Paascollecte
In opdracht van het Moderamen der Synode belast het Persbureau der Ned. Herv. Kerk zich wederom met de organisatie der Paascollecte.
Het Persbureau richt zich tot de „Predikanten en Kerkeraden en tot de Besturen van Verenigingen van Vrijzinnig Hervormden en Evangelisaties" om medewerking.
Op zich zelf is dit reeds genoeg om ernstig bezwaar op te wekken. De Vrijzinnig Hervormde Verenigingen afzonderlijk genoemd en opgewekt om mede te werken aan een collecte, die o.m. ook moet dienen voor het opbouwwerk in Noord-Holland boven het IJ.
Men kent geen richtingen meer, doch de vrijzinnigen worden blijkbaar geacht boven de richtingen te staan. Dit wekt toch wel in ernstige mate de schijn van een kerkelijk erkennen der vrijzinnigheid. Die schijn wordt trouwens niet alleen door bovenstaande adressering gewekt.
Wij erkennen de moeilijkheid van de situatie. De ontwikkeling van het kerkelijk leven heeft er toe geleid, dat de vrijzinnigheid in de Hervormde Kerk een plaats verkreeg, welke daaraan kerkelijk niet toekomt. Wij willen daarmede rekening houden, doch onder conditie, dat de kerk zich stelt op de grondslag harer belijdenis en dat zij in al haar vergaderingen en handelingen daaraan gebonden is.
Hoe wil men nu vertrouwen wekken, dat dit standpunt wordt ingenomen door de leidende instanties, en hoe wil men verwachten, dat de orthodoxie haar verantwoordelijkheid voor het kerkewerk, waarvoor de Paascollecte wordt gevraagd, zonder bezwaar inzet en haar gaven beschikbaar stelt ? Het is toch zo, dat men niet alleen de noodzakelijkheid van allerlei arbeid krachtens de roeping der kerk moet inzien en onderschrijven, maar men moet ook weten, in welke geest die arbeid geschiedt om verantwoord te zijn.
Men doet een beroep op de verantwoordelijkheid, maar dan heeft men te bedenken, dat ook daarbij de belijdenis in het geding wordt gebracht. Het wil immers alles de opbouw van het kerkelijk leven en zijn sanering bedoelen, en tot op zekere hoogte is dat een kwestie van methode, waarover valt te discussiëren. Tot op zekere hoogte, want welk beleid men ook meent te moeten volgen, de grondslag moet vastliggen en de belijdenis des geloofs is het draagvlak voor het kerkelijk leven en handelen. Daarbij kan men geen uitzondering maken voor de vrijzinnigen, als konden die een eigen plaats innemen in de kerk.
Geen onzer zal ontkennen, dat er generale kerkelijke belangen zijn en dat er verschillende stukken van arbeid zijn, die op een centrale wijze behartigd kunnen worden. Er is geen bezwaar tegen voor deze belangen een beroep op de kerk te doen om daaraan geestelijk en financieel mede te werken en gezamenlijk de lasten te dragen.
Reeds eerder hebben wij er voor gepleit voor zulke centrale aangelegenheden afzonderlijk te collecteren. Er zijn 52 Zondagen in het jaar en als de Synode voor dergelijke centrale belangen een collecte-plan zou opmaken, zouden de gemeenten meer in die arbeid betrokken worden. De Paascollecte-actie vertoont echter het streven om de gehele financiering der kerk centraal te willen maken. Daartegen rijst groot bezwaar. De zelfstandigheid der plaatselijke gemeente moet zich daartegen terecht verzetten.
De Paascollecte werd in de tijd der bezetting ingevoerd. En hoewel geen rekening werd gehouden met de traditionele Paascollecte van een 300 gemeenten hebben wij ter wille van de algemene, zaak gesteund. Gedurende vijf en twintig jaren hebben wij Paascollecte gehouden ter wille van het studiefonds, om financiële steun te verlenen aan hen, die wensen te worden opgeleid tot predikant en de gereformeerde belijdenis liefhebben. Hoezeer dit een groot belang is, bewijzen de vele vacaturen in de gemeenten, die een prediking naar de belijdenis begeren, en van die gemeenten, die naar zulk een prediking uitzien.
Dit werk werd ondanks teleurstellingen gezegend en vraagt in deze tijd, waarin vele gemeenten roepen, voortzetting.
Er is bovendien méér geld nodig, omdat het levensonderhoud duurder is dan vroeger.
Wij willen ons niet onttrekken ons deel bij te dragen in de kerkelijke arbeid, die verantwoord is, en in de bestrijding van algemene onkosten. Wij kunnen echter niet medewerken aan een streven tot centralisatie der financiën ten koste van de zelfstandigheid der plaatselijke gemeente. De zorg voor de prediking weegt daarentegen zo waar, dat het Hoofdbestuur van de G. B. de wens van vele gemeenten om de Paascollecte voor het Studiefonds weder in eere te herstellen gaarne ondersteunt en; verzoekt de Paascollecte voor het Studie fonds te willen bestemmen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 maart 1948
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 maart 1948
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's