Reglement ter voorziening in het tijdelijk gebrek aan predikanten
Aan de Classicale Streekvergaderingen was het bovengenoemde nieuwe reglement ter beoordeeling gegeven.
Eenige jaren geleden heeft men gezegd, dat een predikant, die 65 jaar oud is, er uit moet. Die moet zijn emeritaat nemen. We hebben daar destijds groote bezwaren tegen geopperd. Veronderstel eens, dat men tot Johannes, den ziener van Padmos, die zoo oud is geworden, had gezegd : „Gij moet er uit, omdat ge te oud zijt geworden".
Neen, ik vind, dat men in salariëering en pensioenverleening den dienaar des Woords veel te veel tot een ambtenaar heeft gemaakt.
Dit neemt niet weg, dat ik er een open oog voor moet hebben, dat er ook predikanten zijn geweest, die te lang zijn gebleven. Ik heb predikanten gekend, die bijna 90 jaar oud zijn geworden en dan hun gemeente nog wilden dienen.
Dat ging niet goed meer. De catechisaties verliepen. Het kerkbezoek verminderde. Er kon geen huisbezoek worden gedaan. Kortom, de gemeente werd er de dupe van.
Aan deze excessen had men echter ook wel op een andere manier een einde kunnen maken. Indien er een commissie was ingesteld om de verschillende gevallen te beoordeelen, was het ook mogelijk geweest om aan het ongewenschte blijven van een predikant een einde te maken.
Dat men echter een man van vijf en zestig jaren, die nog uitnemend werk verricht, zoo maar aan den dijk heeft gezet, vinden we verschrikkelijk. Nu is er echter gebrek aan predikanten. Nu mogen de emeriti terugkomen.
Daarom is nu het volgende voorgesteld : In vacatures bij ongeclassificeerde gemeenten en bij die van klasse V en VI bestaat de mogelijkheid voor emeriti predikanten en voor oud-predikanten met de bevoegdheid van emeritus, om tot bijzonder hulpprediker te worden benoemd.
Zulk een benoeming kan voor de eerste maal geschieden voor een tijdvak van ten hoogste 24 maanden en een herbenoeming kan voor een tijdvak van ten hoogste 12 maanden tweemaal plaats vinden.
Of er veel emeriti zullen zijn, die in een kleine gemeente weer bijzonder hulpprediker wenschen te worden, weet ik niet. In ieder geval kunnen een aantal kleine gemeenten langs dezen weg worden geholpen.
Het heeft nogal verzet gevonden, dat het Prov. Kerkbestuur bevoegd is, een verzoek tot benoeming of herbenoeming zonder andere motiveering af te wijzen.
Dat lijkt nogal kras. Het is stellig in strijd met de autonomie vem de plaatselijke gemeente. Misschien is het wel de bedoeling geweest om de zaak met opzet in handen van een hooger bestuur te stellen.
Het valt voor een kerkeraad niet mee om tegen een ouden dienaar des Woords te zeggen, dat men hem niet meer geschikt acht.
De tweede manier, waarop men ook de kleine gemeenten en in 't bijzonder de gemeenten, die vacant komen door vertrek van haren predikant naar Indië kan helpen, is het opleggen van de verplichting om aan candidaten tot den Heiligen Dienst om tenminste 12 maanden werkzaam te zijn geweest als hulpprediker.
De candidaat tot den Heiligen Dienst moet zich laten inschrijven op een door de Algemeene Synodale Commissie bij te houden lijst, waaruit de vacante gemeenten, die tot aanstelling van een hulpprediker wenschen over te gaan, hun keuze kunnen doen.
De studenten van de theologische faculteit van Utrecht hebben bij de Synodale Commissie hun bezwaren doen hooren tegen dit voorgestelde reglement.
Ze wezen er op, dat er vele studenten al een paar jaar achter zijn met hun studie door onderduiking en sluiting van de universiteit. Ze vinden het jammer, als ze nu eerst nog weer een jaar hulpprediker moeten worden.
Voorts maakt artikel 4 van dit nieuwe reglement het mogelijk om zendelingen, oud-zendelingen en Indische predikanten in onze kerk te beroepen.
Onze gereformeerde gemeenten zullen hiermede niet veel gebaat zijn, omdat er maar enkele zendelingen en Indische predikanten tot den gereformeerden bond behooren.
Het groote tekort laat zich niet het minst gevoelen in de verzorging van Land- en Zeemacht.
Daarom wordt het volgende voorgesteld : De Algemeene Synodale Commissie kan tot door de leiding van de geestelijke verzorging van leger en vloot bijzonderlijk daarvoor geschikt geachte manslidmaten der kerk de uitnoodiging richten, zich beschikbaar te stellen voor de geestelijke verzorging van de Nederlandsche militairen in of buiten het vaderland.
O, wat is de nood groot, dat men moet zeggen : Wij hebben geen predikanten meer, maar doen het nu met het leekenelement.
De Roomsch Katholieken hebben geen tekort. Tientallen mannen, ja honderden worden naar voren gebracht voor het werk van Rome's kerk.
O, laat toch het gebed tot den Heere des oogstes opklimmen om meer arbeiders in Zijn wijngaard.
Ik kan dit artikel niet beëindigen zonder u te wijzen op de noodzakelijkheid om het Studiefonds van onzen gereformeerden bond met alle kracht te steunen.
Er zijn jonge mannen, van wie we het goede hopen. Wilt ge ze helpen ? Zet dan uw wil in daden om en venblijdt ons met milde giften.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 april 1947
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 april 1947
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's