De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Evangelisatie, taak der Kerk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Evangelisatie, taak der Kerk

5 minuten leestijd

II.

Wie dat ziet, die kan zijn vreugde niet op, die gaat medeleven met deze triomftocht Gods door de wereld, die wil niet liever dan meedoen, meetrekken, meewerken in dit grote evangelisatiewerk Gods.

Voelt ge, hoe hier de drang tot evangelisatie als vanzelf geboren wordt ? Evangelisatie is eigenlijk niets anders dan opgenomen worden in het - grote werk Gods, dat Hij aan het uitwerken is door de eeuwen heen, het is mee willen trekken in de stoet, die achter de ruiter op het witte paard aangaat, maar dan actief, zonder een ogenblik te verflauwen.

Als wij de evangelisatie zó zien, wat droevig komt dan het feit te staan dat de kerk tot nog toe zo weinig hieraan deed, maar al te graag dit werk overliet aan anderen, aan het Leger des Heils, aan een Vereniging hier en een Vereniging daar. Geeft zij geen blijk nu van geestelijke dorheid, van verstarring, van het zo bitter weinig betrokken zijn met het grote werk, dat God aan het uitwerken is ?

Zo ooit, dan komt hier haar eigen geestelijke armoede wel op heel duidelijke wijze voor de dag. Immers, een kerk die leeft, kan niet afwijzend staan tegenover dit handelen Gods. Het is haar hoogste vregde mede te mogen trekken in de triomftocht van het Woord door deze wereld. Zij ziet het als het grootste voorrecht, mee te mogen gaan en mee te mogen arbeiden. Zij gaat uit in de wereld en predikt het Woord aan allen, die het maar horen willen. Evangelisatiewerk heeft haar hart : Zij kan het niet laten, het is een „moeten" en een „mogen".

Ziehier, waarom de evangelisatie onlosmakelijk aan het kerk zijn is verbonden, en zij er nooit los van kan. Het is kerkewerk zonder meer. Blij ben ik daarom, dat velen in onze tijd hiervan iets gaan zien. Maar hier blijve het niet bij. ledere gemeente, iedere kerkeraad moet dit zien. De tijd moet voorbij zijn, dat wij het evangelisatiewerk aan anderen overlaten. Als kerk hebben wij de wereld in te gaan en zielen te winnen voor het Koninkrijk Gods, ook die vlak bij ons zijn. En dat niet kalmpjes aan, neen, wij hebben haast te maken. Wij hebben haast te maken, omdat het zo'n heerlijk werk is. Wij hebben haast te maken, omdat de tijd zo kort is die ons scheidt van de dag, dat de grote afrekening komt. Wie hoort niet in de tekenen der tijden het ruisen van de voetstappen van Hem, die komt ? Alles roept ons tegen:

,,Zie, Hij komt met de wolken, de ure, dat aller oog Hem zien zal, is nabij !" Hoe heerlijk zou 't zijn, als ook de millioenen, die thans nog vreemd zijn aan Hem, Hem dan als onderdaan zouden tegen mogen treden, zonder vrees in het hart. Wordt de ere des Konings daardoor niet vergroot ? Welnu, daarom zij er haast bij ons evangelisatiewerk. Opgericht moeten de trage handen en slappe knieën, en uitgegaan in de heggen en steggen om de kreupelen en lammen en blinden te nodigen tot het bruiloftsfeest Gods. Als God haast heeft met Zijn werk, zullen wij dan traag zijn ? Zullen wij dan onze tijd verbeuzelen met dingen, die geen waarde hebben voor het Koninkrijk Gods? Wee de kerk, als zij haar opdracht niet vervult, als zij blijk geeft geestelijk zó arm te zijn, dat zij de bezieling mist om aan de zegetocht van het Woord mee te doen. Daarentegen gelukkig de kerk, de gemeente, die de drang der ziel kent om mee te trekken, mee te arbeiden, met wat God aan het doen is, die de innerlijke drang tot evangelisatie kent. Niet, dat wij mensen kunnen bekeren en veranderen. Als wij uitgaan van de gedachte, dat wij de wereld voor God en Zijn Christus zullen winnen, dan loopt heel onze actie op niets uit, dan bereiken wij niets. Wat wij echter niet kunnen, dat doet God, dat doet de Geest. Het evangelie, dat wij brengen, gaat onder de zegen des Heeren al zegevierend voort, totdat het zijn loop heeft volbracht. De zegen is er, en die zegen is tweeërlei.

1. God zorgt, dat wij een open deur vinden bij mensen, die tot nog toe altijd hun hart gesloten hadden voor God en Zijn Christus.

2. Waar wij anderen ten zegen zijn, daar valt iets van die zegen op eigen leven terug. Daar wordt ons eigen geestelijk leven verrijkt en verdiept, de vreugde van mee te mogen doen aan het grote werk Gods zet heel ons wezen in vuur en vlam.

Evangelisatie is taak der kerk, ziehier wat wij willen beklemtonen dit keer. Een volgende maal zal meer de nadruk worden gelegd op wat die taak bevat, hoe het evangelisatiewerk moet worden opgezet. Ook dat is belangrijk, maar toch nooit zullen we aan het eigenlijke werk toekomen, als wij niet eerst gezien hebben, dat het met het „kerk" zijn gegeven is.

Van ganser harte hoop ik dan ook, dat menige kerkeraad, die dit stukje gelezen heeft, verstaan moge wat zijn roeping is. Dan laten we dit heerlijk werk niet meer aan anderen over, nog minder staan wij afwijzend, vol critiek. Neen, we gaan zélf aan het werk, als 't kan vandaag nog. Wij doen het met haast.

Kampen, voorjaar 1948.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 1948

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's

Evangelisatie, taak der Kerk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 1948

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's