter hand genomen, werd door de kerk tot de hare gemaakt. Het uitgebreide en veelszins vertakte werk werd bestudeerd, naar aard en wezen onderzocht en een begin gemaakt met kerkelijke organisatie.
Uit dien arbeid is het Instituut Kerk en Wereld voortgekomen, hetwelk deze week zijn arbeid aanving in het daartoe ingericht buitengoed „de Horst" te Driebergen. Naar het woord van den Voorzitter van het Directorium stelt dat zich ten doel te arbeiden aan de kerstening van ons volk. Daar zullen ook de jonge werkers en werksters worden opgeleid, die zich aan dezen arbeid willen geven.
Een der andere sprekers sprak van een offensief, dat hier werd ingezet op ons ontkerstende volk. Wie zich dan ook rekenschap geeft van den verregaanden staat van vervreemding van het Christelijk geloof, waarin wij vervallen zijn, zal het toejuichen, dat dit werk met kracht wordt aangepakt.
Men behoeft slechts het leven in de grootestadsgemeente te kennen om te weten, dat de kerkeraden aldaar niet tegen den stroom zijn opgewassen. En dat geldt ook voor de dorpen, die in de laatste tientallen van jaren tot moderne steden zijn uitgegroeid.
Het lijdt overigens geen twijfel, of van binnen en van buiten zal de critiek niet uitblijven. Voor een deel ligt dat in den aard van het werk. Maar het is ook niet onverschillig, hoe en op welk een basis men dit werk zal aanpakken. En hoe men het ook bekijkt, de nood mag dringen en dat is zoo, maar gewoon, normaal kerkewerk is het niet. ledere kerk, die tot een volkskerk is geworden, zal te worstelen hebben met een zelfkant van onverschilligheid en afval. Zij zal daartegen maatregelen hebben te nemen. Doch hier staat men voor een nalatenschap van generaties, een ontredderden kerkdijken boedel, welken wij ons allen hebben aan te trekken.
Daar drukt een schuld van ontrouw en weerspannigheid op ons volk en op ons kerkelijk leven, die ons aanspreken moet in de ellende van onzen tijd. Alle kerkewerk is niet bij machte die schuld te delgen. Daarin is echter geen grond om werkeloos stil te gaan zitten. Doch de genade Gods leide het daarheen, dat Zijn Geest vaardig worde en velen zich bekeeren mogen tot den levenden Christus, die machtig is de verbroken muren van Jeruzalem weder op te bouwen en de vervallen hut van David weder op te richten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 november 1945
De Waarheidsvriend | 2 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 november 1945
De Waarheidsvriend | 2 Pagina's