De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

MEDITATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MEDITATIE

De naam: Jezus!

7 minuten leestijd

Zo werd Zijn naam genoemd Jezus. Lucas 2 : 21.

Wij staan aan de ingang van een nieuwjaar, voorbij is weer een jaar met al het goede en al de zegeningen, maar ook voorbij met al zijn moeiten en zorgen, met al zijn verdriet en tranen.

Achter de rug is alles, wat wij hebben doorleefd, van welke aard het dan ook geweest moge zijn.

Wat zal het nieuwe jaar ons nu brengen ? Gaarne zou ik u nu een woord van inwendige vertroosting medegeven willen voor dit nieuwe jaar, op deze nieuwe levensweg, een stok in uw hand op de pelgrimsreis, opdat gij met blijmoedigheid het nieuwe jaar intreedt en de eeuwigheid tegemoet.

Een oud jaar of een nieuw jaar, troost zullen wij allen nodig hebben, want het oude jaar heeft onze zonden niet meegenomen en onze schuld niet, ook niet onze ellende en onze dood of ons oordeel.

Daarom zij u de enige ware troost des harten welkom, de troost, die daar ligt in de naam : „Jezus".

,,Zo werd Zijn naam genoemd Jezus". Het is acht dagen na Zijn komst in het vlees, dat Jezus Christus met het teken der besnijdenis ook de reeds voor Zijn geboorte toegezegde naam Jezus ontvangen heeft.

Jezus, het was in Israël geen onbekende naam ; zo heette ook de man, die het volk uit de woestijn, door de Jordaan heen, geleid heeft in Kanaän n.l. Jozua.

Mozes heeft dat niet mogen doen, de Heere wees daartoe een Jezus aan, maar ook die heeft het volk niet gebracht in de ware rust. Gods heilig kind Jezus is het, die de ware vrede schenkt, uit de woestijn van het leven, door de Jordaan van de dood, in het Kanaän der eeuwige heerlijkheid. Jozua deed in voorafschaduwing, wat Jezus doet in werkelijkheid.

Willen wij de reis goed maken en door de Jordaan heen in Kanaän komen, dan zullen wij toch die overste Leidsman zeer van node hebben.

Wij zijn hier in een woestijn en zoals de Israëlieten brood en water ontvangen moesten van de Heere, zo moeten wij ook alles ontvangen en verwachten van de Heere. Dat wij het onze krijgen of behouden mogen ook in dit jaar, dat is alles afhankelijk van de genade van Christus, die voor ons in het vlees is gekomen.

De Heere heeft Zijn eigen Zoon niet gespaard, maar Hem voor ons allen overgegeven. zal Hij ons dan met Hem ook niet alle dingen schenken ? Dat zal Hij doen voor leven en voor sterven beide, wanneer wij bij God in de naam van die Zoon op alle dingen aanhouden.

Ook in dit jaar zullen wij zijn blootgesteld aan allerlei gevaren van lichaam en ziel, ook nu zal de duivel weer rondgaan als een briesende leeuw, zoekende of daar niet een afgedwaald schaap is of een lam om het te verscheuren ; ook nu zal Hij de kinderen Gods uit de hand van Christus zoeken te rukken, en hen trachten te ziften als de tarwe, ook nu weer zal hij elke ziel, die met haar noden tot Jezus de toevlucht nemen wil, in dat komen scheuren en verscheuren ; ook nu weer zal hij hen de zonde doen zien als kleine, vergeeflijke overtredingen. Zij zullen zich opnieuw laten aftrekken om de waarheid en de trouw Gods te verdenken, vooral dan als Zijn raad verborgen blijft en Hij dingen zal doen ervaren, die zij nu nog niet verstaan kunnen.

Ook nu wederom zal er maar een schrede zijn tussen ons en tussen de dood en wij zullen alle uren in gevaar zijn, de bijl blijft liggen aan de wortel van de boom, maar hoe lang nog ?

Met al onze zorgen zullen wij ook dit jaar geen el tot onze lengte kunnen toedoen, ach ! blijft er dan wel enige hoop over en enige zekerheid dan de naam van Hem, die gekomen is om Zijn volk zalig te maken van hun zonden ?

Ook dit jaar zal de Heere er van ons doen wederkeren tot verbrijzeling en zeggen : Keert weder, gij mensenkinderen !

Door Zijn toorn vergaan wij, en door Zijn grimmigheid worden wij verschrikt. Wij brengen onze jaren door als een gedachte. En ook dit jaar zal het weer zo zijn, en ook nu zullen wij wederom daar henen vliegen, en veler leven zal snellijk worden afgesneden.

De smarten vin het lichaam en van de ziel houden niet op, ook al zal de dood onze woning niet binnentreden, wij zullen toch door allerlei voorboden aan hem herinnerd worden. Het blijft, hoe het ook zij, een waarheid, dat het uitnemendste jaar nog is een jaar van moeite en verdriet.

En hebt gij nu enige waarborg dat gij in de woestijn van het leven niet bezwijken zult van honger, dorst, van moeite en ellende en verdriet ?

Weet gij, dat de zonde u niet zal verstrikken ?

Zult gij haar bezoldiging niet ontvangen ? Wij staan bloot aan de macht van de dood, zal de dood een ingang wezen tot het leven ?

Wat zekerheid hebben wij in leven en sterven, indien niet die naam Jezus onze zekerheid is, in Wien alleen eeuwige redding en vertroosting, volkomen verlossing van de macht van zonde, dood en hel gevonden wordt ?

Zo zullen wij dan de naam, die God aan Zijn Zoon heeft gegeven, die heerlijke naam van Jezus, Zaligmaker, Heiland, Verlosser, ook voor dit .jaar moeten aangrijpen tot onze stok en staf voor alle toestanden en omstandigheden van ons leven. Want deze naam heeft de Vader Zijn Zoon gegeven, opdat Hij Zijn volk zou zalig maken van hun zonden, opdat het door en in die naam, zolang de reis nog duurt, en in 't bijzonder als zij dit jaar een einde moest nemen, getroost zouden leven en zalig sterven:

Is die naam nu een voldoende zekerheid ?  zo vraagt mogelijk iemand. Zeker, die naam is een voldoende zekerheid, wie met Jezus Christus gaat, die gaat veilig, wie Hem heeft, die heeft licht in zijn duisternis, een rots in de zee van wereld, in de branding van twijfel, in de golven van zonde en aanvechting, ook een rots in de zee van de rechtvaardige toorn Gods, een rots der eeuwen, die onwrikbaar is, tegen wie de golven niets vermogen.

Wie die naam heeft, die heeft een sterke Held, die hem ter zijde staat, die heeft een Strijder, die voor hem overwint, een Borg, die voor hem betaalt, een Voorspraak en Middelaar, die voor hem pleit bij de Vader, een Gerechtigheid, die al zijn ongerechtigheid voor Gods aangezicht bedekt.

Wie die naam heeft, die heeft een schuilplaats tegen de wind en een verberging tegen de vloed, waterbeken in een dorre plaats.

O, die naam is een sterke toren !

Die naam Jezus nu zij u het ganse jaar door tot een zon en schild, tot een enige troost, uw grootste schat.

De Heere beware u en de uwen voor de dood, of gij moest sterven de dood uwer zonden..

Uw eigen naam en eer mogen steeds minder en minder worden. Zijn Naam en eer neme toe. Hij moet wassen en gij moet minder worden.

Laat de Naam van Jezus van u niet wijken. Jezus alleen : zo zij het.

Niets, niets verdringe Christus, geen vreugde, geen smart, geen moeite, wat dan ook.

Jezus alleen spreke uit uw ganse handel en wandel. Van Jezus alleen legge uw gehele leven getuigenis af. 

Op Jezus alleen zij uw oog gericht.

,,Zij zagen niemand dan Jezus alleen".

,,Doch Hij verloste hen om Zijns Naams wil". 

(Hierden)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 december 1948

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's

MEDITATIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 december 1948

De Waarheidsvriend | 6 Pagina's