ADOPTIE VAN GETROFFEN GEMEENTEN
De Commissie, door het Hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond ingesteld tot bevordering van de hulpverlening aan gemeenten, die door de oorlog getroffen zijn, heeft aan onze gemeenten het verzoek gedaan een bepaalde gemeente te adopteren. Helemaal afgewerkt is dit plan nog niet, omdat nog niet vaststaat, welke en hoeveel gemeenten zullen medewerken, waardoor het bezwaarlijk is een uiteindelijke regeling te treffen. Maar de meeste gemeenten hebben dan toch een uitnodiging tot een dergelijke adoptie ontvangen.
Wat houdt nu die adoptie in ?
Adopteren is, zoals bekend, meest gebruikelijk als aanduiding voor het aannemen van een kind. En we zouden kunnen zeggen, dat met het verzoek om een bepaalde gemeente te adopteren, niets anders is bedoeld. Waarmede niet gezegd is, dat de adopterende gemeenten de getroffen gemeenten als kleine kinderen zouden moeten gaan behandelen. Maar wèl, dat zij de getroffen gemeenten met evenveel bewogenheid aannemen als anderen zich over ouderloze of anders misdeelde kinderen ontfermen, en dat zij aan die getroffen gemeenten een gelijke zorg besteden als die anderen aan zulke kinderen schenken. Deze zullen toch die kinderen, als het goed is, behandelen als waren het hun eigene. Welnu, er wordt verzocht de noden van de door de oorlog getroffen gemeenten zó mede te dragen, als had men zelf de schade geleden.
Dat is geen overdreven eis. In de niet-getroffen gemeenten is het moeilijk om zich een voorstelling te vormen van wat er ook in financieel opzicht nodig is om tot de herbouw van de verwoeste kerken en pastorieën te komen. Dit is begrijpelijk, omdat men er niet zo dagelijks mede in aanraking komt. Maar die zorgen zijn ongehoord groot, omdat de bouwkosten zo hoog zijn en lang niet door de rijksbijdrage worden gedekt. We moeten daarbij niet vergeten, dat de draagkracht van de getroffen geimeenten veelal aanzienlijk gedaald is, omdat dikwijls ook aan andere eigendommen van de gemeente schade geleden werd, en niet minder door de leden der gemeente.
Met die moeilijkheden, die in vele gevallen zó groot ztjn, dat de herbouw er voorlopig maar om opgeschort wordt, mogen wij hen toch niet laten zitten ? Indien ergens, dan dienen we hier aan het Schriftwoord, dat men elkanders lasten zal hebben te dragen, gedachtig te zijn. En het gaat ons ook aan. Lijden, als één lid lijdt, niet alle leden mede ? Daarom blijve toch geen enkele gemeente achter in de hulpverlening aan de getroffen gemeenten. Het zou ook al een heel wonderlijk blijk van dankbaarheid voor de bewarende lankmoedigheid des Heeren, die men als gemeente mocht ervaren, zijn, als men zich alleen maar verheugde in het feit, dat men zelf zonder schade van betekenis door de oorlog heenkwam en niet de andere gemeenten, die zoveel moesten doormaken, bijstond.
Gelukkig zijn er heel wat gemeenten, die blijk geven hun roeping te verstaan. In het vorige artikeltje schreef ik over een kerkeraad, die opmerkte, dat een collecte te weinig, hulp zou betekenen en die daarom vroeg, wat er nog meer kon worden gedaan.
Volkomen terecht, want het gaat inderdaad over hele sommen, die benodigd zijn. Om te beginnen, mogen we wel vragen niet ééns, maar geregeld voor de getroffen gemeenten te collecteren. Even geregeld, als wanneer men zelf getroffen zou zijn. En dan zal, als de verwoeste kerk of pastorie opgebouwd wordt, de betrokken kerkvoogdij menigmaal een lening moeten opnemen. Bij de leden der gemeente kan zij daarvoor veelal slecht terecht, want de meesten van hen hebben te veel met hun eigen zorgen te stellen. Ligt hier dan niet een prachtige mogelijkheid voor de adopterende gemeente ? Wat zal men een dankbaar werk doen, wanneer men zich er voor inspant om zulk een lening in de niet gètroffen gemeente voor de getroffen zustergemeente op gunstige voorwaarden, als het kan renteloos, te plaatsen.
Of wil men iets anders ?
Vorige week deelde een predikant mij mee, dat zijn gemeente met alle liefde van tijd tot tijd een collecte voor de aangewezen gemeente zou houden, maar dat men zelf ook al gevoeld had, dat er toch eigenlijk méér moest worden gedaan. Daarom had men het plan geopperd om een spaar-actie in het leven te roepen. De jeugd van de gemeente zou gevraagd worden wekelijks een kleine gift aan huis voor het bekende doel op te halen.
'k Heb van een andere gemeente gehoord, hoe daar verschillende personen met elkaar afspraken wekelijks éér uur voor de geadopteerde gemeente te werken, door het loon van een uur voor de wederopbouw van de kerk en/of pastorie aldaar te bestemmen. En zo zijn er nog zoveel mogelijkheden meer. Waar een wil is, is een weg. Als de wil dan eerst maar aanwezig is !
Nu weet ik wel, dat er gemeenten zijn, die zelf met moeilijkheden van andere aard tobben of die zelf ook bouwplannen hebben, omdat dit noodzakelijk is. Het laat zich verstaan, dat zij zeggen, aan zoiets niet te kunnen beginnen, omdat zij niet alles kunnen doen. Wel, ik zou willen antwoorden, dat dit ook niet behoeft. Laten we het verzoek tot adoptie verstaan als een uitnodiging om te doen, wat in ons vermogen is. En als dat maar gebeurt, komt het stellig wel goed. Maar dan zal het ook door allen moeten worden gedaan !
Veel gemeenten hebben dan ook in deze overtuiging hun volle medewerking toegezegd. Toen ik de vorige maal in ,,De Waarheidsvriend" over de hulpactie schreef, werden enige foto's uit Hedel opgenomen. Nu is men daar met de werkzaamheden, zowel aan de kerk als aan de pastorie, begonnen. Genemuiden, Hasselt, Rouveen en Staphorst zegden hun hulp toe. Andere gemeenten uit de omgeving van de zoëven genoemde, zijn uitgenodigd met hen samen te werken. Bij dit artikel vindt u foto's uit Kesteren. Voor deze gemeente hebben Daarle, Den Ham, Oene en Rijssen, hun steun reeds beloofd, terwijl nog een gemeente verzocht werd met hen mede te doen. Opheusden werd geadopteerd door Huizen. De pastor loei van Opheusden was enige tijd hulpprediker te Huizen, zodat er reeds een band lag. Bovendien kreeg Opheusden reeds enige hulp uit Giessendam-Nederhardinxveld, de tegenwoordige standplaats van de vroegere predikant van Opheusden. Voor het naburige Randwijk riepen we de hulp in van onze gemeenten in de ring IJsselstein. Verscheidene zegden reeds hun hulp toe. Ds. Abma, van IJsselstein, zal de zaak in zijn omgeving behartigen. Gelijke hulp ontvingen we van ds. Tukker te Bleskensgraaf Hij hoopt de gemeenten in zijn ring voor Genderen op te wekken. Zoals reeds bekend is, helpt Barneveld de gemeente Heteren, in samenwerking met Garderen, Kootwijk en Voorthuizen. Op het eiland Goeree—Overflakkee werd een commissie gevormd om de hulpactie te bevorderen. En voorts zijn we met vele gemeenten en personen nog in correspondentie. Een ander maal hopen we daarvan iets mede te delen.
Maar — ik heb het al eens geschreven — er zjjn óók gemeenten, waarvan wij nog niets vernamen. Daardoor wordt het werk bemoeilijkt, omdat het — zolang niét bekend is op welke en hoeveel gemeenten wij kunnen rekenen — bezwaarlijk is om een definitieve regeling te treffen. Maar wat ik reeds mededeelde en verder wat nog „in de pen" is, wettigt toch het vertrouwen, dat er uiteindelijk toch geen gemeente zal achterblijven.
Dat mag ook niet! We hebben deze last gezamenlijk te dragen.
Tenslotte nog een mededeling, 'k Ontving enkele collecten, n.l. van Nijkerk, groot ƒ 190.—, en van Krimpen a/d Lek, groot ƒ 120.—. Deze collecten worden, zoals bekend, doorgezonden naar de betrokken gemeenten. Hartelijk dank !
(Wijk bij Heusden)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 oktober 1947
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 oktober 1947
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's