De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Legendevorming

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Legendevorming

4 minuten leestijd

Reeds spoedig nadat de Synode der Ned. Hervormde Kerk het ontwerp-kerkorde in eerste lezing had behandeld en met algemeene stemmen had aangenomen, kon men in het weekblad „De Hervormde Kerk" een artikel lezen, waarin grote blijdschap werd uitgesproken, dat zowel de afgevaardigde der classis Harderwijk, als die der classis Hoorn, voor het ontwerp hadden gestemd. Moest dit al een minder juiste indruk geven aan de argeloze lezer, nog veel bonter maakte het de voorzitter dezer Synode. Deze stond een interview toe aan een redacteur van het dagblad ,,Trouw", zodat daarin op 2 October te lezen stond betreffende de stemming over het ontwerp in de Synode:

,,Aan het einde van de discussies heb ik uitdrukkelijk aan de leden der Synode gevraagd alleen hun stem voor het ontwerp uit te brengen, indien zij het naar de inhoud aanvaardbaar achtten. Het ware ook mogelijk geweest te stemmen over de vraag, of men er voor was, het ontwerp aan de kerk ter consideratie voor te leggen, ook al had men zelf als lid der Synode tegen het ontwerp, of belangrijke gedeelten er van, ernstige bezwaren. De stemming werd echter in eerstgenoemde zin gehouden. Het resultaat, dat het ontwerp met algemene  stemmen werd aanvaard, was voor mij een wonder".

Voor hem, die op de hoogte was met de bedoelingen, waarmede sommigen hadden voorgestemd, was het haast vanzelfsprekend, dat tegenspraak niet kon uitblijven.

In ,,De Waarheidsvriend" van 7 October verscheen een artikel van H. te W., klaarlijk een lid der Synode. Daarin wordt het volgende gezegd:

,, Het is te betreuren, dat hier en daar wel wat te veel de indruk gewekt is, alsof nu ook iedereen maar met een even gerust hart het gehele ontwerp voor zijn rekening heeft genomen. Dan is het toch beter om deze legendevorming, waarmede niemand gediend is, te voorkomen en te zeggen, dat er in de Synodevergadering door sommige leden uitdrukkelijk uitgesproken is, dat zij hun stem zouden kunnen geven niet, omdat zij het ontwerp, dat eerst onaanvaardbaar geacht werd, nu wel dachten te kunnen aanvaarden, maar, omdat zij in het huidig stadium der besprekingen meenden geen bezwaar te moeten maken om het ontwerp in de vorm, die het in de Synodevergadering kreeg, aan het oordeel van de kerk te onderwerpen. Dit moge een antwoord zijn op de vraag, hoe het kon gebeuren, dat de kerkorde in eerste lezing met algemene stemmen kon worden vastgesteld, terwijl toch de door onze Bond , ingestelde studiecommissie in een uitvoerig én gemotiveerd rapport tot de conclusie gekomen is, dat het ontwerp in deze vorm onaanvaardbaar genoemd moet worden".

Is dit al in lijnrechte strijd met wat in „Trouw" stond te lezen, het wordt ondersteund door een ingezonden stuk in „Het Geref. Weekblad" van 23 October, van een ander Synodelid J. A. K. te W. Deze schrijft o.m. :

„Duidelijker dan in „Trouw", kan het ook weer niet gezegd worden en nog wel uit de mond van onze vriendelijke Praeses, dat er op twee manieren voorgestemd kan worden. Welnu, we hebben voorgestemd, om 't zo aan de Kerk ter bespreking te geven. Bij de eindstemming was ik persoonlijk niet aanwezig, maar ik had met ds. Harkema afgesproken voor te stemmen, d.w.z. net zoals we dit gedaan hebben met art. 10, n.l. om het zo s in de Kerk te brengen ter bespreking, daar we er zelf nog mee bezig zijn. In de notulen vind ik niets van dit uitdrukkelijk vragen om er voor te stemmen zonder voorbehoud. Dit is óf foutief doorgegeven door , .Trouw" of de Presses is al te geestdriftig geweest". Ik heb met opzet deze citaten zo breed weergegeven, opdat ieder belangstellende zich hierover zelf een oordeel kan vormen. Het staat m.i. wel vast, dat hier misverstand in hét spel is. De vraag rijst bij de buitenstaander, hoe het mogelijk is, dat dergelijke misverstanden ontstaan kunnen. Zou het langdurige vergaderen, dat zeer zware eisen aan de leden der Synode stelt, hier misschien een rol kunnen spelen ?

En dan rijst vervolgens de vraag, of het misschien toch maar niet beter zou zijn, dat zij, die principiële bezwaren hebben tegen een of ander, dan ook maar tegen stemmen, dan kunnen er vanzelf geen misverstanden ontstaan. Ik ben mij zeer wel bewust, dat dit wijsheid achteraf is, als men het althans nog acht wijsheid te zijn, maar de nu zo zachtjes aan opgedane ervaringen wijzen m.i. toch wel in deze richting.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 1948

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's

Legendevorming

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 1948

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's