Financiën
Postgiro 138421
„Dat gebedel houdt niet op". In den eenen bedelzak hebt ge net iets ingeworpen, of de volgende staat weer in dezelfde positie".
Zoo is het nu vrijwel overal. Ieder heeft wat — dat wil zeggen : schier iedereen heeft te weinig. Vandaar ziet ge overal hetzelfde verschijnsel.
Ge zijt zelfs in de kerk niet veilig. Elken Zondag is er weer een of andere corporatie, voor wie een aparte collecte wordt gehouden. Geen éen zal mij tegenspreken, wanneer ik zeg: zeker wel driemaal zoo vaak als vroeger, 'k Geloof heelemaal niet, dat ik overdrijf. Ik preek nog wel eens een enkel keertje hier en daar, maar het is overal hetzelfde. En wat er bij komt: men is heelemaal met een klein beetje niet tevreden. Neen, geweldige bedragen worden ingezameld, 't Is heel goed mogelijk, dat de opmerking gemaakt wordt: ge hebt glad gelijk, maar het is hard noodig. Wanneer ge het maar eens meemaaakte, wat wij dagelijks ontmoeten, zoo zoudt ge zeggen : wij doen een heel goed werk. De nood is ons opgelegd.
Zóó en niet anders staat het ook met het werk, dat ons is opgelegd. Wij bedelen in de kerk vóór de Kerk. 't Gaat in dezen om het uitdragen van het Woord des Heeren. Wat wij zien en merken, is een schrikbarend tekort aan Bedienaars des Woords. 't Is niet voor de eerste keer, dat wij de aandacht hierop gevestigd hebben. In den loop der jaren is in den grooten nood, dit nijpend gebrek — we zeggen niet: weggenomen, doch beduidend verzacht. Door de geweldige ontwrichting van heel de samenleving is het tekort aan Bedienaren des Evangelies nog grooter geworden dan voorheen. Daar is dan ook in heele stukken van ons vaderland een steeds groeiende nood. Wegnemen kunnen wij dezen niet, wèl pogingen in het werk stellen om zooveel mogelijk bijstand te bieden.
'k Vermeen, dat de lust daartoe het zijne bij te dragen, ook in wat wij in dezen u voorleggen mogen, aan den dag treedt. Ons Gereformeerde volk voelt voor deze dingen geweldig veel. Ge staat er voór. Van alle kanten komen de bijdragen binnen. Natuurlijk is het niet: van de bovenste plank ; ieder doet wat hij kan. Zoo zal het u straks ook wel gaan, dat ge zegt: nu, daar is het mij een wonder, hoe men zulke bijdragen heeft kunnen zenden, 'k Zou alleen déze opmerking willen maken : voor feestvieren, voor uitgaven als vermakelijkheid gestempeld is, wat door u als offer wordt afgedragen, nauwelijks noemenswaard. Als een biddend hart: „Uw Koninkrijk kome" fluistert, zoo is de geringste gave koninklijk en de hoogste Koning wordt er in geëerd.
Laat ons een aanvang maken met onze mededeelingen ; tevens de verantwoording aan de gevers.
1. Mijn eerste gift kwam van een der Z.-HoIlandsche eilanden. Uit het begeleidend schrijven bleek me een warm medeleven. Hij zond me een briefje ; inhoud getuigt van een nuchter verstand en een goed oor om te hooren, waardeerend wat hij hoort en leest. Ons weekblad. De Waarheidsvriend, weet hij te waardeeren. De stukken, daarin uiteengezet, zou hij niet graag overslaan. Vandaar ook zijn contributie, met een bankbiljet van ƒ 10.— betaald. D.i. vrijwillige prijsverhooging zónder een tik op de vingers. Wij zijn er uiterst gevoelig voor. Wij danken onzen vriend voor deze hoogste kiesche wijze van meeleven. Onze eerste post bedraagt alzoo f 10.—
2. Onze tweede post is samengesteld uit ƒ 2.— contributie vanuit Ridderkerk en ƒ 1.— contributie uit Bennekom. ƒ3.—
3. Collega B. zendt me elke maand ƒ 5.— als vaste bijdrage. Thans verdubbeld ƒ 10.—
4. De kerkeraad van Ridderkerk zond me een bijdrage voor het Studiefonds, niet onbelangrijk. De perspectieven wijzen op een doelstelling, waaraan wij onze goedkeuring mogen hechten onder Gods gunst en bijstand. De gezonden bijdrage bedroeg ƒ 443.09, met ƒ 5.—, is ƒ 448.09.
5. Vanuit het hooge Noorden kreeg ik bij een vorige zending een postwissel ; nu een nieuwe gift met een uitvoerig schrijven, waarin ik me ten zeerste verheug. ƒ 2.50
6. Van heinde en verre worden ons inzamelingen toegezonden, welke getuigen van warm medeleven. Zoo heeft de catechisatiebus haar diensten aangeboden, n.l. vanuit St. Annaland. Collega Van Griethuijzen zond me de ronde som van 50 gld. Van onze erkentelijkheid kunt ge u verzekerd houden. ƒ 50.—
7. Nu komt een post uit een heel ander oord. Uit den Achterhoek van Gelderland, 't Is de eerste keer niet. Namen noemen heeft de gever liever niet. 't Is iemand van dezen landaard niet eigen. Hij zond me 100 gld. 'k Mocht er mee doen naar goedvinden. De eerste helft wees ik toe aan den Medischen Dienst van den Gereform. Zendingsbond. 'tBloed kruipt, waar het niet gaan kan. Ge verstaat dit spreekwoord. Godes zegen ruste ook hierop. De andere helft werd toegewezen aan het Studiefonds. Van 100 gld. alzoo ieder de helft. ƒ 100.—
8. Collega Timmer heeft een moeizamen arbeid voor zijn rekening genomen ; hij wil n.l. greppeltjes graven in het zand. Wellicht hebt ge dit werk wel eens gadegeslagen aan het strand. De kleinen en de grooten hielpen allen een handje en..!"... kwamen klaar. De zee gaf maar al aan. Het greppeltje mocht eens even verstopt raken, geen nood, opnieuw de schep ter hand genomen en 't was klaar.
De Veluwe is een zandstreek, als ik 't wèl heb. Hier is door collega Timmer een greppeltje gegraven, waardoor de golfjes aangroeiden tot een kleine binnenzee. Kwam eerst de prachtcollecte te Elburg zich melden, n.l. ƒ 423.03. Nog een klein golfje vroeg : ik ben wel klein, ƒ 1.—, maar ik behoor er toch ook bij. Alzoo ƒ 424.03
9. Dat is prachtig, zegt ieder, die dit werk aanschouwt, 't Kan niet mooier. Wacht even, zoo hoor ik met een glimlach op de lippen : bij ons voelen wij heusch niet minder voor deze dingen dan aan de kust van de zee ; neen, wij mogen toch ook meedoen. Onze schepjes graven even diep en het geultje laat evenveel golfjes naar binnen. De aanbeveling van den preekstoel doet niet weinig. Toen de inzameling werd afgedragen, bedroeg deze nog iets meer, n.l. 506 gld. 't Is om er klein onder te worden. ƒ 506.— Onze welgemeende, zeer hartelijke dank. Godes zegen ruste op deze posten.
10. Van de afdeeling van den Bond te Leiden gewerden me de contributiegelden, zijnde 40 gld. Dank voor deze zorg. f 40.—
11. Van den heer J. B. te R. werd mij voor De Waarheidsvriend aan abonnementsgelden afgedragen de som van 6 gld. ƒ 6.—
Te Maassluis zullen zij het wel opmerken.
12. Door ds. Korevaar te Gouda: van mevr. v. V. een rijksdaalder voor onze fondsen. ƒ 2.50
13. Uit de collectezak te Nijkerk eveneens een rijksdaalder. ƒ 2.50
14. Door de Administratie van De Waarheidsvriend kreeg ik nog van den heer J. van A. te Den Hulst 10 gld. ƒ 10.—
15. Van onzen vriend P. D. v. M., alhier, kreeg ik twee rijksdaalders. ƒ 5.—
Voor al deze giften onze warme dank.
16. Op den Zendingsdag te Driebergen kregen wij ouder gewoonte ook wel eens een eigen handdruk, n.l. 20 gld. voor den Medischen Dienst, 1 gld. van den heer M. te M. en 2.50 van mej. de Gr. te Sch. voor het Studiefonds. ƒ 3.50. Wij zeggen hartelijk dank.
17. Ds. Batelaan, de Zendingsdirector, zond me de helft van een gift, door hem ontvangen, n.l. van 50 gld. de helft. Voor beide onze groote er kentelijkheid voor den gever en voor de doorzending. ƒ 25.—
18. Voor den Medischen Dienst kreeg ik te Harmelen ook nog een rijksdaalder. ƒ 2.50
Wij betuigen hierbij onzen vriendelijken dank.
19. Door collega ds. De Lint kreeg ik 10 gld. voor het Studieonds.
Wij zijn hem in dezen onzen dank verschuldigd.
20. Van hetzelfde eiland, vanwaar mijn eerste gift binnen kwam, kreeg ik nog een gift van 5 gld., n.l. van den heer M.M. ƒ 5.—
Onze vriendelijke dank.
21. Thans nog enkele collecten uit een drietal gemeenten.
De eerste zending was uit Doornspijk. De collecte alhier wordt ten zeerste gewaardeerd. Deze bedroeg de som van, ƒ 117.64 Onze warme dank.
De tweede uit Gouderak. Deze bedroeg wel iets minder, doch klom nog boven onze verwachting uit, n.l. ƒ 82.—
Uit Neder-Hardinxveld zond de jonge Pastor mij als bijdrage uit de catechisatiebus de reuzesom van ruim 300 gld., n.l. ƒ 319.—
22. 'k Mag er nog wel een enkele post aan toevoegen. Deze komt uit Schalkwijk. De gemeente aldaar is klein en de opbrengst van de collecte viel me volstrekt niet tegen. ƒ 17.—
Den jongen collega wordt onze erkentelijkheid betuigd in dezen.
Hierbij zet ik een streepje. Niet, dat ge de gedachte koesteren moogt dat ik het zat word. Neen, maar opdat er nog iets mede te deelen blijft : de grootste moot komt nog. Ge moet u maar niet al te ongerust maken, wanneer ge uw post nog niet ziet opdagen ; deze komt wel. Wij zijn nu wel meer dan tevreden.
Hierbij verantwoord ik de eindsom van
f 2201.26
Is 't niet prachtig?
De Naam des Heeren zij ook in dezen heerlijk gemaakt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 1946
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 1946
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's