EEN ERNSTIG BEROEP OP DE GENERALE SYNODE
De volgende brief met een beroep op de Generale Synode werd dezer dagen namens een groep van leden der Ned. Hervormde Kerk te Vlaardingen naar de Generale Synode verzonden:
Aan de Generale Synode der Nederlandsch Hervormde Kerk 's Gravenhage.
Ondergeteekenden, sprekende namens een groote groep van belijdende leden der Ned. Hervormde Kerk van Vlaardingen heden in vergadering bijeen, wenschen met verschuldigden eerbied het volgende onder Uwe aandacht te brengen :
Een diepe vreugde heeft ons vervuld, toen tijdens de verschrikkelijke bezettingsjaren, waarin iedere vrije meeningsuiting tot zwijgen gebracht werd, onze aloude vaderlandsche Kerk, in vereeniging met andere Kerken, zulk een krachtig protest deed hooren tegen de rechtsverkrachting, ons volk aangedaan. De Kerk was ons volk een lichtend voorbeeld en verklankte, wat diep in ons volk leefde. Zij gaf moed in bangen strijd en wees den weg om in de donkerste uren van en in den heeten kamp om ons volksbestaan staande te blijven. De bazuin gaf een klaar geluid, wij hoorden de Bijbelsche, klassiek-gereformeerde klanken, die ons volk opriepen tot verootmoediging en gebed.
Wat een diepe, dankbare ontroering ging er door onze harten, toen eindelijk dat wonderbare geschiedde, waarom zoovele jaren gebeden en gestreden was en dat als een geschenk van onzen God werd gezien : de doorbraak der Synodale organisatie van 1816 ! Nu zou het eindelijk gebeuren gaan. Niet alleen een vrij Vaderland, maar in dat vrije land een vernieuwde, gereformeerde Kerk. Een Christus-belijdende volkskerk die weer zou oproepen tot dienst aan den levenden God. Geen hotelkerk meer, waarin de verschillende richtingen naast elkander leefden in zondige gescheidenheid en elkander maar al te vaak onchristelijk bestreden. Geen genootschap, voor elk was wils, maar een Kerk, die verkondigt het Bijbelsch Evangelie van Jezus Christus en Dien gekruisigd, die bedient de heilige sacramenten en oefent de Christelijke Diakonia, waar de belijdenis geen doode letter, maar een levensregel is voor leer en leven en de tucht volgens Goddelijke opdracht wordt geoefend.
Thans echter moet het ons van het hart, dat wij, wat betreft de vervulling van deze in uitzicht gestelde verwachtingen, met zorg vervuld worden, In één der eerste nummers van „De Hervormde Kerk", weekblad uitgaande van Uw Raad voor Kerk en Publiciteit, richtte ds. L. H. Ruitenberg de aandacht op „Socialisten in Frascati bijeen", waarin een duidelijke sympathie voor deze bijeenkomst moeilijk te ontkennen valt. Op 9 Febr, l.l. werd de aandacht gericht op de gestichte „Partij van den Arbeid". De propagandistische beteekenis van dergelijke publicaties laat zich niet loochenen. De éénzijdigheid van zulk een voorlichting der Hervormde kerkleden springt hierbij in 't oog. De leden der Kerk worden op deze wijze binnen een geestessfeer gebracht, welke geheel vervreemd is van de grondslagen van het Evangelie van Jezus Christus, en waar bannen zich krachten doen gelden, die diametraal anders georiënteerd zijn. Ook het onlangs verschenen en daarna teruggenomen Jeugdblad, uitgegeven door Uw Hervormden Jeugdraad „Het geladen schip", stuwt onmiskenbaar in socialistisch-humanistische richting. Het krijgt er allen schijn van, dat er een nauw verband bestaan gaat tusschen de Partij van den Arbeid en de vernieuwing der Hervormde Kerk, en dat de Synode inzake de politiek zich met één bepaalde partij heeft verbonden.
Het gevolg van één en ander is een groeiende onrust onder de leden onzer Kerk. Er zijn talloozen onder hen, die principieel afwijzend blijven staan tegenover partij-politieke bëinvloeding onzer Kerk. Wij achten een principieel samengaan met degenen, die op een ander fundament bouwen dan Jezus Christus, onverantwoord. Tevens meenen wjj, dat de Kerk zich niet binden moet, aan welke partij dan ook.
Verschillende toonaangevende mannen in onze kerk sloten zich demonstratief bij de Partij van den Arbeid aan, waaronder vele predikanten. Dit geschiedt met het motief, dat de Christelijks School, de Chlristelijke vakbeweging, de Christus-belijdende politieke groepeeringen de vernieuwing der Kerk in den weg staan, terwijl een ieder, die van een ander inzicht is, als tegenstander van den nieuwen koers beschouwd wordt en als kweeker van den schotjesgeest. Een impulsief verzet is losgebroken tegen het „isolement van het Christelijk volksdeel", waaruit geheel verkeerde consequenties worden getrokken inzake het goed recht en de actualiteit der Christelijke organisatievormen in politiek, sociaal en ander opzicht, 't Mag U bekend zijn, dat de antithese in eerste instantie niet op rekening van de Christelijk-politieke groepeeringen komt, maar dat de liberale en marxistische levensbeschouwing, welke den geestelijken grondslag van ons volk heeft ondermijnd en van het Evangelie vervreemd heeft, hieraan debet is.
Wat wij in het nazi-systeem verafschuwd hebben, n.l. de nivelleering der verschillende geestesrichtingen onder ons volk, wordt naar voorbeeld van prof. Schermerhorn in zijn rede te Rotterdam (geen nationaal kabinet, Nederlandsche politiek moet socialistisch en radicaal zijn) door vele kerkelijke voorgangers met klem aanbevolen.
Ten zeerste bekommerd over dezen gang van zaken, waarmede de toekomst van onze Kerk en het welzijn van ons geheele volk ten nauwste samenhangt, doen wij een ernstig en dringend beroep op Uwe vergadering om die stappen te doen, welke noodig zijn, opdat op den ingeslagen weg niet verder wordt voortgegaan en onze Kerk niet van het ééne juk bevrijd, een nog zwaarder juk wordt opgelegd.
Tevens roepen wij de Kerkeraden en gemeenteleden, voor wie de Bijbelsche waarheid alleen gezag heeft, met klem en ernst op tot waakzaamheid in deze felbewogen en verwarde wereld, en tot luisteren naar het Woord van den zegevierenden Christus : „Houdt dat gij hebt, opdat niemand uw kroon neme". Vlaardingen, 3 April 1946.
Het Uitvoerend Comité, C. C. Fröger. J. de Jong. H. van Klink. A. van der Kooy. J. G. Minkhorst. H. K. van Minnen. D. Niemantsverdriet. C. van Rossen. E. P. van der Veen. A. van der Vlis. C. J. van Waasbergen.
Correspondentie-adres : E. P. van der Veen, Burg. Verkadesingel 33, Vlaardingen.
Blijkens bijlage werd een afschrift van dezen brief aan alle Hervormde Kerkeraden gezonden, met verzoek om instemming te betuigen aan de Generale Synode.
Tevens wordt verzocht deze zaak op de a.s. Classicale Vergadering ter sprake te brengen, indien de Synode niet zelf de zaak daar aanhangig maakt.
„Wij meenen" — zoo vervolgen de inzenders — „dat wij dezen kerkelijken weg volgen moeten, omdat wij het minder juist achten, dat Chr. politieke partijen in dezen de leiding der Kerk gaan bestrijden, maar dat de zaak van de Kerk uit tot een goed einde dient gebracht te worden".
Hier wordt een stap gedaan, die uit verschillend oogpunt de belangstelling waard is. De hoofdzaak komt er op neer, dat men klaarheid wenscht in een onduidelijke sitaiatie. En het ligt voor de hand, dat de Generale Synode schuldig is die klaarheid te brengen. Welke toonaangevende mannen, waaronder vele predikanten, zooals de brief luidt, zich demonstratief bij de Partij van den Arbeid aansloten, dit kan opzich zelf geenszins beteekenen, dat de Kerk die partij kiest, noch ook, dat zij die zou kunnen kiezen zonder met haar wezen en roeping in strijd te komen. Doch juist, omdat het voor de positief belijdende leden der Kerk zoo heel duidelijk is, dat de Kerk geen politiek drijft, en zich in geen geval zou kunnen en mogen binden aan de Partij van den Arbeid, kan het niet anders dan ergernis wekken, indien men het voor de meest gewone zaak wil gehouden hebben, dat de Hervormden die Partij zouden volgen.
Reeds langer had de Generale Synode aanleiding kunnen vinden om voor de kerk op te komen en te waken, dat haar geen zaken worden opgedrongen, die buiten haar taak en roeping vallen. Het kan daarom van belang zijn, dat zij de gelegenheid aangrijpt en de kerlk bij haar eigen zaken bepaalt. En het zal daaraan ten zeerste bevorderlijk zijn, als de kerkeraden voor de waardigheid van de kerk opkomen en van hun instemming aan de Generale Synode met de strekking van dezen brief doen bligken, opdat het openbaar worde, dat zij haar hoogste geestelijke belangen niet wenscht te offeren aan een politiek, waarvan kerk en volk geen heil kunnen verwachten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 april 1946
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 april 1946
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's