De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Vergadering van de Gen. Synode van 2-10 Juni 1947

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vergadering van de Gen. Synode van 2-10 Juni 1947

10 minuten leestijd

in de Martinikerk te Groningen

Woensdag 4 Juni 1947, Morgenzitting.

Aan het begin van de derde zittingsdag leidde ds. A. H. de Wit van Zoelmond de morgenwijding met het lezen van Matth. 20. Gezongen werd daarna Gezang 121.

Vervolgens werd aan de orde gesteld het rapport van de commissie, die in de Aprilvergadering der Generale Synode is benoemd voor het uitbrengen van rapport over het vraagstuk van de decentralisatie der grote-stadsgemeenten. Na breedvoerige bespreking van deze zaak, die voor de pastorale verzorging der gemeenteleden uiterst belangrijk is, werd een aantal richtlijnen door de Generale Synode aanvaard, volgens welke voortaan de plannen tot decentralisatie, die haar ter goedkeuring worden voorgelegd, door het Moderamen mogen worden behandeld. Gevallen, waarin een situatie wordt gevonden , die afwijkt van de in de richtlijnen gestelde normen, worden aan de Synode voorgelegd.

Intussen werd besloten een permanente Commissie te benoemen voor het beraad over alle vragen rondom de decentralisatie en de centralisatie. De hierboven bedoelde commissie van rapport zal als zodanig fungeren.

Het kernpunt van de richtlijnen vormt de gedachte, dat in grote-stadsgemeenten vooralsnog de centrale Kerkeraad het belangrijkste orgaan blijft, terwijl daarnaast buurt- en wijkraden worden gevormd, aan wie bevoegdheden worden gedelegeerd. Overigens houden de thans aanvaarde normen ernstig rekening met het overgangskarakter van de situatie in de betrokken grote-stadsgemeenten.

Hierna werden door de Synode wederom enkele benoemingen gedaan. Tot lid van de Hervormde Raad voor Kerk en Israël werd benoemd dr. J. Schoneveld, Ned. Hervormd predikant te 's-Gravenhage. Het werk van deze Raad zal op een der volgende Synodevergaderingen uitvoerig aan de orde worden gesteld. Tot leden van de Hervormde Raad voor Uitwendige Zending worden benoemd : dr. E. Jansen Schoonhoven te 's-Gravenhage, ds. C. B. Burger te Utrecht en ds. J. de Graaf te Haarlem. In de Commissie voor geestelijke bijstand, een adviserend orgaan ten dienste van de Hervormde Jeugdraad, werden benoemd : dr. H. G. Groenewoud, Wageningen, namens het N.J.V., mej. Dra. J. K. Bakker, Amsterdam, namens de Federatie en drs. C. D. Saai te Utrecht namens het Sociologisch Instituut van de Stichting „Kerk en Wereld".

Naar aanleiding van een uitnodiging van de Belgische Christelijke Zendingskerk tot bijwoning van haar Synode werd besloten, ds. H. J. F. Wesseldijk van Eindhoven en ds. S. J. M. Hulsbergen van Hoedekenskerke af te vaardigen namens de Hervormde Kerk.

Op haar verzoek werd de afwikkelingscommissie

met de voormalige Gereformeerde Kerk in Hersteld Verband ontbonden, terwijl de Synode, haar grote erkentelijkheid betuigde voor het belangrijke, door deze commissie verrichte werk. Naar aanleiding van een voorstel van de Ring Amsterdam om uit de Classicale Vergaderingen commissies van voorlichting te doen benoemen door het Class. Bestuur met het oog op de voorstellen, die van de Generale Synode uitgaan, wordt ds. van Ruler opdracht gegeven dit voorstel nader aan de orde te stellen ter vergadering van de classis Amsterdam, terwijl vooralsnog deze zaak aan de prudentie van de classis wordt overgelaten. In verband met een schrijven van dr. P. Clausing te Eindhoven wordt aan „Kerk en Wereld" opgedragen het daarin besproken vraagstuk aan de orde te stellen. De kerkelijke hoogleraren te Utrecht zullen verzocht worden nader met dr. Clausing zich te verstaan.

Middagzitting

Op uitnodiging van het Moderamen brengen ds. R. H. van Apeldoorn en Ouderling Nieuwland Pelkman als vertegenwoordigers van de Herv. Gemeente te Londen, een bezoek aan de Synode. De Praeses heet hen welkom en geeft aan ds. van Apel- doorn gaarne de gelegenheid tot de Synode te spreken. Deze deelt nu mede hoe, sedert het ontstaan der Londense gemeente, in 1550, steeds een nauw contact met de Herv. Kerk in Nederland heeft bestaan. Een contact, dat hij gaarne nog nauwer zou zien aangehaald. Als bijzonderheid deelt ds. van Apeldoorn mede, dat door de Kerkeraad der Londense gemeente thans besprekingen worden gevoerd met die van de Gereformeerde Kerk aldaar, teneinde te geraken tot een nauwe samenwerking in de naaste toekomst. De Praeses dankt ds. van Apeldoorn voor zijn toespraak en de bewoordingen, waarin deze is gesteld. Hij stelt de vergadering voor ten bewijze van de gevoelens voor de Londense zustergemeente, te zingen het 6e couplet van ons volkslied. Na beantwoording van enige belangstellende vragen uit de Synode verlaten de beide gasten de vergadering. Besloten wordt, dat de voorzitter der Alg. Syn. Commissie voortaan als gast de vergaderingen der Generale Synode zal kunnen bijwonen. Naar aanleiding van het rapport uitgebracht door de commissie ad hoc wordt. besloten, dat latere kerkelijke inzegening van reeds burgerlijk voltrokken huwelijken, alsnog zal kunnen plaats vinden. In verband hiermede wordt de wenselijkheid uitgesproken, teneinde fragmentarische behandeling van het gehele huwelijksvraagstuk te voorkomen, de vragen van verhouding burgerljjk-kerkelijk huwelijk, van de huwelijksnood etc, in hun geheel te bezien. Hiertoe zal een commissie worden ingesteld, die uit overleg tussen het Moderamen èn de Raad voor Kerk en Gezin zal worden samengesteld en de Synode op niet te lange termijn zal hebben te rapporteren. Een vrij uitvoerige discussie ontspint zich n.a.v. een advies van de Raad voor Kerk en Kerken in verband met vragen, gerezen met betrekking tot de dooppraktijk te Eindhoven en in verband met een verzoek om voorlichting betreffende de doop, door de Kerkeraad van Schiedam. De Praeses stelt voor in de volgende zitting een commissie te benoemen, die de gehele dooppraktijk uitvoerig zal bezien. Inzake het overleg omtrent de toekenning van emeritaatsrechten aan leden der Volksvertegen- woordiging, Burgemeesters etc, worden na ampele bespreking de conclusies van het rapport der commissie ad hoc aanvaard, zodat de betreffende materie onder de bijzondere aandacht van de Commissie voor de Nieuwe Kerkorde zal worden gebracht en op dit ogenblik niet tot reglementswijziging moet worden besloten. De middagzitting wordt door ouderling Sonnenberg gesloten met schriftlezing en gebed, waarna gezongen wordt Ps. 72 : 13, 12.

Zitting van Donderdag 5 Juni 1947.

De ochtendwijding werd geleid door ds. J. J. Ket, waarna de vergadering heropend werd en de notulen van de vergadering van 3 Juni werden gelezen en vastgesteld. Aan de orde wordt gesteld een schrijven van de Commissie Kinderbescherming en Reclassering over de verhouding van de Hervormde Kerk tot het reclasseringswerk voor de commissie ad hoc ter zake uitgebrachte rapport, dat concludeert de gevraagde machtiging te verlenen, wordt aanvaard, met dien verstande, dat de diaconieën zoveel mogelijk zullen worden ingeschakeld bij het plaatselijk reclasseringswerk. De Herv. Raad voor de Uitwendige Zending vraagt aanvulling van art. 50 van het Algemeen Reglement, met het oog op dienstdoende zendelingen en oud-zendelingen, aan wie de bevoegdheid, bedoeld in art. 20, alinea 4 van het Algemeen Reglement, is verleend. Na enige discussies wordt besloten, dat het op dit ogenblik niet wenselijk is de gevraagde aanvulling te verrichten en op deze aangelegenheid t.z.t. terug te komen.

Gerapporteerd wordt over het verzoek van de Raad voor de Uitwendige Zending overleg te plegen t.a.v. de differentiëring der ambten. Gedacht wordt aan een ouderlingrin-algemene-dienst, aan de verkiesbaarheid der vrouw, e.a. mede met het oog op zendingsbelangen. Het rapport concludeert tot de wenselijkheid de onderhavige materie voor te leggen aan de Commissie voor de Nieuwe Kerkorde. Aldus besloten.

De Synode besluit de Kerk een wijziging voor te stellen van art. 7, alinea 2, van het Reglement op de Kosten in die zin, dat een bestaande onbillijkheid met betrekking tot het quotum van buitengewone predikantsplaatsen, wordt opgeheven. Een en ander als gevolg van een voorstel van de questor-classis Kampen.

Een verzoek tot wijziging van art. 7, 2 en 3 en art. 11** Reglement op de Kosten, alsmede een Voorstel tot wijziging van art. 40, 30 van het Alg. Regl. van de Classis Kampen, wordt ter verdere behandeling verwezen naar de Alg. Syn. Commissie. Inzake het „Schoolfonds voor Schipperskinderen vanwege de Herv. Kerk", wordt een commissie benoemd, bestaande uit : mr. M. Ch. de Jong, ds. G. C. Schellenberg (Markelo) en ds J. van Dijk (Nijmegen) .

Het jaarverslag van het Zuiderzeefonds der Ned. Herv. Kerk over de jaren 1943—1946 wordt voor kennisgeving aangenomen. Er wordt kennis genomen van uitspraken, gedaan door de Commissie voor de Rechtspraak, in- zake ds. W. A. Nell en ds. R. H. Oldeman. 

Tot adviserend lid in het Hoofdbestuur van de Herv. Mannenvereniging ,,In dienst der Kerk" wordt benoemd in de vacaturerds. G. J. H. Gijmink : ds. A. W. M. Odé te Goes.

Het door ds. S. F van Veenen ingezonden geschrift „De verantwoordelijkheid der Gemeente in de wereld van het heden" wordt verwezen naar de Werkgroepen „Kerk en Samenleving" en „Kerk en Overheid", met het verzoek hierover in de eerst- volgende Synode-vergadering spoedig te willen rapporteren.

In de Commissie voor de Rechtspraak wordt benoemd in de a.s. vacature ds. H. de Zwart (Wirdum) : ds. P. van der Wal te Tilburg ; in geval ds. A. A van Ruler zijn benoeming tot Kerkelijk Hoogleraar aanvaardt, dat in de vacature, welke alsdan ontstaat, worde benoemd : ds. P. H. Kapteyn (Veendam).

De vergadering wordt hierna gesloten na Schriftlezing en gebed van ouderling Van den Berg en met het zingen van Gezang 216 vers 3.
Na de middagvergadering begaf de Synode zich naar het Raadhuis, alwaar een officiële ontvangst plaats vond door het College van Burgemeester en Wethouders van Groningen. De burgemeester, de heer Cort van der Linden, verwelkomde de Synode met een hartelijke toespraak, die door de praeses werd beantwoord.

Vrijdag 6 Juni 1947.

Ochtendzitting.

Nadat ds. J. van Dijk de ochtendwijding heeft gehouden, wordt de zitting heropend en de notulen van de vergadering van 5 Juni worden gelezen en vastgesteld.

Met betrekking tot twee aanvragen om rehabilitatie, wordt in het eerste geval besloten de afwijzende conclusies van het uitgebracht rapport te aanvaarden ; in het tweede geval wordt besloten de zaak aan te houden, in afwachting van een nader onderzoek.

In bespreking wordt thans gebracht het rapport van de Commissie „Kerk en Boeren". Op verzoek van het Moderamen zal in deze materie aan de Synode voorlichting worden gegeven door de heren H. D. Louwes en ds. A. A. Koolhaas, die beide in de vergadering aanwezig zijn en door de praeses worden verwelkomd. In de eerste plaats wordt de conclusie van het rapport aanvaard, waarbij aan de Werkgroep „Kerk en Samenleving" zal worden gevraagd een nieuwe subcommissie in te stellen, die zich speciaal met het onderwerp van het rapport zal bezig houden. Aan het Moderamen wordt opgedragen hieraan eventueel zijn fiat te verlenen. Een breedvoerige bespreking vindt plaats, vooral ook naar aanleiding van de voorlichting van de zijde der heren Louwes en Koolhaas, waarna het rapport wordt aanvaard en de praeses de gasten dank zegt voor hun aanwezigheid.


Middagvergadering.

Aan de orde komt het Reglement op de Raden (de Organen van Bijstand). Het ontwerp-Reglement wordt artikelsgewijs in bespreking gebracht en na ampele discussie, nadat een aantal wijzigingen is vastgesteld, aangenomen. Bij monde van de preses wordt aan de Commissie, die het reglement ontwierp en inzonderheid aan ds. H. J. F. Wesseldijk, de dank der Generale Synode gebracht voor het verrichte Werk. Het .verzoek van enige adressanten, dat de Genei- rale Synode besluite tot posthume rehaliblitatie van ds. H. de Cock, verwezen naar een commissie ad hoc, wordt in bespreking gebracht. Na ernstige beraadslaging wordt met algemene stemmen een antwoord vastgesteld, dat in zijn geheel in het Weekblad der Ned. Herv. Kerk zal worden opgenomen. Nadat ouderling Verkuyl een gedeelte heeft gelezen uit de Heilige Schrift en na gebed en het zingen van Gezang 132 vs. 3 en 6, wordt de vergadering verdaagd tot de volgende ochtend.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juli 1947

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's

Vergadering van de Gen. Synode van 2-10 Juni 1947

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juli 1947

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's