Onze Jeugdorganisaties!
Telkens wanneer in enig land weder een door de communisten opgezette stakingsactie mislukt, schrijft de pers : „de communisten hebben proef gedraaid". Bedoeld wordt dan, dat de machine nagezien wordt op fouten, voordat de motor op volle kracht gaat werken.
Ik heb mij de vraag/gesteld, of wij gereed zijn, als wij op volle kracht moeten staan en werken. Ik doel met deze vraag niet op de noodzakelijkheid van daadwerkelijk verzet, maar op onze geestelijke kracht en onze geestelijke weerstand, vóórdat het zover is, dat wij tot strijd worden opgeroepen. Ik denk hierbij in het bijzonder aan onze jeugd, die in nieuwe lichtingen het aantal voorstanders van de Waarheid in onze Ned. Hervormde Kerk moet versterken.
Als trouw lezer van de jeugdbladen van de ons verwante organisaties, zie ik met blijdschap dat De Vaandrager en De Kandelaar, de bladen van de Jongelingsverenigingen en van de Meisjesverenigingen, ernstig streven, de vragen van de dag principieel te bezien. Ik nam ook met genoegen kennis van de samenwerking, welke in gezamenlijke Bondsdagen tot uitdrukking komt.
Er rijzen echter bij mij een drietal vragen, welke ik u ter beantwoording voorleg. Het is niet noodzakelijk, dat ik er een antwoord op krijg. Wie dat wil, mag dat gerust doen. Beter is, dat wie het aangaat, niet gaat schrijven, maar gaat denken, helpen en handelen.
De eerste vraag betreft de sterkte. Zijn onze Herv. Geref. Jeugdorganisaties sterk genoeg verspreid en sterk genoeg in ledental ?
Om deze vraag goed te laten beantwoorden, wil ik de vraag nog wat beperken tot onze eigen groep en buiten beschouwing laten onze verantwoordelijkheid voor onze gehele Kerk.
Mijn mening is, dat het hier hapert, aangezien er plaatsen zijn, waar een jeugdorganisatie ontbreekt en ook plaatsen, waar het ledental te zwak is. Er zijn gemeenten, ook buiten de grote steden, waar jaar en dag volstaan wordt met een enkele vereniging, waar er eigenlijk al lang meerdere hadden moeten zijn. De tweede vraag gaat iets verder : gaat er van onze Jeugdorganisaties kracht uit ? Niet alleen in die zin, dat een regelmatige aanwas van leden plaats vindt, maar ook, dat men gaarne ter vereniging gaat, omdat men er iets aan heeft.
Deze vraag zou ik eigenlijk niet zelf willen trachten te beantwoorden, zij is bestemd voor allen, die het aangaat : de besturen der organisaties en hun leden,
De derde vraag is voor onszelf bestemd : Hebben wij onze plicht gedaan in deze ?
Hier hebben wij — naar ik meen — de hand in eigen boezem te steken en niet naar anderen te zien. Daar is allereerst de vraag naar goede leider. Hebben wij onze Jeugdorganisaties voldoende geholpen, als een beroep op ons werd gedaan ? Hebben wij, als wij critiek hadden op die Jeugdorganisaties over de methode van behandeling, opgebouwd met onze critiek of de zaak nog verder afgebroken ? Geven wij in ons optreden zoveel blijken van liefde voor de Waarheid en zoveel ondubbelzinnige tekenen, dat wij weten wat samenbinding is, dat wij een voorbeeld zijn voor het komende geslacht, dat onze erfenis — als ik dat zo eens mag noemen — moet overnemen ?
Ik zie, wanneer ik dit zeg, niemand in het bijzonder in de ogen. Kerkbladen zijn er niet om te verstrooien, maar om te vergaderen — maar ik zonder ook niemand uwer uit, noch predikant, noch godsdienstonderwijzer, noch ouderling, noch onderwijzend personeel, noch bestuursleden van eigen afdelingen, noch gewone lidmaten der Kerk.
Of dachten wij soms, dat als wij tekort schoten, zij de jeugd, het ons wel geven zou ?
Eén ding kunnen wij echter wel, overnemen van de jeugd : het brandende heimwee naar een wereld, waarin het anders gaat dan het nu gaat; het sterke, verlangen om verlost te worden van de druk, die op aller neerligt; het hunkerend vastgrijpen van elk werkelijk houvast in het leven. Zouden wij en terwille van de jeugd, die ons lief is èn terwille ook van onszelf, maar niet neerzinken in het houvast van het gebed en erkennen, dat wij niet verder durven leven zonder Hem, die onze kracht vernieuwt en de matheid wegneemt ?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 februari 1948
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 februari 1948
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's