De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Samuël, een zoon der Wet.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Samuël, een zoon der Wet.

FEUILLETON

4 minuten leestijd

Een verhaal mit het hedendaagsche Palestina

28)

Mandel stond onthutst. Hij vond het niet prettig, dat hij een buurman zou hebben, die net als hij „dood land" begeerde, en die hem al vóór was geweest.

„Hij zal zich verwonderen als hij ziet, dat een kolonie hem op de hielen zit. Ha, ha ! Maar die kleine boeren zullen slagen, het land roept om hen. Diegenen zullen het land veroveren, die de grootste liefde daarvoor hebben, en die tegelijk het meeste hun handen uit den mouw steken. Dat eerste kan niemand méér hebben dan uw volk, maar de handen zullen bij menigeen uwer er nog naar moeten gaan staag. Daarbij kan de „man met de kruik" allen een voorbeeld zijn, alleen is voor hem het begin gemakkelijker".

„Nu noemt u hem wéér den „man met de kruik!" Heeft hij dan geen naam ? "

„Ik geloof, dat hij dien in Rusland heeft gelaten". En een van de menschen van Baitjisrael legde uit : „Hij is heelemaal alleen daarginds vandaan gekomen, 't eenige, wat hij aan bagage bij zich had, was een groote houten kruik. Eerst heeft hij te Haïfa een jaar gewerkt aan een zeepfabriek. Toen heeft hij zich met wat hij verdiend had daar tusschen de steenen ingericht, en heeft hij de eene vierkante roede na de andere bebouwd. Zijn kruik is als eerste stuk huisraad mee naar zijn nieuwe woning gegaan. Wij noemen hem „Jossele met de kruik". Hij praat niet graag en leeft erg op zichzelf, maar hij is een eerlijke kerel".

Doch Sinaï sprak : „Laat hem dan maar stilletjes begaan, wij zullen elkaar niet storen. Mijnheer Loetz, wij, zullen binnen eenige dagen beginnen met den bouw, allen voor éen en éen voor allen. Wij betuigen u hartelijk dank, en — wij hopen, dat u nog eens naar rechts zult kijken, als u weer deze buurt uitkomt". Zij waren nu dicht bij het paard gekomen, dat daar stond vastgebonden, met den kop in een zak voer, en dat van dorst ongeduldig was geworden".

„In de bedding van den Kison daarboven zijn een paar kuilen, waar water in bleef. Ik zal hem daar laten drinken, en dan in één door naar Tiberias !" De van de zon verbrande ambtenaar schudde den ouden Jood de hand. „Ik verlang er zelf al naar om eens te zien, hoe gij zult vooruitkomen. Bovendien zal ik spoedig weer hier land krijgen op te nemen. Weet gij, dat dezer dagen een verzoek uit Rusland is ingekomen tot de Turksche regeering om voor 10.000 Joodsche families een terrein beschikbaar te stellen ? En de regeering is daartoe bereid. Zij verlangt zelf de immigratie van Joden. Zij heeft trouwe en werkzame burgers noodig, die iets tot stand brengen en die rustig en bestendig de akkers bebouwen. Misschien zal het ook nog eens komen tot een om­vangrijke verhuizing naar Mesopotamië " Hij bukte zich, om den zadelgordel enger dicht te gespen.

Sinaï echter stak van verrassing beide handen omhoog en breidde ze wijd uit, terwijl zijn stem beefde.

„Tot aan de groote rivier Frat zal uw land zijn", heeft God gezegd. Nog hebben wij dat niet verkregen, misschien zal het dan de wil van den Eeuwige zijn, ons dit thans te schenken. Mijnheer Loetz !" — plotseling waren zijn handen boven het strooblond haar van den landmeter : „een volheid van vrede en zegen zij over u van den hemel, en over gansch Israël !"

De Duitscher bedanikte ernstig, terwijl hij zich oprichtte, hij steeg snel in den zadel en draafde naar de bedding van de rivier, wier loop midden in de vlakte in al zijn bochten door de boschjes en de spaarzamelijke weiden was te onderscheiden.

's Nachts kwamen de mannen te Haïfa terug. Den volgenden dag kochten zij in de stad wat zij aan werktuigen noodig hadden. Ook levensmiddelen, die goed konden worden gehouden en die in Baitjisrael in geen geval te krijgen waren, werden samengebracht. Maar de meeste moeite hadden zij met het verkrijgen van een bruikbaren goeden ezel voor elk afzonderlijk bedrijf. Lemberger dong daarover tot schamens toe af in den stal van een Tempelier, ofschoon hij best kon zien, dat die kolonist den werkelijken prijs had genoemd en niet wou laten afdingen.

(Wordt vervolgd).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 november 1946

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Samuël, een zoon der Wet.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 november 1946

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's