De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

HERVORMING

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

HERVORMING

5 minuten leestijd

Elk jaar weer op 31 October worden wij bepaald bij dat grote werk, hetwelk in de Hervorming is geschied, bij de Hervorming zelf als een machtig gebeuren. Het zat, om zo te zeggen, in de lucht. Een ieder moet er iets van gevoeld hebben. - Koninkrijken werden er door bewogen, de gilden in opstand, de kerk in onrust.

Wat het worden moest, hebben velen niet begrepen te midden van de onrust, die dreigde in de grootste verwarring te zullen uitlopen. Men hoorde nieuwe dingen en de predikers dier nieuwe dingen zeiden, dat het juist oude dingen waren, goddelijke Waarheid, weggescholen onder al het mensenwerk, dat in de kerk heerschappij had genomen. Hervorming in hoofd en leden, zo klonk de leuze. Vernieuwing der kerk, een nieuwe kerk! Onwillekeurig denken wij aan onze tijd : Kerkopbuw. Kerkherstel. De kerk moet weer kerk worden.

De Hervorming was niet het werk van één dag, of van een paar maanden. Zelfs toen het nieuwe leven begon door te breken vroeg het nog jaren, voordat stad en land een protestants aanzien hadden verkregen. Toen het nieuwe leven begon door te breken, kreeg men er ook meer oog voor, dat enige uiterlijke en innerlijke restauratie der kerk niet zou voldoen aan de eis der geestelijke vernieuwing.

De Heilige Schrift ging open voor velen, die ternauwernood hadden geweten, dat zij er was. Zij ging open voor de rondreizende kloosterbroeders en voor degenen, die hen hoorden. Vandaar de behoefte om het Woord Gods in de eigen taal te horen. De levende kracht des Woords werd ervaren door de openlijke en verborgen belijders van de nieuwe leer. Daar, in het Woord, ontdekten zij het leven der genade, hetwelk ook in eigen boezem was onstoken. Daar ontdekten zij het leven der kerk en zij ervaarden tevens, dat in de verworden kerk hunner dagen geen plaats was voor dat leven. En toch, waren zij ook niet in die verworden kerk ? Zo had de Heere dan ook onder het Pausdom nog Zijn kerk bewaard.

Van uit het ontdekte leven der kerk, zoals dat onder de werking der goddelijke genade gekend werd door een steeds toenemende menigte, verstond men dat de nieuwe leer niet anders dan de oude leer der apostelen en profeten was. De tot dit leven gewekte kerk vond in die leer haar gemeenschap met der enige heilige algemene Christelijke kerk weer. Zij durfde het aan, als kerk des Heeren uit te komen. Zij durfde het aan gestalte aan te nemen overeenkomstig haar wezen en te breken met het pausdom. Haar geloof heeft zich krachtig bewezen in de historie en de wereld overwonnen.

Hoe diep is die kerk weer ingezonken en vervallen! Hoezeer is zij overstroomd door de geest van het humanisme! Hoever is zij afgeweken van haar reformatorische leven!

Weer roept men om vernieuwing. De kerk moet weer kerk worden. Reeds begon men aan een nieuwe kerkorde. Een kerkorde kan echter de kerk niet levend maken. Maar een levende kerk zal haar eigen orde vinden.

Het leven van de kerk is vandaag nog altijd hetzelfde genadeleven naar de leer der apostelen en profeten. Als er een nieuwe kerk zal voortkomen uit de verwording, van het kerkelijk leven, zal datzelfde leven in haar krachtig openbaar worden en heerschappij nemen, hetwelk in de tijd der reformatie zijn kracht heeft geopenbaard. Daaromtrent kan geen twijfiel zijn. Immers God is Dezelfde, de mens blijft dezelfde zondiaar, en de weg der genade is dezelfde.

Dan zal het Evangelie wederom als een kracht Gods tot zaligheid worden gekend. Die zaligheid treedt in onze dagen wel wat er op de achtergrond bij de predikers van een nieuwe geest. Zij spreken van de Boodschap. Het is een soort mode geworden : de Boodschap, zonder meer, alsof iedereen het al weet en men alleen maar van Boodschap behoeft te horen om er weer geheel bij bepaald te worden als bij een vergeten historie.

Men kan althans in een preek onderscheidene malen het woord „Boodschap"', „de Boodschap" vernemen, zonder te vernemen wat dan eigenlijk die „Boodschap" inhoudt.

„Wij hebben de Boodschap slechts door te geven", zo kan rnen telkens weer horen, alsof het een warchtwoord geldt, dat langs de postenketen loopt.

De mensen, die dat voortdurend horen, moeten eindelijk wel eens wakker worden en vragen : welke boodschap ? Wat ? Waar gaat het om ? En dan kan men toch niet volstaan met te zeggen, dat Christus de Heere is.

De boodschap is toch het Evangelie der verlossing. De engelen verkondigen : dat u heden geboren is de Zaligmaker, welke is Christus de Heere. Wie van de Boodschap spreken wil, moet van de zaligheid in Christus spreken, van de verlossing uit de ellende, waarin de mens verkeert. Hij moet van de zonde spreken; zoals de Heilige Schrift daarin voorgaat, en van de eis der wedergeboorte. Immers dan mag men verwachten, dat er kennis van zonde en behoefte aan het Evangelie der genade wordt gewekt, en dat men gaat verstaan, dat de informatie, zo het goed is, begint bij ons zelf.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 november 1947

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's

HERVORMING

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 november 1947

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's