Groot gebrek aan candidaten tot den Heiligen Dienst
Mijn zoon, A. J. Timmer, ontving als candidaat het beroep naar acht gemeenten uit onze Kerk. Nog een veertien aanvragen, om op beroep te komen preeken, werden hem toegezonden. Hi| heeft er niet aan kunnen voldoen. Waarom zeg ik deze dingen ?
Ik hoop toch, dat niemand zal denken, dat ik het doen zal om mijn zoon te verheerlijiken. Verre van dat. Hoewel ik er mij als vader natuurlijk in heb verblijd, acht ik het aan den anderen kant zelfs gevaarlijk, dat een jong candidaat zooveel beroepen krijgt. Een mensch is zoo gauw over het paard getild. Waarom ik het dan zeg?
Wel, om de gemeenten wakker te schudden. De kerkeraden moeten het weten, dat er gevaar dreigt; ± 60 gemeenten, die tot onzen Geref. Bond kunnen gerekend worden, zijn herderloos. Daar komt nog iets anders bij. Er bereikten mij brieven uit verscheidene confessioneele gemeenten, die het verzoek inhielden om mij ten spoedigste de namen op te willen geven van candidaten van den Geref. Bond, die beroepbaar zijn. Wat zou het nu mooi zijn, als we eens tien of twintig candidaten hadden. Vóór Mei 1947 komt er geen enkele bij.
Zijn er dan in onze gereformeerde gemeenten geen jonge mannen meer, die lust hebben om zich te bekwamen tot het predikambt?
O, laat toch het gebed opklimmen uit het hart van allen, die bidden hebben geleerd, om den Heere des oogstes te smeeken, dat Hij toch arbeiders uitstoote in Zijnen wijngaard.
De oogst is groot, maar de arbeiders zijn weinigen!
Als er jonge menschen mochten gevonden worden, die daartoe een heilige begeerte hebben, help ze dan op gang, dat ze de gymnasiale studie kunnen beginnen.
En er moet gecollecteerd worden voor het Studiefonds. Vele gemeenten hebben dit gedaan. Het heeft mij met blijdschap vervuld. Enkele gemeenten bleven achter. Ze willen wel predikanten beroepen, die gesteund zijn uit het Studiefonds. Het heeft mij kort geleden nog weer eens opnieuw verwonderd, dat een gemeente juist steeds predikanten beriep van ons Studiefonds. We noemen natuurlijk geen namen, noch van de gemeente, noch van de predikanten. Maar voor het Studiefonds collecteeren doet die gemeente niet. Dan blijft men altijd weer afzijdig en komt voor den dag met allerlei op- of aanmerkingen. Men is ontstemd, omdat deze of gene steun heeft ontvangen, dien men het niet waardig keurde.
Het is me kort geleden gebeurd, dat ik een schriftelijke aanmerking ontving over iemand, die nog nooit een cent van het Studiefonds heeft getrokken.
Of het Studiefonds dan geen teleurstellingen heeft te boeken ?
Natuurlijk wel. Er zijn candidaten, die op de hoogeschool tijdens de studie naar links afzwenken. Dat is helaas soms het geval.
En die daar Timmer en de andere leden van de commissie de schuld van wil geven, moet dit maar doen.
Van de predikanten, die door het Studiefonds zijn gesteund, profiteeren en er zelf niets voor doen, is, dunkt mij, toch óok niet in den haak. Laten we daarom allen medewerken aan dit gewichtige werk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 december 1946
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 december 1946
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's