De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De derde dimensie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De derde dimensie

4 minuten leestijd

De wereld kent twee dimensies. *)

De Kerk drie. *)

De wereld alleen uitgebreidheid in lengte en breedte, veelheid, getalsterkte, numerieke meerderheid, wijdheid, wagenen en paarden en ruiteren, waartegen de profeet waarschuwt. (Jesaja 31.

De Kerk kent voór alles de derde dimensie : de diepte, het fundament, de diepe fontein des levens.

De diepte, die tegelijk hoogte is.

Immers God ziet uit de hoogte neer op hen, die uit de diepte roepen naar omhoog.

Vele van onze bezwaren tegen den gang van zaken in onze Kerk kan men terug voeren tot deze mathematische regel: De Synode gaat te veel met de wereldlijke „twee dimensies" te werk, zoekt 't te veel in de lengte en de breedte.

Teveel in het overbruggem van kloven, die er wegens gescheidenheid van principe eenmaal zijn en zullen blijven.

Teveel in het bij elkaar voegen van groepen, die niet bij elkaar passen.

Teveel in de numerieke getalerkte.

Teveel in het uitbreiden in lengte en breedte, opdat de Kerk maar zou worden één mathematisch wijde volkskerk, die alle groepen overvleugelt.

Echter dit werk is arbeid in twee dimensies en daardoor wereldlijk. Immers de Kerk is niet een landgoed, dat alleen rekening houdt met de lengte en de breedte, de Kerk is een gegeven, dat bovenal kent de 3e dimensie : de diepte, de grondslag, het fundament.

En staande op dat fundament ziet de Kerk pas uit naar uitibreiding; maar lengte en breedte, naar „de veelheid der onderdanen, waarin 's Konings heerlijkheid ligt".

Eerder niet.

Eerst de vastheid van haar geloofsbeleven („de diepte"), daarna geloofsgetuigen („lengte en breedte").

Dat leert ons de geschiedenis der Kerk, der jonge Christelijke Kerk, der reformatorische Kerk.

Zoo zal ook de koerslijn voor onze Hervormde Kerk moeten zijn.

Niet door in eerste instantie te werken in lengte en breedte, door te verbinden wat principieel gescheiden ligt.

Daarmee doen we onze Kerk en ons Nederlandsche volk geen dienst.

Immers het resultaat van zoo'n geforceerde eenheid breekt toch uiteindelijik weer en ons volk zit met de brokstukken.

De koerslijn voor onze Kerk tot heil van ons volk is, eerst te werk gaan met de diepte dimensie, n.l. daar uit den grondslag der Kerk — hare belijdenis —de diamanten des geloofs den volke voor te stellen. Ja, onszelf te bezinnen over dien grondslag der Kerk en uit die belijdenis te leven. De Kerk terug te roepen tot (haar eigen grondslag, welke zij in haar belijdenisgeschriften nog altijd bezit. Het Nederlandsche volk terug te roepen tot dat fundament, waarop ons Staatsbestel in de Reformatie eenmaal werd gebouwd, naar de geschiedenis ons leert, een deugdelijk fundament, hoe zijn we op dat fundament niet groot geworden !

Dan zal onze Kerk waarschijnlijk numeriek niet groot worden, maar we houden een kern over, die uit de belijdenis der Kerk leert leven. Uit die Kerk straalt invloed, ook op de niet-kerkelijke massa.

De geschiedenis geeft ons een wenkend voorbeeld : In den tijd der Reformatie waren in ons land maar 10 a 15% Calvinisten. Maar wat heeft die Calvinistisdhe kern geen kracht uitgeoefend, zoó zelfs, dat onze Staat toen een Calvinistisch cachet heeft gekregen.

Hieruit blijkt, dat niet de quantiteit, maar de qualiteit bepalend is in de Kerk, wat kracht en invloed betreft.

Zoo was het eenmaal, zoo kan het wéér.

Onze Kerk kan die taak van zoutend zout in ons Nederlandsche volk weer op zich nemen. Maar dan vanuit het belijdend geloofsleven en geloofsgetuigen. Zoo zien wij den dienst van onze Kerk aan ons volk. En alleen in dien weg zoeken wij het goede voor de Kerk èn voor ons volk, een veel moeilijker weg dan de andere van overbrugging en overvleugeling, maar de eenige. De eenige, omdat deze niet tekort doet aan het wezen van de Kerk, maar rekening houdt me haar derde dimensie.

Daarom niet gearbeid om numerieke getalsterkte, overbrugging, overvleugeling, volkskerk etc, maar gearbeid in de kracht van het geloofsbelijden onzer vaderen.

Gij en ik persoonlijk.

Onze Kerk als Kerk.

Ons volk als volk.


*) Het beeld is niet heelemaal juist. Wij leven in een wereld van drie dimensies. Maar de be­doeling is duidelijk. (Red.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 februari 1947

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's

De derde dimensie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 februari 1947

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's