De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

DE UNIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE UNIE

3 minuten leestijd

Een School met de Bijbel

In samenwerking met het hoofdbestuur van de  Vereniging van Christelijke Onderwijzers en Onderwijzeressen in Nederland en Overzeese Gewesten, heeft het bestuur der Unie „Een School met de Bijbel" op 30, 31 October en 1 November 1947, in het conferentieoord „Birkhoven" te Amersfoort een z.g. „Grondslagen-conferentie" gehouden, met het doel, in betrekkelijk beperkte kring eens grondig de denkbeelden en stromingen te bespreken, die binnen het terrein van het Protestants Christelijk Onderwijs in het huidige tijdsgewricht de gemoederen bezig houden en in deze kring grote actualiteit hebben. De conferentie, die door onderscheiden vooraanstaande personen op politiek-, kerkelijk- en onderwijsgebied werd bijgewoond, stond onder leiding van de voorzitter der Unie, prof. dr. K. Dijk te Amsterdam.

Er werden drie referaten gehouden. Mr. J. Terpstra, lid van de Tweede Kamer der Staten Generaal, te 's Gravenhage, refereerde over het onderwerp „School en Staat" ; ds. A. D. Meeter, Ned. Hervormd predikant te Amsterdam, over „School en Kerk" en de heer H. de Boer, hoofd der Prins Willemscbool te 's Gravenhage, over School en Gezin.

Als resultaat van de besprekingen werden de volgende conclusies met algemene stemmen aangenomen :

CONCLUSIES

der „Grondslagen"-Conferentie, gehouden te Amersfoort, „Birkhoven", op 30, 31 October en 1 November 1947.

1. De Christelijke school moet orden gezien als een instelling met een eigen getypeerd leven, die in relatie staat tot gezin. Kerk en staat.

2. In verband met de ontwikkeling der cultuur blijkt steeds meer de noodzakelijkheid, dat de school als gespecialiseerd instituut de oorspronkelijke onderwijstaak van het gezin gaat vervullen.

3. Daarom dient de blijvende belangrijke invloed van het gezin (de ouders) in en op de school in normale gevallen verzekerd te zijn, hetzij doordat deze uitgaat van een door ouders gestichte vereniging, hetzij doordat deze in het bestuur der school zijn vertegenwoordigd.

4. Het contact tussen gezin en school moet wederzijds met alle daartoe dienstige middelen zo sterk mogelijk worden bevorderd.

5. Overeenkomstig haar opdracht heeft de Kerk een roeping ten opzichte van de school, wijl haar de verkondiging van het Woord Gods en het toezicht op leer en leven harer leden zijn toebetrouwd. Hieruit vloeit voort, dat de Kerk heeft toe te zien, dat het onderwijs beantwoorde aan de norm van het Woord Gods overeenkomstig haar belijdenis.

6. Het kan de taak der kerkeraden zijn eigener beweging de schoolstichting ter hand te nemen, indien de kerkleden te kort schieten of er niet toe in staat zijn, dan wel andere bijzondere omstandigheden daartoe aanleiding geven.

7. De overheid heeft op grond van haar verantwoordelijkheid voor een maatschappelijk verantwoord peil van het onderwijs en voor een gezonde volksontwikkeling recht van toezicht op het onderwijs.

8. De overheid steune het initiatief der vrije maatschappelijke instanties of der Kerken en verzorge het onderwijs alleen bij gebreke daarvan of ter waarborging der geestelijke vrijheid.

9. Ook de overheid is onderworpen aan de wet Gods. Als zodanig behoort idealiter het van harentwege eventuëel te verstrekken onderwijs aan de norm dier wet te voldoen.

10. In de bestaande situatie biedt artikel 26 der Lageronderwijs-wet 1920 een mogelijkheid tot Evangelieverkondiging op de staatsschool, waarvan de Kerken een zo goed mogelijk gebruik dienen te maken.

11. De verschillende stelsels van erkenning en subsidiëring van het onderwijs boven de leerplichtige leeftijd lopen zeer ver uiteen en bieden in het algemeen onvoldoende gelegenheid voor ontwikkeling van dit onderwijs.

12. Voor het onderwijs beneden de leerplichtige leeftijd is financiële gelijkstelling eis van rechtvaardigheid.

13. Aan de coördinatie van het organisateleven van het Christelijk onderwijs in al zijn geledingen is in de laatste jaren niet voldoende aandacht besteed. Deze coördinatie is volstrekt noodzakelijk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1948

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's

DE UNIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1948

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's