De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Ontvangen Boeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ontvangen Boeken

6 minuten leestijd

P. A. de Rover. NAAR 'T HEILIG BLAD. Bijbelvertelling en verklaring voor de rijpere jeugd. Tweede druk. H. Veenman & Zonen, Wageningen.

Na een korte inleiding geeft de schrijver in goede verteltrant de inhoud der Evangeliën weer. De tekst is verrijkt met verklaringen omtrent moeilijke uitdrukkingen, het Oosterse leven en de historie. Ook enkele eenvoudige tekeningen komen de voorstelling te hulp. Wij zijn van oordeel, dat wij de rijpere jeugd langzamerhand aan 't lezen van de Bijbel zelf moeten gewennen. Daartoe kan een werk als dit bevorderlijk zijn. Het bepaalt de jonge lezers bij de Schriftgedeelten, die de vertellingen behandelen.

Voor hen, die Bijbelse geschiedenis voor de jonge kinderen vertellen, kan dit boekje ook een bruik­bare gids zijn.

S.

DE CHRISTELIJKE SCHOOL.

Een nieuw schoolblad in de vorm van een tijdschriftje. 1e Jaargang, no. 1, 7 Nov. '47. Verschijnt Ie en 3e Vrijdag van de maand. Een grote staf van medewerkers. Redactie dr. G. Kalsbeek, B. Koekkoek, Joh. Tichelaar, D. P. Bothof (secretaris).

Uitgever : H. Veenman & Zonen, Wageningen.

Het eerste nummer ziet er goed uit en bevat een reeks lezenswaardige artikelen en een rubriek : „Voor de practijk" met een interessante les over :

Haring.

S.

UITZICHT, OP DE NIEUWE WEG.

Twee referaten, gehouden door ds. H. N. Fruyt en dr. J. Riemens Jr., naar aanleiding van de Nieuwe Koers in de Nederlandse Hervormde Kerk.

J. J. Groen & Zn., N.V., Leiden. Prijs 50 cent.

Ds. Fruyt Georganiseerde activering van gemeenteleden. De schrijver wil, dat er kernen gevormd worden van gemeenteleden, die ook weer onderling organisch verbonden zijn. Meer kennis van het werk der Synode in de gemeente, ook critiek. Hij wil dat buiten bestaande groeperingen om. Hij acht, dat dit ook van Kerkopbouw kan uitgaan. Alle leden bewust in de roeping der kerk. Protestantisme betekent voor velen ; niet ongodsdienstig en niet Rooms zijn, maar het is voor hen zonder inhoud.

Dr. Riemens. Hoe stellen we ons de verhoudingen in de Ned. Hervormde Kerk na de invoering van de Nieuwe Kerkorde voor ? Hij is van oordeel, dat het beginsel, waardoor geleid, een onderstreping zal zijn van de bekende leuze : „gehoorzaamheid aan de H. Schrift, staande op de bodem der belijdenisschriften".

Ds. Fruyt zegt : Het moet niet gebonden zijn aan een enkele geestesrichting. Het enige, dat mag worden gevraagd, is, dat men instemt met de belijdenis, waarop men lid onzer Kerk wordt.

Dr. Riemens acht dat staan op de bodem der belijdenis in de eerste plaats, en misschien wel voorlopig zonder meer, betekenen zal, dat de Ned. Hervormde Kerk instemt met de oecumenische belijdenis van de Kerk der eeuwen, zoals die in de Twaalf Artikelen is omschreven ; dien. overeenkomstig met de belijdenis van Nicea en het Athanasianum, maar dan zo, dat niemand persoonlijk gebonden is aan de onduidelijke uitdrukkingen, die daarin voorkomen, met name nedergedaald ter helle, de gemeenschap der heiligen en de wederopstanding des vleeses. (bladz. 12).

Wat de belijdenisgeschriften, der 16de eeuw aangaat, zal de Kerk door haar instemming daarmede belijden, dat de Ned. Hervormde Kerk niet Rooms is, en niet Dopers, rnaar reformatorisch in de zin van sola scriptura en sola fide. (blz. 12). In verband met de Dordtse Leerregels beroept hij zich op wat „de goed-confessionele prof. Van Niftrik in z'n kleine Dogmatiek zegt over de leer der uitverkiezing", (bladz. 14).

Dr. R. heeft nog meer desiderata, waaronder in de eerste plaats aan de Gemeente moet duidelijk gemaakt worden, dat wij niet meer kunnen of mogen uitgaan van de onderstelling ener letterlijke inspiratie van dp Heilige Schrift. „Deze verbergt zich achter het verkeerd gebruik van de phrase : de H. Schrift is Gods Woord. Noch Karl Barth, noch prof. Van Niftrik mede vertolker van zijn theologie, geloven aan de letterlijke inspiratie", (bladz. 15).

Naar het de schrijver voorkomt zullen zij, die er op gesteld zijn de naam ,,vrijzinnig", „confessioneel". Gereformeerde Bond of iets dergelijks, officieel te voeren, daarvan rekenschap moeten geven aan de Kerk", (bladz. 18). En dan verder : „Irnmers de nu heersende wanorde met de hulp van de H. Geest onderworpen worden aan de nieuwe orde", (blz. 18).

Wij laten het hierbij. De voorstellingen, waarvan dit referaat uitgaat, kunnen duidelijk zijn. „Waarschijnlijk" — zo leest men op bladz. 19 — „zullen vaag-religieuze groepen enerzijds en sterk piëtistischgekleurde groepen anderzijds, apart willen blijven". Als hij daarbenevens bepleit, dat allereerst met de Gereformeerde Kerken als de grootste der aanverwante groepen op eenheid moet worden aangestreefd (bladz. 19), wil het ons toch voorkomen, dat hij de betekenis van de reformatorische belijdenis en haar grondslag voor het geloofsleven van het gereformeerd protestantisme niet alleen onderschat, maar klaarblijkelijk niet verstaat. Het allervoornaamste en grondleggende artikel van de gereformeerde belijdenis is de belijdenis aangaande de goddelijke inspiratie der Heilige Schriftuur. Van letterlijke inspiratie wordt niet gesproken, maar wat dr. R. daarmede bedoelt wil klaarblijkelijk uitdrukking geven aan bezwaar tegen de gereformeerde Schriftbeschou­wing.

S.

E. VAN MEER, V.D.M. De stad des groten Konings. (Tien predikatiën). ƒ 4.50.

Voor ons ligt de keurig verzorgde uitgave van 10 preken van de gaarne gelezen schrijver, ds. Van Meer, emer. predikant van Utrecht.

Met grote nauwkeurigheid is deze bundel samengesteld. De schrijver onderscheidt drieërlei Jeruzalem en handelt in de verschillende preken over het aardse Jeruzalem, de hoofdstad van Oud Israël in Kanaan, waar David zijn paleis en Salomo de tem­pel voor Jehovah bouwde ; over de gemeente der Nieuwe Bedeling, het Sion van de levende God, gekocht door het bloed Zijns Zoons en geheiligd door Zijn Geest, en tenslotte over het hemelse, waarvan Johannes op Patmos zulke heerlijke dingen geschreven heeft.

Elk hunner zal in 't zalig oord van Sion, haast voor God verschijnen.

Het is niet moeilijk, voor deze bundel een aanbeveling te schrijven, daar deze preken geen aanbeveling van node hebben. Dat voelen wij aan, als we rustig voor onszelf deze preken gelezen hebben. Zij munten uit door grote, zakelijkheid! Door God geleerd, ontleedt hij de hypocrieten, maar voor de kleinen in de genade is hij tot een hand en een voet. Geheel tegenovergesteld tegen de oppervlakkige geest van onze dagen, blaast hij de bazuin te Sion en zij geeft een helder geluid.

Zeer aanbevolen !

Het is een uitgave van J. P. van der Tol te Dor­drecht.

J. O.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 november 1947

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's

Ontvangen Boeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 november 1947

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's